10 vragen over de implementatie van groepsdoorbrekend werken bij de basisvakken

Machiel Karels

Directeur Wij-leren.nl | onderwijsadviseur bij Wij-leren.nl

  

machiel@wij-leren.nl

  Geplaatst op 22 mei 2020

Karels, M. (2020). 10 vragen over de implementatie van groepsdoorbrekend werken bij de basisvakken.
Geraadpleegd op 06-06-2020,
van https://wij-leren.nl/tien-vragen-implementatie-groepsdoorbrekend-werken.php

Wat is groepsdoorbrekend werken?

Bij groepsdoorbrekend werken worden er op bepaalde tijden in het rooster vakken groepsoverstijgend georganiseerd. Dit kan zowel op niveau als in heterogene groepen zijn.

In het artikel “Van methodeslaaf naar didactisch expert” gaf ik aan dat groepsdoorbrekend werken een oplossing is om een deel van problemen met het leerstofjaarklassensysteem te ondervangen. In dit artikel werk ik een aantal praktische vragen uit die de implementatie van groepsdoorbrekend werken oproept.

Waarom groepsdoorbrekend werken?

De niveauverschillen in een jaargroep zijn te groot om nog werkbaar te zijn. Ze zorgen voor werkdruk bij leraren en frustraties bij leerlingen. Je kan groepsdoorbrekend werken dus zien als een oplossing van dit steeds groter wordende probleem. De instructies zijn in niveaugroepen namelijk meer afgestemd op het niveau van de leerlingen. De instructies zijn dus meer betekenisvol voor leerlingen omdat ze aansluiten op hun competentieniveau. Niveaugroepen kunnen ook kleiner zijn en ook dit zorgt voor meer betrokkenheid.

Je kunt groepsdoorbrekend werken op niveau goed gebruiken als opstap naar steeds wisselende flexibele instructiegroepen. Pedagogisch en didactisch gezien is dat het ideaal, maar dat vraagt wel het een en ander aan voorwaarden qua leraarvaardigheden, leerlingvaardigheden en organisatie van het onderwijs.

"De niveauverschillen in een jaargroep zijn te groot om nog werkbaar te zijn. Ze zorgen voor werkdruk bij leraren en frustraties bij leerlingen."

Voordelen groepsdoorbrekend werken:

  • Betere afstemming op niveau leerling
  • Minder differentiatiedruk binnen huidige groepen
  • Gezamenlijke verantwoordelijkheid voor de leerlingen
  • Leerlingen leren opereren binnen flexibele groepen
  • Overleg en afstemming tussen leraren in structuur opgenomen

In het vijf-varianten model is groepsdoorbrekend werken een van de eerste stappen op weg naar kindgericht onderwijs. In onderstaand schema zie je hoe een dichtgetimmerd rooster (blauw gekleurd) verandert in een situatie van stamgroepen en groepsdoorbrekende niveaugroepen. Zie voor meer informatie hierover het artikel 'Kindgericht onderwijs in een lerende school'.

Hoe ziet groepsdoorbrekend werken er uit?

De dag wordt begonnen in de stamgroep. Het vak waarmee groepsdoorbroken gewerkt gaat worden, staat dus bij alle groepen op dezelfde tijd op het rooster. Leerlingen die in een andere groep gaan werken, nemen hun laatje met daarin hun spullen van het betreffende vak en gaan naar de groep waar ze moeten werken.

In principe wordt er met dezelfde werkboeken en materialen en devices gewerkt. Dat staat namelijk los van het organisatiemodel waarin de lessen worden gegeven. Het is wel zo dat digitaal adaptief oefenmateriaal zoals Snappet, Gynzy Kids, Rekentuin en Muiswerk het organiseren van de instructies vergemakkelijkt, omdat leerlingen eenvoudig een tijdje op hun eigen niveau zelfstandig kunnen oefenen als de leraar met een andere niveaugroep bezig is.

Een belangrijk nadeel van digitaal oefenmateriaal is overigens wel dat het vaak om het antwoord draait, terwijl het oplossingsproces juist erg belangrijk is bij rekenen. In dat verband is samenwerken in kleine groepjes in veel gevallen effectiever dan individueel verwerken, aangezien verwoorden, leren van elkaar en interactie erg belangrijk zijn bij het rekenproces.

En als het systeem teveel sturend en leidend is, is er van eigenaarschap over het eigen leerproces geen sprake. Leerlingen worden daardoor teveel consument gemaakt, terwijl je hen juist wil activeren om zelf te denken en te handelen.

Het is mogelijk om de methode te blijven hanteren zoals gebruikelijk. Dit is wel afhankelijk van de methode die gebruikt wordt en hoe flexibel die in te zetten is. Over het algemeen zijn methodes nogal fragmentarisch opgezet en dat is lastig voor het consolideren van de kennis van de leerlingen. Inzicht in de samenhang van de lesstof kan daardoor ook veel minder benut worden, terwijl dat juist erg belangrijk is bij het rekenonderwijs.

Daarnaast suggereren methodes dat leerlingen in dezelfde tijd en met dezelfde hoeveelheid oefenstof door de lesstof heen gaan. Dat is ook bepaald niet het geval. Dus flexibel hanteren van de methode door bijvoorbeeld lesstof te clusteren ligt voor de hand.

Als de methode gebruikt wordt, is het wel aan te bevelen om het tempo van de methode aan te houden en daar schoolbreed gelijk in te lopen. Pas als je als lerarenteam goed weet hoe e.e.a. werkt, kan je afspraken maken over versnellen of vertragen met een niveaugroep. Je moet dan bijvoorbeeld helderheid hebben over de uitstroomniveaus van de diverse doelgroepen.

Wat betreft het handelend rekenen, zijn er in grote lijnen twee werkwijzen mogelijk. Het meest gangbare is om het handelend rekenen gewoon te doen binnen de instructies die aan de orde zijn. Daar is door het werken op niveau ook meer rust en ruimte voor. Een andere optie is om het handelend rekenen op een vaste dag in de week te doen. Dan kan er nog meer tijd voor worden uitgetrokken. Tijdens de instructies bij de lessen, kan er op deze momenten teruggegrepen worden.

In de groepen 1 en 2 wordt idealiter heel veel spelend geleerd. Het ligt dus niet voor de hand dat deze groepen meedraaien in het groepsdoorbrekend werken van de midden- en bovenbouw als het gaat om de basisvakken. Het is wel goed om de scheiding tussen groep 1/2 en groep 3 minder groot te maken. Dit moet dan echter beide kanten op gebeuren, door bijvoorbeeld meer spelend te blijven leren in groep 3.

Wat betekent dit voor het personeel?

Voor leraren betekent groepsdoorbrekend werken dat ze meer samen zullen werken met hun collega’s. Dat is bewezen werkdrukverlagend en het is ook goed voor het leerproces van het team. Je bent niet meer alleen verantwoordelijk voor je eigen groep, maar collega’s delen een deel van de verantwoordelijkheid voor een deel van de leerlingen. Je blijft wel eindverantwoordelijk voor je stamgroep. Je eventuele worstelingen met bepaalde leerlingen rond leerstof of gedrag, kun je nu gemakkelijker delen en van elkaars aanpak leren.

Onderwijsassistenten kunnen breder ingezet worden doordat scholen bewuster omgaan met instructieonafhankelijk werken. Er kunnen ook speciale ruimten worden ingericht waar leerlingen de leerstof zelfstandig verwerken.

Groepsdoorbrekend werken voorkomt frustratie en verveling bij leerlingen en is bewezen werkdrukverlagend voor leraren.

Zijn er niet te grote leeftijdsverschillen in de niveaugroepen?

Dit is inderdaad een belangrijk pedagogisch aandachtspunt. Je kan bijvoorbeeld afspreken dat er van sommige niveaus meerdere groepen zijn, om de leeftijdsspreiding niet te groot te maken. Overigens hangt dit sterk af van het pedagogisch klimaat en van de andere vakken en stamgroepen die er zijn. Als er in de school heel flexibel gewerkt wordt met basisvakken en het zaakvakonderwijs, zullen de leerlingen een grotere bandbreedte qua leeftijdsverschil gewend zijn.

Wie geeft instructies en hoe organiseer je die?

Op zich hoeft er niets te veranderen aan de personen die de instructies geven. Iedere leraar bedient de niveaugroepen die in zijn of haar klas zitten. Doordat er echter flexibeler georganiseerd wordt, kan er wel nagedacht worden over een slimme inzet van onderwijsassistenten die bijvoorbeeld aanwezig zijn voor de begeleiding van de niveaugroepen die op een bepaald moment geen instructie hebben.

Als je het onderwijs flexibeler en groepsdoorbrekend organiseert, kun je ook de verschillende kwaliteiten van leraren beter benutten. Hoe mooi zou het zijn als didactisch sterke leraren een zwaardere rol krijgen bij de instructies of grotere niveaugroepen toebedeeld krijgen.

Je kunt de instructies eenvoudig organiseren door te werken met het volgende model:

Je start dan vanuit rust, waarbij de leerlingen zelfstandig bezig zijn met lesstof die ze al beheersen en die verder ingeoefend moet worden. Dit kan bijvoorbeeld eenvoudig met adaptief digitaal oefenmateriaal.

Vanuit die rust kan je de eerste niveaugroep aanspreken en met deze leerlingen aan de slag gaan. Hier komt het directe instructiemodel om de hoek kijken, want je kan dit natuurlijk goed als instructiemodel gebruiken om je instructie vorm te geven. Na de instructie aan de eerste niveaugroep, maak je een korte loopronde en vanuit die rust ga je aan de slag met de volgende niveaugroep.

Of je een derde niveaugroep hebt of de eerste groep weer instructie geeft, dat hangt helemaal af van de indeling en de situatie op school.

Is een niveaugroep onderhandelbaar met ouders?

De indeling in niveaugroepen en de inrichting van het onderwijsleerproces is de verantwoordelijkheid van de school en daarin verandert niets. Groepsdoorbrekend werken in niveaugroepen maakt de indeling in niveaugroepen niet opeens onderhandelbaar met ouders. Natuurlijk is het wel belangrijk dat school en ouders op dezelfde lijn zitten, maar dat is een ander thema.

Wanneer wordt de niveau indeling geëvalueerd?

Veel scholen hanteren een halfjaarlijkse evaluatie, aansluitend bij de toetsperiode. Dan kunnen leerlingen eventueel ook van niveaugroep wisselen. Tussentijds schuiven moet ook mogelijk zijn als daar aanleiding toe is.

De resultaten van de meest recente Cito toets kan als startpunt informatie geven over de indeling in het juiste niveau. Hiervoor kan bij de betreffende toets gekeken worden naar het functioneringsniveau. (FN) Het overzicht ‘vaardigheidsgroei’ is hiervoor geschikt. Het is dus niet zo dat bij de eerste indeling standaard de ‘onderkant’ van de groep een niveau lager gaat werken en de ‘bovenkant’ van de groep een niveau hoger. Dit kan namelijk nog wel te hoog of te laag zijn.

Het ligt voor de hand om voortaan de toets af te nemen van het leerjaar/niveau waarop de leerling werkt. Door op individuele overzichten te kijken naar vaardigheidsgroei en functioneringsniveau, blijft er een goede vergelijking met de eigen ontwikkeling en met andere leerlingen mogelijk. Hierdoor zijn ook de vergelijkingen met historische gegevens mogelijk.

Het is wel van belang om inzichten uit de Cito toets aan te vullen met bijvoorbeeld een instrument als Bareka om inzicht te krijgen in de onderdelen van de leerstof die al dan niet beheerst worden. Ook de overzichten uit het digitale oefenmateriaal zijn hierin van belang.



Bareka rekenmuurtje geeft inzicht in beheersing van rekenonderdelen.

Wat betekent dit voor de schoolorganisatie / kwaliteitszorg?

Doordat er flexibeler gewerkt gaat worden met de basisvakken, zullen veel op groepsnormeringen gebaseerde evaluaties niet meer passend zijn. Er zal dus meer gekeken moeten worden naar het leerpotentieel en de leergroei van individuele leerlingen. Dit is in lijn met het nieuwe denken in kwaliteitszorg en sluit nauw aan bij het huidige inspectiekader. Zie ook onderstaand schema uit het artikel: "Kindgericht onderwijs vraagt inzicht in het leerpotentieel van kinderen".

Hoe halen we bij de start de lesstof in die nog niet aan de orde is geweest?

Bij de start van groepsdoorbrekend werken zijn er leerlingen die verder geplaatst worden qua niveau dan dat ze op het startmoment zijn. De lesstof die ze nog niet hebben gehad en deel beheersen, kan dan een probleem worden. Welke leerstof dat is, kan achterhaald worden door gebruik te maken van de methodetoetsen, een diagnostische toets zoals Bareka of een overzicht uit het adaptieve digitale leermateriaal. Er kan een korte periode van ‘inwerken’ gebruikt worden om bij de leerlingen met deze leerstof te oefenen.

Valkuil: vertragen

Let op dat leerlingen niet onnodig gaan vertragen. Houd goed zicht op de groei van de leerlingen door specifieke overzichten uit het LVS. In ParnasSys bijvoorbeeld het overzicht ‘Leerlinganalyse’ en dan met niveauwaarden opvragen. Of het nieuwe overzicht ‘Vaardigheidsgroei’ en daar het groeipercentage tonen. Als er behoefte aan is, kan ik daar in een volgend artikel wel een aantal suggesties voor geven.

In lijn daarmee is het belangrijk om te doordenken welk niveau de diverse doelgroepen minimaal moeten halen aan het einde van groep 8. Hier zijn doorgaans al criteria voor beschikbaar op school. Zo moeten de leerlingen met een VMBO profiel minimaal de lesstof van eind groep 6 beheersen.

Voer je dit meteen voor de hele school in?

Als het om organisatorische redenen handiger is om dit per bouw in te voeren, is dat natuurlijk mogelijk. Punt is echter wel dat er dan relatief wat meer niveaugroepen zullen zijn, omdat je de andere bouw er niet bij hebt om de niveaus te verdelen. En je moet dan naderhand de groepen weer herindelen als de andere bouw gaat meedoen. Als er al met een bouw begonnen wordt, ligt het voor de hand om te starten met de bovenbouw, aangezien de niveauverschillen daar het grootst zijn. Ook groep 8 draait hierin mee, anders werkt het organisatorisch qua aantal niveaugroepen niet.

Karels, M. (2020). 10 vragen over de implementatie van groepsdoorbrekend werken bij de basisvakken.
Geraadpleegd op 06-06-2020,
van https://wij-leren.nl/tien-vragen-implementatie-groepsdoorbrekend-werken.php

Gerelateerd

opleiding
6-daagse opleiding tot taalcoördinator
6-daagse opleiding tot taalcoördinator
Coördinator, coach en deskundige binnen het taal-leesonderwijs
Medilex Onderwijs 
adviestraject
Kindgericht onderwijs in een lerende school
Kindgericht onderwijs in een lerende school
Hoe groeit jouw school naar gepersonaliseerd onderwijs?
Wij-leren.nl schoolontwikkeling 
Dimensies van onderwijs
Dimensies van onderwijs
Machiel Karels
Homogeen of heterogeen groeperen
Homogeen en heterogeen groeperen bij ontwikkelingsgericht onderwijs
Dolf van den Berg
Leerstofjaarklassensysteem is failliet!
Het leerstofjaarklassensysteem is failliet!
Machiel Karels
Kindgericht onderwijs
Kindgericht onderwijs in een lerende school
Machiel Karels
Van methodeslaaf naar didactisch expert
Van methodeslaaf naar didactisch expert
Machiel Karels
Toekomstbestendig onderwijs
Deze 12 onderwijsveranderingen zijn kindgericht en toekomstbestendig
Machiel Karels
Onderweg naar kindgericht onderwijs
Successen realiseren - onderweg naar kindgericht onderwijs
Dolf Janson
Systeemcrisis in het onderwijs
Het onderwijs verkeert in een systeemcrisis
Machiel Karels


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Wat is de oorzaak van de niveaudaling van ons onderwijs? Tjipcast 034
Wat is de oorzaak van de niveaudaling van ons onderwijs? Tjipcast 034
redactie
Schoolontwikkeling in een video van één minuut uitgelegd
Schoolontwikkeling in een video van één minuut uitgelegd
redactie
Hoe kunnen organisaties spelend veranderen? Tjipcast 022
Hoe kunnen organisaties spelend veranderen? Tjipcast 022
redactie
Leeropbrengst unitonderwijs versus klassikaal onderwijs
Welk verschil in leeropbrengst is er tussen unit- en klassikaal onderwijs?
Kenniswerkplaatsen bijdrage aan professionele school
Wat voegen kenniswerkplaatsen toe aan schoolontwikkeling?
Aanwezigheid van leerlingen bij gesprekken
Zorgt aanwezigheid van leerlingen bij gesprekken voor meer betrokkenheid?
Kijkwijzer voor leraren
Kijkwijzers, hoe helpend zijn ze voor leraren?
De leraar als ontwerper van het curriculum
Hoe maak je van een leraar een goed ontwerper?
Samenwerkend leren inzetten
Hoe zet je samenwerkend leren goed in?
Invloed wisselende leerkrachten op jonge kind
Wisselende leerkrachten op één dag: heeft dat invloed op het welbevinden?
Versnellers op het mbo
Versnellen op het mbo: hoe organiseer je dat?
Leerachterstanden leerwegondersteunend onderwijs
Hoe los je effectief leerachterstanden op in het leerwegondersteunend onderwijs?
Rekening houden met verschillen tussen mbo-studenten
Hoe houd je rekening met verschillen tussen mbo-studenten?
Professionele ruimte
Zeggenschap en professionele ontwikkeling van docenten in het voortgezet onderwijs
Opdrachtgestuurd leren
Differentiatie in de klas middels opdrachtgestuurd leren
Samenwerken met STIP
Samenwerken in homogene en heterogene groepen in primair onderwijs
Didactische vormgeving
Didactische vormgeving van interactieprocessen voor samenwerkend leren
Perspectieven kwaliteit
Perspectieven op kwaliteit van onderwijs
[extra-breed-algemeen-kolom2]




Groepsdoorbrekend werken



Inschrijven nieuwsbrief


Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.