Algemeen
Ontwikkelend bewegen Contextuele leerlingbegeleiding Contextuele benadering Ervaringsreconstructie Hyperfocus Genderstereotypering Luisteren naar jongeren Pubers begrijpen Leerlingen leren kennen Lef om te luisteren Seksuele diversiteit Luister je wel naar mŪj? Mindfulness oefeningen Mindfulness uitleg Mindfulness ineffectief Ontwikkeling jonge kind Tweelingen Ontwikkelingspsychologie Puberbrein binnenstebuiten Sociale pubers Talent binnenstebuiten Temperamentvolle kinderen Meisjes risicomijdend? Meer ruimte vrij spel Wiebelen en friemelen in de klas Zorg voor het kind
Gedragsproblemen
Tips voor gedragsproblemen in de klas - tourette Tips voor gedragsproblemen in de klas - dcd
Intelligentie
Intelligentie Structuur Test IQ-test beelddenkers IQ onderzoek RAKIT-2 intelligentietest WISC-III of RAKIT-2? Intelligentiekloof
Sociaal
Sociale ontwikkeling Aanraken van kinderen Counseling vervolggesprek Sociaal klimaat po Relatie leerling-leraar Luisteren naar leerlingen Korte counseling Weerbaarheid in gymles Schoolsucces in de brugklas Samenstelling klas SEL Inzicht in gevoelens Inzicht in anderen Sociaal emotionele vaardigheden Sociaal? Vaardig! Sociogram Groepsdynamiek Spelontwikkeling Toetsing anti pestprogramma Falen en succes Weerbaar maken
Leren
Flexibel puberbrein 21st century skills Zelfregulering po/vo Buitenschools leren De lerende mens Denken in beelden Digitale feedback Digitale feedback 2 Zelfreflectie Effect huiswerk Zelfregulerend leren Positieve feedback Feedback op emotie Handboek leren leren Hoe kinderen leren Huiswerkbegeleiding Informeel leren Intrinsieke motivatie Nurture of nature Onderwijs en leren Later keuzemoment lln. vo Leerhouding als basis Acht dimensies Leren denken Manier van leren moet kloppen Huiswerk maken Onderzoekend leren Fysieke activiteit en leerprestaties Ontwikkeling hersenen Motivatie zelfregulering studenten Optimalisering 3R studiestrategie Zelfgestuurd leren Leren met zelftoetsen Binnen- en buitenschools Verbonden schrift en blokschrift Leeropbrengsten van werken met een weektaak Beoordeling eigen leren Studeren adolescenten
Jonge kind
Ontwikkeling peuter Ontwikkeling kleuter Kleuters en spel Peuters begeleiden spel Beginnende geletterdheid
Kernkwaliteiten
De mentor als spil in de begeleiding
Hoogbegaafdheid
Misverstanden hoogbegaafdheid Onderpresteren Begaafde onderpresteerders Begeleiding hoogbegaafden Beleid hoogbegaafdheid Uitdagend onderwijs Bevorderen intelligentie Chronisch onderpresteren Differentiatie Werken met hoogbegaafde leerlingen Excellentie bevorderen Hoogbegaafd met stoornis Slimme kleuters De Gids Metacognitie VWO leerlingen Onderpresteerders Gevoelig hoogbegaafd Identificatie excellente leerling Motivationele differentiatie Invloed leeromgeving vo Verrijkingsprogramma Hoogbegaafdheid Klas overslaan Top down denken Misdiagnose van hoogbegaafden Omgaan met excellentie po Onderpresteren Passend onderwijs voor begaafden Voorspellen excellentie Extra zorgvraag Studiemotivatie VWO plus Creatief begaafd Vakspecifiek verrijken Compacten en verrijken Visies op begaafdheid
Motivatie
Autonomie counseling Motivatie MBO Drijfveren voor leren Cijfers geven Transformeren Interne sturing Autonomie en motivatie Autonome motivatie Motivatie meten Motivatie door feedback Intrinsieke motivatie Hakken in het zand StrategieŽn voor zelfregulering Zelf gereguleerd leren Zelfvertrouwen en zelfstandigheid
Hooggevoeligheid
Overprikkeld Wegwijs in hooggevoeligheid
Problemen
Aanpak probleemjongeren Achterstand autochtone doelgroepleerlingen Hechting en adoptie Kind en delict Autonomie allochtone leerlingen Bodemloos bestaan Concentratieproblemen Depressie en zelfmoord Psychiatrische diagnose Scheiding ouders Examenvrees Bureau Halt Hechtingsstoornissen Het lukt toch niet... Lage verwerkingssnelheid Integratie vluchtelingen Gezonde leefstijl Prestaties en etniciteit Motivatie leerlingen po Omgaan met agressie Vluchtelingenkinderen Onveilige hechting Opvoedwijzer Asperger Prestaties loopbanen Prestaties loopbanen zorgleerlingen Verwende kinderen Spijbelen Kinderrechter Thuiszitten leerplichtige leerlingen Getraumatiseerde kinderen Vluchtelingen begeleiding
Passend onderwijs
Diagnose label stigma Indicatiestelling Verschillen tussen leerlingen Leerlingstromen bo-sbo Op zoek naar...

 

Zeven misverstanden rond hoogbegaafdheid

Arja Kerpel

Redactielid wij-leren.nl l Projectleider bij Wij-spelen.nl

 

  Geplaatst op 1 juni 2015

Kerpel, A.(2015) Zeven misverstanden rond hoogbegaafdheid.
Geraadpleegd op 24-09-2017,
van https://wij-leren.nl/misverstanden-hoogbegaafdheid.php

Hoogbegaafden, en passend onderwijs aan hen? Elke meester of juf heeft daar wel een beeld bij. Maar… klopt dit beeld, of zijn er misverstanden?

Onze visie en houding ten opzichte van hoogbegaafdheid bepalen hoe we deze kinderen benaderen en lesgeven. Misvattingen of geringe kennis over begaafdheid zorgen ervoor dat hoogbegaafden niet het onderwijs krijgen wat ze nodig hebben en zelfs ernstig kunnen vastlopen. Wat zijn veel voorkomende misverstanden rond hoogbegaafdheid? In dit artikel komen er zeven aan bod.

Misverstand 1: Hoogbegaafden, dat zijn toch van mini-professortjes die alles weten? 

Een ervaren leerkracht zei eens tegen mij: ‘Geef jij les in de plusklas? Dat is handig, die kinderen weten alles al!’ ‘Oef…’ dacht ik toen. Zeker, begaafde kinderen weten vaak ongelooflijk veel. Maar het is een valkuil om te veronderstellen dat ze álles al weten. 

Veel mensen hebben een cliché beeld van hoogbegaafden: het zijn van die slimme, eigenwijze, betweterige professortjes. En sommigen zijn ook nog lui. Sowieso vind ik die benadering erg negatief.

Eigenwijs? Misschien een tikkeltje, maar soms komt het voort uit hun vasthoudendheid en sterke rechtvaardigheidsgevoel.

Betweterig? Het is als leerkracht niet zo leuk als zo’n kleine snotaap je verbetert, vooral niet als het op een sociaal onwenselijke manier gebeurt. Maar in veel gevallen hebben deze kids gelijk en is de leerkracht bang voor gezichtsverlies. Voel je niet gelijk aangevallen, geef aan dat je het na zult kijken en praat eventueel één op één na als de leerling het continu op een vervelende manier aan de orde stelt.

Lui? Opmerkingen als: ‘Moet je de hele zin opschrijven?' En: ‘Is het voor een cijfer?’ zal geen enkele leerkracht onbekend in de oren klinken. Maar lui, dat hangt van de taak af. Voor interessante en uitdagende opdrachten kunnen ze erg gemotiveerd zijn. Onderpresteerders, die in een negatief patroon terecht zijn gekomen, vormen hierop een uitzondering. Daar is soms geen enkele beweging in te krijgen. Maar dat is niet gek, als je telkens weer opdrachten krijgt die ver onder je niveau liggen. Het is vergelijkbaar met een volwassene, die dagelijks bladzijden uit een telefoonboek over moet schrijven. Wie zou daar nog moeite voor doen na een paar weken, of een paar jaren?

Los daarvan, hoogbegaafdheid heeft meer gezichten dan de bovenstaande negatieve omschrijvingen. Niet alle hoogbegaafden vertonen dezelfde kenmerken. George T. Betts and Maureen Neihart onderscheiden zes verschillende soorten profielen1. Van elk profiel enkele kenmerken:

  1. De aangepast succesvolle leerling. Deze leerling behaalt goede prestaties. Hij is perfectionistisch ingesteld en vermijdt risico.
  2. De uitdagend creatieve leerling. Deze leerling stelt regels ter discussie en corrigeert de leerkracht. Hij is competitief en komt op voor eigen opvattingen. Hij is ook creatief.
  3. De onderduikende leerling. Deze leerling ontkent zijn begaafdheid en vermijdt uitdaging. Hij zoekt sociale acceptatie en wisselt in vriendschappen.
  4. De risico-leerling (drop-out). Deze leerling presteert gemiddeld of minder. Hij werkt inconsistent en maakt taken niet af.
  5. De leerling met leer- en/of gedragsproblemen. Deze leerling verstoort en reageert af. Hij heeft sterk uiteenlopende resultaten op onderdelen van een intelligentietest.
  6. De zelfsturend autonome leerling. Deze leerling werkt zelfstandig en is sociaal. Hij werkt enthousiast en heeft weinig bevestiging nodig. Hij neemt risico en is creatief.

Zo’n profiel is geen hokje waarin een kind de rest van zijn leven gebakken zit. Nee, dat kan veranderen. Gelukkig maar. Want wat is mooier dan om te zien dat een drop-out verandert in een zelfstandige leerling? 

Samengevat: hoogbegaafdheid is veelzijdiger dan het beperkte beeld dat velen erbij hebben. 

Misverstand 2: Een IQ van 128? Dan is hij écht niet hoogbegaafd

Wanneer is iemand hoogbegaafd? Daar zijn verschillende theorieën over. De meeste benaderingen gaan uit van een IQ boven de 130, in combinatie met bepaalde persoonskenmerken en leereigenschappen. Een andere benadering is de theorie van Dabrowski2. Deze Poolse psychiater beschrijft hoogbegaafdheid niet vanuit het IQ, maar vanuit het ontwikkelingspotentieel. Dit komt tot uiting op vijf gebieden van gevoeligheden:

  • Psychomotorisch.
  • Zintuiglijk.
  • Intellectueel.
  • Beeldend.
  • Emotioneel.

Meer hierover is te lezen in de boekrecensie van Gevoelig hoogbegaafd. Het voert te ver om alle theorieën en definities van hoogbegaafdheid hier uit te werken. Dat is ook niet het belangrijkste als het gaat om dit misverstand.

Wat het echte probleem is: veel leerkrachten beginnen pas te rennen voor een hoogbegaafde als hij/zij een aantoonbaar IQ boven de 130 scoort op een intelligentietest. Jammer is dat. Waarom?

  • Ten eerste, omdat een IQ-test een momentopname is.
  • Ten tweede, omdat de testscore gedrukt kan worden door belemmerende factoren, zoals faalangst.
  • Ten derde, omdat je er dan vanuit gaat dat een IQ statisch is. Intelligentie is niet statisch, maar dynamisch.

Zelfs Alfred Binet, de uitvinder van de IQ-test, gaat niet uit van een vaststaande intelligentie. Een citaat van Binet3: ‘Enkele moderne filosofen (…) beweren dat intelligentie een vast omvang heeft, een omvang die niet vergroot kan worden. We moeten protesteren tegen en actie ondernemen tegen dit grove pessimisme (…) Met oefening, training en bovenal regelmaat kunnen we onze scherpzinnigheid, geheugen en inzicht vergroten en intelligenter worden dan we waren.’

Daarbij komt dat elk kind recht heeft op passend onderwijs. Een leerling met een IQ van 120, daar moet je net zo goed wat mee.

Misverstand 3: Is hij echt zo slim? Laat hij dat dan eerst bewijzen!

Een directeur zei eens tegen me: ‘Bij ons komen leerlingen met lage scores niet in de plusklas. Ze moeten eerst hun talenten maar eens laten zien.’ Zo’n opmerking geeft er blijk van dat hij het hele probleem van onderpresteren niet begrepen heeft. Want dit is een verkeerd vertrekpunt. Eerst is een uitdagend leerstofaanbod nodig, dan pas zal het kind excelleren. 

Misverstand 4: Hoogbegaafden lopen sociaal achter

‘Ze is niet sociaal zeg, ze speelt helemaal niet met andere kinderen’. Dat is een veelgehoorde opmerking. Maar: waarom speelt dit meisje niet met anderen? Het is belangrijk om dat eerst te onderzoeken. De kans is groot dat deze leerling niet op dezelfde golflengte zit als haar leeftijdsgenoten, omdat zij veel verder is in haar ontwikkeling. Onderzoek wijst uit dat kinderen met een ontwikkelingsvoorsprong ook op sociaal gebied veelal voorlopen en dat daardoor communicatiemisverstanden kunnen ontstaan.4

De sociaal-emotionele ontwikkeling wordt vaak als reden genoemd om niet te versnellen, ook al loopt een leerling op cognitief gebied twee of meer jaar voor. Terwijl een hoogbegaafde in een hogere klas mogelijk veel beter aansluiting heeft. 

Hebben hoogbegaafden dus niet zoveel problemen op sociaal-emotioneel gebied? Wijnekus (2001)5 benoemt dat problemen niet op voorhand verwacht mogen worden. Hij geeft aan dat hoogbegaafden wel een risicogroep zijn. De kans dat een kind problemen ontwikkelt, hangt af van de mate van begaafdheid.

Enkele andere onderzoeken tonen aan dat hoogbegaafde kinderen in principe niet vaker sociale en emotionele problemen hoeven te hebben dan andere kinderen, mits er rekening wordt gehouden met hun mogelijkheden.6

Als hoogbegaafde kinderen sociaal-emotionele problemen ontwikkelen, kunnen die op verschillende gebieden tot uiting komen. Alja de Bruin- de Boer en Eleonoor van Gerven (2009)7 noemen:

  • De ontwikkeling van vriendschappen
  • De aansluiting met leeftijdsgenoten
  • De ontwikkeling van sociale identiteit
  • De ontwikkeling van het zelfbeeld

Daar kunnen verschillende oorzaken voor zijn. Bijvoorbeeld:

  • Heeft scheve (te hoge) vriendschapsverwachtingen
  • Gebruikt te moeilijke woorden en begrippen
  • Ontwikkel sneller op het niveau van spelen
  • Heeft soms andere interesses
  • Heeft een hoge mate van aanpassingsgedrag
  • Heeft de behoefte om aardig gevonden te worden
  • Heeft gebrek aan cognitieve uitdaging

Hoogbegaafden lopen dus niet per definitie achter op sociaal gebied, al kunnen ze wel specifieke problemen ontwikkelen. 

Misverstand 5: Hoogbegaafden hebben geen instructie nodig

‘Uitleg geven bij een pluswerkboek? Laat die slimme kinderen het maar zelf uitzoeken!’. Die gedachte komt helaas veel voor. Soms uit onwetendheid, soms uit tijdnood. Leerkrachten hebben vaak hun handen vol aan kinderen die extra instructie nodig hebben, ze komen niet meer toe aan de vragen van begaafde leerlingen. 

Het is zeker waar dat begaafde leerlingen snel van begrip zijn, dat ze vaak aan een enkel woord genoeg hebben en veel dingen automatisch snappen. Maar… niet alles gaat vanzelf. Als zij op hun niveau werken en daarbij tegen hun grenzen aanlopen, kunnen ze net zo goed vragen hebben. Dat wil niet zeggen dat elke opdracht stap voor stap uitgelegd hoeft te worden.

Voor de meeste begaafden werkt een top-down benadering van een opdracht beter dan een bottum-up uitleg. Hoe dan ook: als ze een vraag hebben, hebben ze net zo goed recht op uitleg. Passend onderwijs biedt elk kind wat hij/zij nodig heeft. 

Misverstand 6: Verrijken? Zorg eerst maar dat het gewone werk af is 

Soms zijn leerkrachten zo bang dat hoogbegaafden iets van de leerstof missen en hiaten ontwikkelen, dat ze de lesstof niet compacten. Maar met goede richtlijnen voor compacten hoef je daar niet bang voor te zijn.

Sterker nog: verrijken zonder compacten is zinloos. Als leerlingen bovenop hun gewone werk nog een opdracht extra moeten doen, is de kans groot dat ze denken: ‘Ik werk wel iets langzamer, anders moet ik alleen maar meer doen.’ Het aanbieden van extra stof heeft dan een averechts effect.

Bij verrijken gaat het er niet om dat een leerling meer werk krijgt, maar dat hij werk krijgt met meerwaarde. Verrijking biedt kansen om leerlingen te laten bloeien. En daar gaat het om. Want onderwijs geven is geen vat vullen, maar een haard aansteken.

Misverstand 7: Als hij zo slim is, waarom kan hij dan zijn kamer niet eens opruimen?

Soms zie je slimme, getalenteerde kinderen telkens weer worstelen met simpele taken zoals huiswerk, opruimen en aankleden. Andere voorbeelden zijn het omgaan met boosheid en teleurstellingen. Hoe komt dat, ze zijn toch slim genoeg om dit te kunnen? Recent onderzoek toont aan dat bij deze kinderen hun executieve functies nog niet goed ontwikkeld zijn.8

Executieve functies… wat zijn dat precies? Het zijn de functies in je brein die het mogelijk maken dat je rationele beslissingen neemt, impulsen beheerst en kunt focussen op wat belangrijk is. Gelukkig zijn deze functies te ontwikkelen. Dat kan informeel of door een gerichte aanpak. Hoe dan ook, als een kind zwakke executieve functies heeft, is dat geen enkele reden om te twijfelen aan hun intelligentie. 

Tot slot

Zeven misverstanden rond hoogbegaafdheid, dat is niet niks. Toch zijn dit niet de enige. Met weinig moeite kun je er nog meer bedenken. Hoogbegaafdheid goed zien, begrijpen en begeleiden is een vak apart. Een spannende uitdaging voor leerkrachten en ouders… 

Noten

1 Betts, G. T. & Neihart, M. (2010). Revised profiles of the gifted and talented.

Dabrowski, K (1964). Positive Desintegration. Little: Brown & Company.

Dweck, C. (2012). Mindset, de weg naar een succesvol leven, blz. 17. Amsterdam: Uitgeverij SWP.

4 Gerven van, E. e.a.(2009). Handboek hoogbegaafdheid. Assen: Koninklijke Van Gorcum

Wijnekus, M. (2001) Diagnostische besluitvorming bij begaafde kinderen. In: J. Span, A. de Bruin- de Boer & M.C. Wijnekus, Het testen van begaafde kinderen: suggesties voor diagnostiek en behandeling. Alphen a/d Rijn: Samsom.

Lehman, E.B. & Erdwins, C.J. (1981) The social and emotional adjustment of young, intellectually gifted children. In: Gifted Child Quarterly, 25, 3, 134 - 137.

De Bruin - de Boer, A. & Gerven van, E. (2009). De sociaal-emotionele ontwikkeling van begaafde leerlingen. In: Handboek hoogbegaafdheid. Assen: Koninklijke Van Gorcum

Dawson, P. en Guare, R. (2009) Slim maar..., Amsterdam: Hogrefe.

Kerpel, A.(2015) Zeven misverstanden rond hoogbegaafdheid.
Geraadpleegd op 24-09-2017,
van https://wij-leren.nl/misverstanden-hoogbegaafdheid.php

Gerelateerd

Kindgericht onderwijs in een lerende school
Kindgericht onderwijs in een lerende school
Hoe groeit jouw school naar kindgericht onderwijs?
De lerende school 
Ontwikkeling van het Logisch denken bij Kleuters
Ontwikkeling van het Logisch denken bij Kleuters
Utrecht
Bazalt | HCO | RPCZ 
Faalangstreductietrainer PO
Faalangstreductietrainer PO
Faalangst bij basisschoolleerlingen effectief leren herkennen en reduceren
Medilex Onderwijs 
Onderpresteren
Onderpresteren: kenmerken - oorzaken - gevolgen - aanpak
Arja Kerpel
Hoogbegaafdheid
Hoogbegaafdheid - kenmerken - gedrag - tips aanpak
Arja Kerpel
Faalangst uitleg
Faalangst - Signalering en praktische tips
Arja Kerpel
Slimme kleuters
Slimme kleuters
Eleonoor van Gerven
Onderpresteerders
Onderpresteerders
Eleonoor van Gerven
Leerstof hoogbegaafden
Leerstof hoogbegaafden: moeilijk moet!
Eleonoor van Gerven
Intelligentiekloof
IQ test uitslag: Intelligentiekloof
Lisanne van Nijnatten
Visies op begaafdheid
Het verschil mag er wezen - Twee visies over begaafdheid
Eleonoor van Gerven
Uitdagend onderwijs
Beter begeleiden van uitdagend onderwijs
Eleonoor van Gerven
Top down denken
Top-down denken in onderwijs en opvoeding
Lisanne van Nijnatten
Klas overslaan
Klas overslaan / versnellen? Let op!
Teije de Vos
Differentiatie
Zij mogen allemaal leuke dingen doen
Dolf Janson
Creatief begaafd
Uitdagend onderwijs voor creatief begaafde leerlingen
Annemieke Top
Compacten en verrijken
Compacten en verrijken: Een must voor (hoog)begaafde kinderen
Lisanne van Nijnatten
Misdiagnose van hoogbegaafden
Misdiagnose van hoogbegaafden
Arja Kerpel
Mindset
Mindset, de weg naar een succesvol leven
Arja Kerpel
Slim maar...
Slim maar.. Hoe je de executieve functies kunt versterken
Arja Kerpel
Begeleiding hoogbegaafden
De begeleiding van hoogbegaafde kinderen
Arja Kerpel
Passend onderwijs voor begaafden
Passend onderwijs voor begaafde leerlingen
Arja Kerpel
Gevoelig hoogbegaafd
Gevoelig hoogbegaafd - hoogsensitiviteit bij hoogbegaafden
Arja Kerpel
Beleid hoogbegaafdheid
Slim beleid - Beleid rond hoogbegaafdheid
Arja Kerpel
Hoogbegaafd met stoornis
Hoogbegaafde kinderen met stoornissen
Arja Kerpel
De Gids
De Gids - over begaafdheid in het basisonderwijs
Arja Kerpel
Huiswerkbegeleiding
Huiswerkscholen zijn gťťn oplossing voor onderpresteren
Lisanne van Nijnatten

Vreemde talen
Wat is de relatie tussen vreemde talen en toegang tot de arbeidsmarkt?
Differentiatievormen
Leren leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs beter volgens convergente of divergente differentiatie?
Vroegtijdig verwijzen
Vroege verwijzingen naar s(ba)o: zijn deze leerlingen beter af?
Werken met hoogbegaafde leerlingen
Wat is de meest effectieve manier van werken met (hoog-, meer-) begaafde leerlingen?
Voorwaarden voor begrijpend lezen
Hoe effectief is het gebruik van leesstrategieŽn in het vmbo?
Leerlingen met ASS
Hoe kan het V(S)O bijdragen een passend toekomstperspectief bij leerlingen met ASS?
Integratie vluchtelingen
Welk onderwijs leidt tot werk op niveau voor hoger opgeleide vluchtelingen?
Tweelingen
Wat is beter voor tweelingen: in verschillende klassen of bij elkaar?
Meisjes risicomijdend?
Zijn meisjes meer risicomijdend dan jongens?
Studiemotivatie VWO plus
Studiemotivatie hoogbegaafde leerlingen in VWO-plus
Digitale leeskilometers groep 3
Leesvaardig door digitale leeskilometers in groep 3: Differentiatie door inzet van ICT
Opdrachtgestuurd leren
Differentiatie in de klas middels opdrachtgestuurd leren
Falen en succes
Van faalervaring naar leerervaring: Zijn reacties van leerlingen op lage cijfers te beÔnvloeden?
IMPROVE methode metadenken
De metadenkende leerling: effecten van de IMPROVE-methode
Optimalisering 3R studiestrategie
Optimalisering 3R-studiestrategie
GAS methodiek
GAS geven: doelgericht werken aan taal en lezen in Passend Onderwijs
Techniek en vakmanschap
Differentiatie binnen beroepsgerichte lessen Techniek & Vakmanschap
Motivationele differentiatie
Invloed van cognitieve en motivationele differentiatie bij hoogbegaafde en getalenteerde leerlingen
Excellentie
Excellentie bij samenwerkend leren in het hoger onderwijs
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
[extra-breed-algemeen-kolom2]

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.