Over de proces- en productgerichte evaluatie van het leesonderwijs

  Geplaatst op 10 januari 2022

De meeste traditionele leestoetsen geven alleen inzicht in het eindproduct van het denken en evalueren niet in de kwaliteit van het proces van het denken bij het lezen. Het hardopdenkend lezen leent zich bij uitstek voor procesmatige evaluatie van en aansluitende hulp bij het lezen. Jeffrey Wilhelm gebruikt in zijn praktijk de hardopdenken-methode procesgericht met het oog op de evaluatie van meerdere onderwijsaspecten:
  • Het leesplezier en leerlingen die elkaar beter leren kennen door met elkaar te lezen en te praten;
  • De observatie van het leesproces van leerlingen;
  • De keuze voor de groepering bij het hardopdenkend leren lezen: de hele klas, in kleine groepjes en voor individuele instructie;
  • Het clusteren van leerlingen met dezelfde leerbehoeften en het veranderen van de groepssamenstelling; 
  • De zelfevaluatie door de leerlingen en de onderlinge evaluatie tussen de leerlingen van het hardopdenkend lezen met leesstrategieën en het delen van kennis;
  • Een leesportfolio van de leerlingen; 
  • De vooruitgang in het denkend lezen van leerlingen;
  • De geschreven evaluaties en opmerkingen voor ouders;
  • Het onderzoek naar de geschiktheid van bepaalde lees- of onderwijsvormen voor hardopdenkend leren lezen en dus ook voor observatie in de klas.

Productgerichte evaluatie

'Toen ik op een voorlichtingsavond voor ouders van leerlingen van groep 8 de toets van het vorige jaar kon inzien viel me de gelijkenis op met een intelligentietest. In ieder geval viel mij ook het gebrek aan intellectuele en culturele inhoud op. Wat ik zag bij een onderdeel begrijpend lezen waren volledig betekenisloze fragmenten over Jantje en Bartje, niet geselecteerd om hun inhoud, maar louter om hun functie bij het toetsen van tekstbegrip. Een gemiste kans om onze leerlingen te verrijken.' (Michiel de Ronde, Hoe en wat; een pleidooi voor betekenisvolle kennis; Vakwerk, 2009). Laten we eens verder kijken naar de inhoud van voormalige leestoetsen. De volgende tekst met toetsopgave kwam voor in een oude toets Begrijpend lezen van CITO.

Poezenhotel

1 Mevrouw Baake heeft een poezenhotel. Ze vindt dat poezen ook eens
2 vakantie moeten. Poezen sloven zich een heel jaar uit voor hun baas, ze
3 geven kopjes, ze spinnen, ze kruipen op schoot, noem maar op. Volgens
4 mevrouw Baake is het daarom nodig dat poezen eens op vakantie kunnen.
5 Ze wil dat ze eens tot rust komen in deze jachtige tijd. Dat kan dus. 
6 In haar hotel kunnen katten het zeer naar hun zin hebben. Er is een vijver
7 met een zonne-eiland onder een soort zonnebank en er zijn speeldingen
8 Maar dat is nog niet alles.
9 Mevrouw Baake wil ook oudere dames en heren uitnodigen om met 
10 poezen en katers te komen knuffelen. Dat is leuk voor de katten en het is
11 ook leuk voor mensen die geen eigen huisdier meer kunnen houden. Op
12 die manier kan het een echte vakantie worden en volgens mevrouw Baake
13 hebben sommige poezen dat hard nodig.
 
Hoe denkt de schrijver over het plan van mevrouw Baake?
 
A De schrijver is bang dat het plan zal mislukken.
B De schrijver vindt het een belachelijk plan.
C De schrijver vindt het een prachtig plan.
D De schrijver zegt niet wat hij van het plan vindt.
 
Een tekst en een opgave uit de oude Cito-TBL, Toets 3.
 
Dit soort van productgerichte Tekst - Opdracht - Antwoord - toetsen vormt een probleem. Het gaat om een verhalende tekst met zaakvakachtige, tekstverklarende vragen achteraf. Deze manier van lezen en met vragen omgaan is bij ervaren lezers vrij ongebruikelijk. En om de vragen te kunnen beantwoorden moet je na het lezen opnieuw de tekst doorzoeken om ze te kunnen beantwoorden. 
Regelmatig worden er daarbij vragen gesteld over onderwerpen waarover leerlingen nog geen voorkennis hebben. Je toetst dan voornamelijk kennis en geen leesvaardigheid.

Nieuwe toetsen

Vanaf januari 2007 is CITO gestart met de uitgave van nieuwe toetsen voor begrijpend lezen (Cito werkt regelmatig aan vernieuwing van toetsen). De visie op begrijpend lezen die in deze toetsen wordt gehanteerd luidt kortweg als volgt:
  • Tekstbegrip: de wisselwerking van tekstgestuurde + kennisgestuurde betekenis.
  • Tekstgestuurd: de betekenis van woorden, woordgroepen, zinnen, alinea’s en hun betekenisrelaties.
  • Kennisgestuurd: voorkennis + impliciete informatie.
  • Het beantwoorden van meerkeuze-opgaven.
  • Strategisch lezen wordt niet rechtstreeks getoetst.
  • Het gaat volgens het CITO niet om hét begrijpend lezen.
  • De toetsen bevatten meerkeuzevragen (Het is uit onderzoek bekend dat dyslectische leerlingen veel moeite hebben met meerkeuzevragen, zonder voldoende context). De volgende opgavenvormen komen voor:
    • Eerste zin van de tekst vinden uit een aantal door elkaar staande zinnen uit een tekst.
    • Het goede woord uit alternatieven op een lege plaats van een zin in een tekst kiezen.
    • Een vraag over een verhaal beantwoorden.
In een deel van de opgaven staat volgens CITO de inhoud, het 'wat' van de tekst centraal: de feiten en gebeurtenissen waarover de tekst gaat. Heel belangrijk voor de betekenis van een tekst is ook het 'hoe' van de tekst: de kenmerken van de taalgebruiksituatie waarin gecommuniceerd wordt en die dus te maken hebben met de schrijver, zijn doelen en zijn publiek: de lezers.
 
Dergelijke nieuwe toetsen zouden voorzien in een brede dekking van de kern- en tussendoelen. Er worden allerlei teksttypen en -genres gebruikt (?) en er worden meerdere (drie?) opgaventypen en -vormen gebruikt. De toetsen zouden opgaven bevatten voor de eerdergenoemde tekst- en kennisgestuurde verwerkingsprocessen. 
 
Of een leerling zijn leestempo aan de tekst aanpast, of hij bij zijn leesdoel de juiste aanpak kiest, of hij al dan niet aangeleerde handelingsvoorschriften inderdaad hanteert, deze aspecten van leesvaardigheid worden volgens CITO in de toetsen niet bestreken; althans niet rechtstreeks, natuurlijk wel indirect volgens het CITO. Het is de vraag of deze opvatting over begrijpend lezen en toetsen past bij de opvattingen die in diverse moderne methoden voor begrijpend lezen worden gehanteerd.

Discussie over Cito-leestoetsen

De oude TBL van het CITO stelt leerlingen onder andere vragen ná het lezen. Het gaat om het werken met teksten, met na de tekst de achterafvragen, waar een leesdeskundige als Richard Allington in Amerika negatief over is; vragen waarop je de tekst niet hebt gelezen, waardoor je eigenlijk de tekst opnieuw moet gaan lezen op een heel specifieke wijze: het vinden van antwoorden op onverwachte vragen van een ander. Een leeswijze die we in het dagelijks leven niet vaak toepassen, want voor betekenisvol lezen bedenken we meestal zelf eigen nieuwsgierige vragen en bouwen bij een tekst onze eigen betekenis op en wisselen die met anderen uit. En dat is sterk afhankelijk van de voorkennis over het onderwerp van de toets.
 
Ook blijkt uit onderzoek dat 80% van ons dagelijks lezen bestaat uit het lezen van korte teksten. Het lezen van testen beschouwen Harvey en Goudvis zelfs als een apart leesgenre. Voor Amerika zijn zij verder bezorgd over de toenemende hoeveelheid tijd en energie die besteed moet worden aan toetsen en toetsvoorbereiding. Er is in dat land een uitgebreide toetsindustrie ontstaan. En daarmee ontstaat het risico dat de testen het leerplan gaan bepalen. We moeten daar ook voor Nederland ook eens goed over doorspreken: wanneer wel en niet een summatieve toets en wat meet die eigenlijk?
 
Ook de nieuwe toetsen begrijpend lezen van CITO leken niet te appelleren op de procesmatige en strategische manier waarop met begrijpend lezen in nieuwe methoden voor begrijpend lezen wordt omgegaan; dat wordt niet direct gemeten, maar volgens CITO wel indirect. De nieuwe TBL-toetsen lijken dus niet op een directe wijze met het procesmatige model van lezen te werken, waarbij je om goed te lezen voor, tijdens en na het lezen op bijzondere manier moet nadenken. Hierbij gebruik je leesstrategieën. Daardoor krijg je grip op de tekst en kun je, indien dit je leesdoel is, ook beter onverwachte vragen over de tekst beantwoorden. 
 
Zou CITO ook meer procesmatig moeten toetsen en is dat mogelijk op een betrouwbare en praktisch haalbare wijze, aansluitend bij de diversiteit aan leesmethoden in Nederland? 
 
De manier van toetsen bij teksten in de oude (en de nieuwe?) TBL zou misschien passen in een zaakvakmethode, waarbij leerlingen een tekst moeten lezen met het leesdoel om er van te leren en dat toets je dus met de betreffende bijzondere onverwachte gesloten ’leervragen achteraf’ (het 'beruchte' tekstverklaren). De productgerichte opvatting over lezen, het achteraf beantwoorden van vragen van anderen, is ook in veel leesonderwijs nog dominant. 
 
De vraag is of dit een genuanceerde opvatting is die leidt tot lezen met begrip. Het zou verder een gelegenheids (verlegenheids) redenering kunnen zijn te beweren, dat leerlingen die met procesmatige methoden begrijpend leren lezen, ook de toetsen van de TBL goed moeten kunnen maken. Daar zijn in onderzoek echter overigens wél aanwijzingen voor. 
 
Er zou ook onderzocht of verklaard moeten worden of ze voldoende aansluiten bij recente opvattingen over leren lezen en of de opgaven een betrouwbare representatie vormen van zinvol begrijpend lezen en het ook leesmotiverend werkt. We nemen altijd aan dat CITO daar heel goed over nagedacht heeft en dat de toetsen valide en betrouwbaar zouden moeten zijn. Maar wie checkt dat? De COTAN? 
 
Op zijn minst moet onderzocht worden of en welke discrepantie er bestaat tussen de CITO - toetsen voor begrijpend lezen en de manier waarop het lezen met begrip in recente leesmethoden is uitgewerkt en wordt getoetst. Er wordt namelijk in de onderwijspraktijk vaak een discrepantie geconstateerd tussen de resultaten op methodegebonden en methodeonafhankelijke leestoetsen. Misschien is dit overigens onvermijdelijk.
 
Dat heeft onder andere te maken met de grote diversiteit aan methoden in Nederland. Is het inderdaad zo dat als deze methoden worden gevolgd, de leerlingen goed scoren op de toetsen begrijpend lezen van het CITO? Of wordt in de methodegebonden criterumtoetsen (uiteraard?) iets anders gemeten dan hetgeen de leerlingen volgens CITO of PISA moeten laten zien? Is het dan juist niet aan de leesmethoden om vooral denkprocessen te toetsen en aan een methode-onafhankelijke toets productgericht te toetsen? 
 
Het lijkt er op dat ook de nieuwe CITO-toetsen voor begrijpend lezen weer anders toetsen dan de leerlingen gewend zijn (net als in de oude versie) en dat er dan wellicht toch weer geoefend moet worden op toetsvaardigheid. De enige oplossing voor scholen wordt dan om tijd uit te trekken voor toetstraining. Harvey en Goudvis vinden dit soort van lezen een apart leesgenre. Moeten we daar blij mee zijn? We willen nog wel eens discussiëren over de vraag of de methodegebonden toetsen niet de processen moeten toetsen en ook een beetje het effect van het doorlopen van die processen en de CITO-toetsen alleen de leesdoelen. Maar toetst CITO de leesdoelen die in leesmethoden worden onderwezen? 

 
We zijn ook vooral geïnteresseerd in dat wat je uiteindelijk zult gaan doen met de toetsen en de toetsgegevens van methodeonafhankelijke en methodegebonden toetsen. Veel CITO-toetsen leveren eigenlijk weinig inhoudelijke informatie op om passend onderwijs te bieden, maar daar zijn de toetsen waarschijnlijk ook niet voor bedoeld. Dat moet dan ook niet gesuggereerd worden; het gaat immers alleen om signalering. Omdat productgerichte Cito-leestoetsen nog wel lang in zwang zullen blijven, komen we er niet onderuit om het zogenoemde CITO-lezen als een apart leesgenre met de leerlingen te oefenen.

Moderne didactische kader in het leesmethoden

Op veel scholen worden recente methodes voor begrijpend lezen gebruikt zoals Tussen de regels, Leeshuis, de nieuwe Goed Gelezen, de nieuwe Tekstverwerken, Lezen in beeld en Grip op lezen. In deze methoden wordt meestal gewerkt met een leesmodel van voor-, tijdens en na het lezen, met een onderscheid tussen leesdoelen en leesstrategieën. 
 
In Tussen de regels ziet de procesmatige aanpak van lezen er bijvoorbeeld als volgt uit:

Leesvaardigheden vertaald in leesvragen

tekstvaardigheid tekstvraag  
denkvaardigheid denkvraag        
Tekst verkennen
Hoe ziet de tekst eruit?
 
Tekstsoort bepalen 
Wat voor tekst is het?
  Voor
Voorkennis activeren
Wat weet ik al?
 
Voorspellen
Kan ik voorspellen?
 
Betekenis van moeilijke woorden bepalen 
Zie ik moeilijke woorden?
 
Betekenis van verwijswoorden bepalen
Zie ik verwijswoorden?
 
Functie van verbindingswoorden bepalen 
Zie ik verbindingswoorden?
 

 Tijdens 
Begrip controleren 
Begrijp ik de tekst?
 
Vragen stellen
Wat kan ik vragen?
 
Conclusies trekken 
Kan ik doordenken?
 
Hoofdgedachte bepalen
Waarover gaat de tekst?
 
Verloop fictie bepalen 
Hoe verloopt het verhaal?
 

    Na
Beoordelen
Wat vind ik?
 
Koppelen aan eigen kennis
Herken ik dat? Weet ik nu?
Bron: Tussen de regels, Zwijsen
 
De toetsing gaat in moderne methoden voor begrijpend deels anders dan bij CITO. We geven enkele toetsitems vóór het lezen in Leeshuis begrijpend en studerend lezen, groep 5:
 

Toetsing in Leeshuis

 

 
1 Zij praten over lezen. Wie heeft gelijk? Kruis aan.
 
2 Bekijk tekst 1. Lees de titel en bekijk de plaatjes.
    Wat voor tekst is het?
    Waar zie je dat aan? Je mag meer rondjes aankruisen.
  • aan de vorm van de tekst
  • aan de titel
  • aan de alinea's
  • aan de plaatjes
  • aan de kopjes
3 Bekijk tekst 2. Lees de titel en bekijk het plaatje. Wat voor tekst is dit? Kruis aan.
  • een raadsel 
  • een instructieve tekst
  • een gedicht
4 Bekijk tekst 3. Lees de titel en bekijk het plaatje.
  • Wat voor tekst is dit?
  • Waar zie je dat aan?
Een meer procesmatige toetsing van begrijpend lezen is dus mogelijk. 

Gerelateerd

Effectieve feedback in het onderwijs
Effectieve feedback in het onderwijs.
Machiel Karels
Effectief leesonderwijs
Aantrekkelijk en effectief leesonderwijs: motiverend!
Paul Filipiak
Goed taal- en leesonderwijs
Vijf onderwijskundige voorwaarden voor goed taal- en leesonderwijs
Jos Cöp
Leesonderwijs ZML
Fonologisch gebaseerd leesonderwijs in het ZML
Anna Bosman
Goede schoolteksten
Een goede schooltekst. Het begin van goed leesonderwijs.
Gerdineke van Silfhout
Leesonderwijs anders inrichten
Moeten we ons leesonderwijs anders gaan inrichten?
Jos Cöp
Leesdorst lessen - 1
Leesdorst lessen (1) - Tien tips voor een goede les
Paul Filipiak
Begrijpend leesresultaten
Het optimaliseren van begrijpend leesresultaten
Karin van de Mortel
Taalgericht zaakvakonderwijs (4): Verdieping
Taalgericht zaakvakonderwijs (4): Verdieping, de vier V's
Paul Filipiak
Close Reading
Begrijpend lezen vervangen door Close Reading?
Paul Filipiak
Beter begrip door vloeiend lezen
Beter begrip door vloeiend lezen
Karin van de Mortel
Begrijpend lezen
Begrijpend lezen is kwestie van denken
Karin van de Mortel
Begrijpend lezen vak
Begrijpend lezen als vak afschaffen?
Paul Filipiak
Taalgericht zaakvakonderwijs (1) Reflectie
Taalgericht zaakvakonderwijs (1): Reflectie op begrijpend lezen
Paul Filipiak
Leesdorst lessen - 2
Leesdorst lessen (2) - Acht valkuilen van leesmethodes
Paul Filipiak
Woordenschat uitbreiden
Woordenschat uitbreiden bij begrijpend lezen en bij de zaakvakken
Paul Filipiak
Begrijpend luisteren en lezen
Verbeter uw resultaten begrijpend luisteren, begrijpend lezen
Karin van de Mortel
Grip op leesbegrip
Beter toetsen en evalueren van lezen met begrip
Karin van de Mortel


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Stimuleren van NT2 lezers, begrijpend lezen
Hoe stimuleer je begrijpend lezen bij NT2 leerlingen?
Effect modelleren leesstrategie hardop denken volwassenen
Hardop denken: goede strategie voor volwassen leerders?
Leren van scripts lees en schrijfonderwijs leerlingen laaggeletterd
Is het leren van verschillende scripts zwaar voor laaggeletterden?
Didactische aanpak zwakke lezers in het basisonderwijs
Wat is de beste didactische aanpak voor zwakke lezers?
Spellingontwikkeling leerlingen groep drie open lettergrepen
Wanneer kun je het beste open lettergrepen lezen in groep 3?
Kleuters combinatieklas gezamenlijke instructie
Kleuters in een combinatieklas: gezamenlijke instructie of apart?
Leesbevordering en interventies leesplezier mbo studenten
Hoe krijg je mbo-studenten aan het lezen?
Welke methoden voor leesbevordering zijn effectief? 12-16 jaar
Hoe bevorder je lezen effectief onder jongeren?
Effect aandacht tekstsoorten bovenbouw leesvaardigheid
Heeft aandacht voor verschillende tekstsoorten effect op leesvaardigheid?
Relatie passieve woordenschat en technisch lezen
Welke relatie bestaat er tussen passieve woordenschat en technisch lezen?
Leesprestaties groep 6 po 2016
Vergelijkend onderzoek leesprestaties groep 6 basisonderwijs - PIRLS 2016
Effecten digitaal leermiddel
Effecten van een digitaal leermiddel bij het leren lezen
Digitale leeskilometers groep 3
Leesvaardig door digitale leeskilometers in groep 3: Differentiatie door inzet van ICT
Vliegwielen begrijpend lezen po
Vliegwielen voor begrijpend lezen in het basisonderwijs
Begrip door zelftoetsen
Beter begrip van informatie in teksten door zelftoetsen
[extra-breed-algemeen-kolom2]




Proces- en productgerichte evaluatie leesonderwijs

Inschrijven nieuwsbrief


begrijpend lezen
technisch lezen

 

Mis geen bijdragen

Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook Volg ons op instagram Volg ons op pinterest