Op welke manier kan het basisonderwijs werken met minder leerkrachten en zo min mogelijk afbreuk doen aan kwaliteit?

Geplaatst op 6 november 2021

Het stimuleren van deeltijders om meer uren te gaan werken, lijkt de beste manier om met minder personeel dezelfde kwaliteit te bieden. Daarvoor is een daling van de werkdruk nodig. Scholen kunnen dit bereiken door een duidelijke taakdefiniëring, taakafbakening en herverdeling van werkzaamheden. Vier benaderingen hiervoor zijn: functiedifferentiatie, taakdifferentiatie, grotere eenheden en taakdefiniëring. Welke van deze benaderingen het effectiefst is om het tekort aan leerkrachten op te vangen, is niet te zeggen.

Het leerkrachtentekort in het primair onderwijs is voor veel scholen een probleem en zal de komende jaren verder toenemen. Het ministerie van OCW heeft een aanpak van het lerarentekort opgesteld die bestaat uit meerdere actielijnen. Een daarvan is het anders organiseren van het onderwijs. Daar is geen blauwdruk voor; wel vier benaderingen: functiedifferentiatie, taakdifferentiatie, grotere organisatorische eenheden, en taakdefiniëring en -afbakening. Wat is van deze benaderingen bekend over de effecten op het werk van leerkrachten en op het onderwijs?

Functiedifferentiatie verhoogt werkplezier en verlaagt werkdruk

Functiedifferentiatie kan een positief effect hebben op werkplezier, stressniveau en werkdruk. Leerkrachten kunnen bijvoorbeeld worden ondersteund door een onderwijsassistent. Dat brengt wel risico’s met zich mee voor de onderwijskwaliteit. De instructie die onderwijsassistenten geven is van mindere kwaliteit dan die van de leerkracht. Ook het ondersteunen van de sociaal-emotionele ontwikkeling van leerlingen blijkt niet heel succesvol.
Het werken met onderwijsassistenten is het effectiefst als de school een duidelijke visie op hun rol heeft. En er moet een heldere taakverdeling met de leerkracht zijn. Bijkomend voordeel voor de aanpak van het leerkrachttekort is dat bijna een kwart van de onderwijsassistenten doorstroomt naar de pabo.

Taakdifferentiatie verruimt loopbaanmogelijkheden

Bij taakdifferentiatie krijgen leerkrachten in eenzelfde functie een verschillend takenpakket. Het biedt hen de mogelijkheid zich te specialiseren. Zo maken scholen gebruik van vakspecialisten in gymnastiek, muziek en drama, en science. Verder komen specialismen voor als intern begeleider of begeleider hoogbegaafdheid.
Of taakdifferentiatie leidt tot minder werkdruk is twijfelachtig. Er zijn wel andere effecten, zoals meer loopbaanmogelijkheden, verrijking van het werk en verhoging van de onderwijskwaliteit. Effecten van specialisatie op leerprestaties zijn wisselend. Dat komt vooral door verschillen tussen scholen en doordat de specialist lesgeeft aan meerdere leerlingen en daarom minder maatwerk kan bieden.

Voordelen van werken met grotere eenheden niet eenduidig

Er is geen eenduidig bewijs dat werken met grotere eenheden dan klassen helpt om het leerkrachtentekort te verminderen. Een voorbeeld van een zo’n eenheid is unitonderwijs; daar worden groepen samengevoegd in units van 70-90 leerlingen. In een unit werkt een team van leerkrachten, al dan niet in samenwerking met onderwijsassistenten en vakspecialisten. Motieven om voor unitonderwijs te kiezen zijn onder meer een aantrekkelijke pedagogische en onderwijskundige visie en het bieden van maatwerk. En als een leerkracht uitvalt kunnen collega’s dit makkelijker opvangen.

Het is niet duidelijk of er verschillen in leeropbrengsten zijn in unitonderwijs of klassikaal onderwijs. Wel zijn er aanwijzingen dat basisschoolleerlingen in unitonderwijs beter soft skills leren, zoals samenwerken, prestatievaardigheden en eigenaarschap voor hun leerproces.

Effect van taakdefiniëring en -afbakening nog diffuus

Een analyse van tijdsbesteding helpt de school om taken te definiëren en af te bakenen. De school kan dan een werkverdelingsplan opstellen en andere professionals inzetten. Ook het terugdringen van administratieve taken valt te overwegen, evenals het bijstellen van de urennorm. De relatie tussen onderwijstijd, kwaliteit en werkdruk is namelijk onduidelijk. Het aantal lesuren is niet allesbepalend en leerresultaten van leerlingen worden niet altijd beter bij meer onderwijstijd.
Of scholen waar taken helder zijn gedefinieerd en scherp zijn afgebakend met minder leerkrachten toekunnen, is niet bekend. Evenmin of medewerkers minder werkdruk ervaren.

Uitgebreide beantwoording

Opgesteld door: Frank Studulski (antwoordspecialist) en Sandra Beekhoven (Kennismakelaar(s) Kennisrotonde)
Vraagsteller: beleidsmedewerker bestuur primair onderwijs

Vraag

Op welke manier kan het basisonderwijs werken met minder leerkrachten en zo min mogelijk afbreuk doen aan kwaliteit?

Kort antwoord

De beste manier om met minder personeel dezelfde kwaliteit te bieden lijkt het stimuleren van deeltijders om meer uren te gaan werken. Daarvoor helpt het als de werkdruk daalt. Dit kan bereikt worden door een duidelijke visie op taakdefiniëring, taakafbakening en herverdeling van de werkzaamheden. Vier benaderingen hiervoor zijn: functiedifferentiatie, taakdifferentiatie, organisatie in grotere eenheden en nauwere taakdefiniëring. Welke van deze benaderingen het meest effectief is om het lerarentekort op te vangen, is op basis van onderzoek niet te zeggen.

Toelichting antwoord

Het lerarentekort in het primair onderwijs (po) is voor veel scholen een probleem en zal de komende jaren verder toenemen (CentERdata, 2019). Klassenvergroting zou in theorie een manier kunnen zijn om met minder leerkrachten toe te kunnen. Maar volgens het CPB (2016) beïnvloedt juist een fors kleinere klassenomvang de leerprestaties positief. Klassenvergroting bespreken we daarom niet als optie.
Omdat het lerarentekort urgent is, heeft OCW een aanpak personeelstekort beschreven (2017), die zich richt op zes actielijnen:

  1. In-, door- en uitstroom van de lerarenopleidingen optimaliseren;
  2. Zij-instroom bevorderen;
  3. Leraren behouden voor het onderwijs;
  4. Stille reserve aanspreken;
  5. Beloning en carrièreperspectief verbeteren
  6. Onderwijs anders organiseren en innovatieve ideeën uitwerken en uitproberen.

De vraag heeft betrekking op de zesde actielijn: onderwijs anders organiseren.
Scholen zoeken naar manieren om het onderwijs anders te organiseren. Er is geen blauwdruk voor anders organiseren. Van den Berg en Scheeren (2018) onderscheiden op hoofdlijnen drie manieren:

  • Functiedifferentiatie tussen leraren, onderwijsassistenten en leraarondersteuners
  • Taakdifferentiatie (vakspecialisten)
  • Organisatie in grotere eenheden (units, leerpleinen of domeinen)

Een aanvullende (vierde) benadering biedt de Onderwijsraad (2021). Door een betere taakdefiniëring en afbakening van de werkzaamheden (regelmogelijkheden), kunnen leraren weerbaarder worden en kunnen zij een betere balans vinden tussen invloeden van buitenaf en de eigen doelen ten aanzien van het onderwijs (Moran, 2017). De raad suggereert dat taakweerbaarheid ook kan leiden tot grotere deeltijdcontracten.
Van deze vier benaderingen gaan we na wat er bekend is over de effecten op het werk van leraren en op het onderwijs.

Functiedifferentiatie tussen leraren, onderwijsassistenten en leraarondersteuners

Functiedifferentiatie kan een positief effect hebben op het werkplezier, het stressniveau en de werkdruk van leraren. Een leraar kan worden ondersteund door een onderwijsassistent of een lerarenondersteuner. Er zijn verschillende opleidingsniveaus (niveau 3, 4, en 5) (Woldman e.a., 2018). Wel brengt functiedifferentiatie risico’s met zich mee voor de onderwijskwaliteit. De instructie die onderwijsassistenten geven is van mindere kwaliteit dan die van de leraar. Ook het ondersteunen van de sociaal-emotionele ontwikkeling blijkt uit onderzoek niet heel succesvol (Blatchford et al, 2009; KR 513, 2019).

In een onderzoek onder bestuurders bleek dat bij 88 procent van de besturen de ervaren werkdruk verminderde door de inzet van onderwijsassistenten (DUO Onderwijsonderzoek & Advies, 2019). Indirect kan de functie onderwijsassistent een positief effect hebben op het lerarentekort, omdat we weten dat 23 procent doorstroomt naar de PABO (Kurver en Driessen. 2018).
Woldman e.a. (2020) doen aanbevelingen voor het werken met onderwijsassistenten. Op hoofdlijnen komt dit neer op:

  • een duidelijke visie op de rol van onderwijsassistenten; onderlinge taakverdeling
  • goede randvoorwaarden: ruimte, tijd en middelen, professionalisering;
  • de ontwikkelwensen en doorgroeimogelijkheden van onderwijsassistenten serieus nemen.

Taakdifferentiatie (vakspecialisten)

Er is geen wetenschappelijk onderzoek beschikbaar naar de effecten van taakdifferentiatie op het verlichten van werkdruk en de effecten op leerresultaten zijn wisselend. Bij taakdifferentiatie krijgen leraren in eenzelfde functie een verschillend takenpakket; het biedt leraren de mogelijkheid zich te specialiseren in een bepaalde lesinhoud. In veel scholen kiest men er voor te werken met vakspecialisten. Specialisaties zijn: science, gymnastiek, intern begeleider, muziek en drama en ook taal en rekenen, hoewel deze laatste specialisaties niet zo veel voorkomen. De Onderwijsraad (2021) brengt op basis van ‘Scholen op de kaart’ in beeld dat vier op de vijf basisscholen specialisten als vakleerkrachten inzet (vooral voor bewegingsonderwijs en muziek). Het hebben van andere beschikbare specialisten zoals intern begeleiders of een specialist hoogbegaafdheid, komt nog vaker voor.

Of taakdifferentiatie leidt tot minder werkdruk beoordelen Woldman e.a. (2020) als twijfelachtig, op basis van ‘grijze’ literatuur. Er zijn wel andere effecten genoemd, zoals meer loopbaanpaden, verrijking en verhoging van de kwaliteit van het onderwijs door specialisatie (Woldman, 2020). De effecten op leerprestaties zijn wisselend, waarbij verschillen in uitkomst verklaard kunnen worden door de randvoorwaarden (zoals leiderschap, middelen/ tijd, cultuur en externe omgeving), maar ook doordat de specialist lesgeeft aan meerdere leerlingen en minder maatwerk kan bieden (Zie ook Kennisrotonde, 2016).

Organisatie in grotere eenheden (units, leerpleinen of domeinen)

De verwachting van werken met grote eenheden was dat het helpt het lerarentekort beter te hanteren, maar bewijs daarvoor is er niet. Over de effecten op de onderwijskwaliteit biedt onderzoek nog geen eensluidend antwoord.
Om de personeelsinzet flexibeler te kunnen hanteren, kan de school ook afstand nemen van de klassikale indeling en werken in grotere eenheden. Als een leraar uitvalt kunnen collega’s dit makkelijker opvangen. Bij unitonderwijs worden groepen van de basisschool samengevoegd in units van 70-90 leerlingen. In een unit werkt een team van leraren, al dan niet in samenwerking met onderwijsassistenten en vakspecialisten.

De precieze invulling van unitonderwijs verschilt van school tot school; veelal coacht elke leraar een eigen groep (circa vijftien tot twintig leerlingen). Voorlopers van unitonderwijs waren teamonderwijs op maat en SlimFit. Binnen de InnovatieImpuls Onderwijs (IIO, 2011-2014) waren pilots om de arbeidsproductiviteit van leraren (leerling/leraar-ratio) te verhogen. Motieven om voor unitonderwijs te kiezen zijn: een aantrekkelijke pedagogische onderwijskundige visie, het bieden van maatwerk (niveau differentiatie) of omgaan met krimp (Van den Berg & Scheeren, 2018). Heyma e.a. (2015) concluderen over de SlimFit scholen in de IIO dat de scholen (onder bepaalde omstandigheden) hogere leeropbrengsten, minder zittenblijvers, en een hogere oudertevredenheid weten te bereiken.

De verwachting was wellicht dat men met unitonderwijs het leraren tekort beter kan hanteren, maar de leerling/leerkracht ratio is niet veranderd en de werkdruk is gelijk gebleven. Dit werd geweten aan dalende leerlingaantallen en dalende budgetten, waardoor minder onderwijsassistenten konden worden aangenomen.

Op basis van wetenschappelijk onderzoek is het niet duidelijk of er verschillen in leeropbrengsten zijn bij basisschoolleerlingen in unitonderwijs en klassikaal onderwijs. Er is wel effectonderzoek voor taal en rekenen, maar de conclusies zijn niet eensluidend. Wel zijn er aanwijzingen dat leerlingen in unitonderwijs beter soft skills leren, zoals samenwerken, prestatievaardigheden en eigenaarschap bij leerlingen voor hun eigen leerproces (Heyma, et al, 2016). Het werken met meerdere leraren is een essentieel kenmerk van unit onderwijs. Het is echter niet duidelijk welke invloed het werken met meerdere leraren voor een groep heeft op de ontwikkeling van jonge leerlingen (Kennisrotonde, 2018).

Als meerdere leraren of andere professionals samen het onderwijs aanbieden is het van belang dat zij werken vanuit een gedeelde visie en betekenisgeving door te reflecteren op wat bedoeld wordt met goed onderwijs, goed lesgeven en goed leren. Het reflecteren op en betekenis geven aan onderwijskundige en pedagogische doelen heeft een positieve invloed op leerkrachtgedrag bij co-teaching. Gelijkwaardigheid en een veilig klimaat zijn daarbij belangrijke randvoorwaarden. Dit blijkt uit een onderzoek van Fluijt, Bakker en Struyf (2016) op basis van resultaten van zeventien onderzoeken naar co-teaching.

Taakdefiniëring en afbakening

Of scholen waar taken scherp zijn afgebakend daadwerkelijk met minder leraren toekunnen en of medewerkers minder werkdruk ervaren is niet onderzocht. De Onderwijsraad (2021) wijst op de mogelijkheid voor scholen om de taken van leraren beter te definiëren en af te bakenen. Het takenpakket van de school is breed en het is door maatschappelijke druk en wensen van ouders moeilijk kiezen. Op basis van tijdsbestedingsonderzoek (Vrielink en Wartenberg-Cras, 2020; Van der Aa e.a., 2020) pleit de raad voor analyse van de tijdsbesteding, een goed werkverdelingsplan en de inzet van andere professionals. Maar ook voor het terugdringen van administratieve taken. Ook de urennorm is een aspect: op basis van een internationale vergelijking van de urennorm wordt duidelijk dat de relatie tussen onderwijstijd, kwaliteit en werkdruk onduidelijk is. Een belangrijke conclusie is ook dat het aantal lesuren niet allesbepalend is en leerresultaten van leerlingen niet altijd beter worden bij meer onderwijstijd (Van der Aa, e.a., 2020).

Wanneer leraren het werk binnen het schoolteam anders kunnen verdelen, komt er meer tijd vrij voor onderwijsontwikkeling. De raad noemt daarbij ook het voorbeeld van de Alan Turingschool waar met kwaliteitskaarten handelingsafspraken zijn gemaakt (professionele standaarden van veel schoolse handelingen). Dit scheelt veel afstemming en overleg. Werkdrukverlaging kan leiden tot uitbreiding van deeltijdcontracten. Dit voorbeeld is niet evidence based, maar wel practice based (zie ook: Naaikens en Bootsma, 2018). De risicofactoren hoge taakeisen en een lage autonomie komen echter vaker voor bij het toenemen van de contractomvang. Een grotere contractomvang hangt samen met het doen van overwerk (Hummel, 2019). Een mogelijke disbalans tussen (hoge) taakeisen en (beperkte) regelmogelijkheden vergoot het risico op burn-outklachten (Wiezer et al., 2012).

Geraadpleegde bronnen 

Gerelateerd

Integrale aanpak
Duurzame Inzetbaarheid in het onderwijs
Duurzame Inzetbaarheid in het onderwijs
Loyalis is er voor werkgever én werknemer. Met oplossingen voor vitaliteit en preventie.
Uw Gids in Inkomen & Zekerheid 
congres
Burn-out bij leraren
Burn-out bij leraren
Preventie en aanpak van een (dreigende) burn-out
Medilex Onderwijs 
Whitepaper
Besteed jij aandacht aan medewerkers die jouw onderwijsorganisatie verlaten?
Besteed jij aandacht aan medewerkers die jouw onderwijsorganisatie verlaten?
Krijg jouw medewerkers duurzaam in beweging.
Mensium 
Werkdruk onderwijs
Hoge werkdruk in het onderwijs is een gevolg van het huidige organisatiemodel..
Luc Stevens
Werkdruk werkgelegenheid
Van werkdruk naar werkgelegenheid.
Marjolein Zwik
Kleine klassen hebben voordelen
Klein is fijn - Waarom kleine klassen beter werken dan grote.
Ruben du Burck
Werkdruk tips
Werkdruk? Wees zuinig op je professionals!
Machiel Karels
Reflectie-instrument voor werkdruk en werkplezier
Meer werkplezier door minder werkdruk
Alex de Bruijn
Werkdruk en administratie
De bliksemafleiders in de discussie over werkdruk
Marjolein Zwik
Werkdrukbeleving
De dooddoener die werkdrukbeleving heet...
Marjolein Zwik
Startende leerkracht
De startende leerkracht
Angela Kouwenhoven-de Waardt
Werkdruk bespreekbaar maken (1)
Werkdruk bespreekbaar maken? Doe dit met kennis van de CAO PO. Deel 1
Marjolijn van Noord
Regeldruk en administratie
Regeldruk en administratie: 5 vragen
Machiel Karels
40-urige werkweek
De 40-urige werkweek: lust of last?
Marjolein Zwik
Meester Mark -2-
Meester Mark vraagt door
Helèn de Jong
Meester Mark -1-
Meester Mark draait door - ten onder in het onderwijs
Arja Kerpel
Startende leraren in het po en vo
Startende leraren in het po en vo
Myriam Lieskamp
Druk druk druk, slimmer organiseren in het onderwijs
Druk druk druk: Slimmer organiseren in het onderwijs
Myriam Lieskamp
Leren anders organiseren
Leren anders organiseren
Machiel Karels
Drie soorten beleid
Beleid, beleid en beleid
Harm Klifman
Werkdruk bespreken
Leraren en werkdruk: waarom mopperen in de koffiekamer niet werkt
Angela Kouwenhoven-de Waardt
Vier maatregelen tegen lerarentekort
Vier maatregelen om meer onderwijzers voor de klas te krijgen
Ewald Vervaet


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Hoe kicken we af van zinloze routines? Tjipcast 018
Hoe kicken we af van zinloze routines? Tjipcast 018
redactie
Omix Webtalks met Remco Claassen - Ikologie in het onderwijs
Omix Webtalks met Remco Claassen - Ikologie in het onderwijs
redactie
Hoe organiseer je als school kwalitatief goed onderwijs? Tjipcast 044
Hoe organiseer je als school kwalitatief goed onderwijs? Tjipcast 044
redactie
Hoe krijg je hoopgeleide mensen met een WW-uitkering voor de klas?
Hoe krijg je hoopgeleide mensen met een WW-uitkering voor de klas?
redactie
Wat doen scholen aan het oplossen van het lerarentekort?
Wat doen scholen aan het oplossen van het lerarentekort?
redactie
Effect van inrichting van schoolgebouw
Wat is het effect van de inrichting van schoolgebouwen?
Werken met minder leerkrachten en kwaliteit behouden
Hoe kun je werken met minder leerkrachten en toch kwaliteit behouden?
Voelen leerlingen zich veiliger op vo in een kleine klas?
Voelen kleine klassen veiliger voor onderbouwleerlingen voortgezet onderwijs?
Leerprestaties in het vo in grotere klassen met of zonder klassenassistent
Beter grote klas met of kleine klas zonder klassenassistent?
Effectieve interventies samenstelling klassen bovenbouw havo/vwo
Hoe stel je klassen in de bovenbouw van havo/vwo effectief samen?
Voortijdige uitstroom leerkrachten en pabostudenten
Waarom stoppen pabo-studenten of startende leerkrachten ermee?
Redenen waarom leraren binnen vijf jaar stoppen
Waarom stoppen leraren soms binnen vijf jaar?
Effectieve methoden in het omgaan met culturele diversiteit
Hoe ga je om met culturele diversiteit bij politiek gevoelige onderwerpen?
Combinatie groep drie 1/2 of 4/5
Welke keuzes zijn het beste als het om combineren van klassen gaat?
Effect van vakinhoudelijke aankleding van mbo-klaslokaal
Een mbo-lokaal vakinhoudelijk aankleden: wat is het effect?
Passende professionalisering
Passend onderwijs vraagt om passende professionalisering
Ontwikkeling voorwaarden
Ontwikkeling van en voorwaarden voor Passend onderwijs
Ouderbeleid achterstandsleerlingen
Ouderbeleid in scholen met veel en weinig achterstandsleerlingen
Financiering basisscholen
De financiering van basisscholen: prikkels, doelstellingen en gedrag
Groepsgrootte
Effecten van formatie-inzet in de onderbouw van het basisonderwijs
[extra-breed-algemeen-kolom2]



basismodel taakbeleid
cao
deeltijd werken
groepsgrootte
normjaartaak
overlegmodel taakbeleid
werkdruk
werktijdfactor
werkverdelingsplan

 

Mis geen bijdragen

Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook Volg ons op instagram Volg ons op pinterest