Wat is het verband tussen de kwaliteit van het technisch leesonderwijs in het primair onderwijs en laaggeletterdheid?

Geplaatst op 11 november 2020

Gerichte interventies kunnen bij leerlingen van vier tot acht jaar voor een betere leesvaardigheid zorgen. Vooral de didactiek en methoden, de leerkracht en de leeromgeving dragen bij aan het behalen van betere leesprestaties. Maar het precieze effect van (technisch) leesonderwijs is niet duidelijk, want ook kenmerken van leerlingen, hun thuissituatie en de school hebben invloed. Van laaggeletterdheid is feitelijk pas sprake als iemand geen initieel onderwijs meer volgt waar diegene zijn taalvaardigheidsniveau kan verhogen. Mede daardoor is een eenduidig verband tussen (technisch) leesonderwijs en de mate van geletterdheid niet vast te stellen.

De taalvaardigheid van leerplichtige leerlingen is volop in ontwikkeling, waardoor het lastig is om te bepalen of er sprake is van laaggeletterdheid. Uit internationaal vergelijkende onderzoeken zijn wel aanwijzingen te halen of daarop risico bestaat.

Factoren en achtergronden

Uit onderzoek onder leerlingen uit groep 6 blijken verschillende factoren van invloed te zijn op de leesvaardigheidsscores. Het gaat om kenmerken van de leerlingen, hun thuisomgeving en kenmerken van de school en het onderwijs. Verder hangen onder meer geslacht, taalinzichten en leerlingenattitude samen met leesprestaties. Zo scoren meisjes hoger dan jongens en zijn leerlingen met een groter werkgeheugen beter in begrijpend lezen. Leerlingen die lezen leuk vinden, behalen hogere leesprestaties. Verder is er een verband tussen problemen met luisteren of horen en leren lezen, en de fijne motoriek en de oog-handcoördinatie met leren schrijven.

Leerlingen van laagopgeleide ouders hebben een driemaal grotere kans op laaggeletterdheid. Wanneer ze opgroeien in gezinnen met laaggeletterde ouders, dan presteren leerlingen minder goed op taalgebied. Hun leesvaardigheid verbetert wel als hun ouders ze begeleiden met specifieke taalactiviteiten. Leerlingen die thuis (bijna) altijd Nederlands spreken, scoren hoger op leesprestaties dan leerlingen die thuis een andere taal gebruiken.

Invloed onderwijs

Vooral de didactiek en de methoden, de leerkracht en de leeromgeving beïnvloeden de leesresultaten van leerlingen. Ze zijn dus van grotere invloed dan de eerder genoemde achtergronden. Zo ontwikkelen leerlingen van vier vijf jaar oud die deelnemen aan een programma voor ze naar de kleuterschool gaan, een betere taalvaardigheid. Een extra lesprogramma voor lezen zorgt bij vijf- en zesjarigen voor betere resultaten. Om leesproblemen bij leerlingen te voorkomen, helpen effectieve differentiatie, expliciete instructie en voldoende tijd voor lezen.

De taalvaardigheid van leerlingen verbetert als ze inzicht krijgen in de woordstructuur en de betekenis (van delen) van het woord. Dit zogeheten morfologisch bewustzijn is van positieve invloed op de taalontwikkeling van leerlingen. Het draagt bij aan de woordenschat en geeft betekenis aan de woorden. Specifieke begeleiding door de leerkracht, zoals samen lezen en lezen in dialoog, kan de taalontwikkeling ten goede komen.

Ook een stimulerende leeromgeving doet de leesvaardigheid van leerlingen goed. Dat geldt eveneens voor samenwerking met leeromgevingen buiten de klas, zoals de bibliotheek.

Uitgebreide beantwoording

Opgesteld door: Maurice de Greef (kennismakelaar)

Vraagsteller: Directeur en beleidsmedewerker po

Vraag

Is er een aantoonbaar causaal verband tussen de kwaliteit van het technisch leesonderwijs in het primair onderwijs (en met name in de groepen 2 en 3) en laaggeletterdheid?

Kort antwoord

Met name onderzoek onder 4- tot 8-jarigen laat zien, dat deelname aan gerichte onderwijsinterventies voor een betere mate van leesvaardigheid kunnen zorgen. Vooral de gekozen didactiek en methoden, de leerkracht en de leeromgeving zelf kunnen bijdragen aan het behalen van betere leesprestaties. Echter, naast deze factoren van het (technisch) leesonderwijs hebben ook kenmerken van leerlingen, hun thuissituatie en de school zelf invloed. Er is sprake van een effect van (technisch) leesonderwijs op de leesvaardigheid, maar de precieze grootte van dat effect is niet duidelijk, vanwege de invloed van de eerdergenoemde andere factoren.

Daarnaast kan men pas van laaggeletterdheid spreken als men niet meer kan deelnemen aan het initiële onderwijs waar men nog mogelijkheden kan krijgen om het taalvaardigheidsniveau te verhogen. Men kan wel aangeven wat de mate van taalvaardigheid en specifiek leesvaardigheid is. Mede daardoor is het eenduidige verband tussen (technisch) leesonderwijs en de mate van geletterdheid niet vast te stellen.

Toelichting antwoord

Leerlingen in het primair onderwijs zijn nog volop bezig met hun taalontwikkeling, waardoor het lastig is om te bepalen hoever ze daarin zijn en of er mogelijk sprake is van laaggeletterdheid. Zo lang zij nog leerplichtig zijn, hebben zij nog voldoende mogelijkheden om hun taalvaardigheidsniveau te verhogen. In feite kan men pas van laaggeletterdheid spreken als men niet meer kan deelnemen aan het initiële onderwijs. Men kan wel aangeven wat de mate van taalvaardigheid en specifiek leesvaardigheid is.

Nederland neemt deel aan drie internationale onderzoeken, waarbij men kijkt naar het niveau van functioneren van mensen op een aantal kernvaardigheden (waaronder taal en rekenen). Op basis van deze onderzoeken kan men aangeven of er een risico bestaat dat mensen laaggeletterdheid zijn of kunnen worden. De score op leesvaardigheid in het primair onderwijs wordt in kaart gebracht door het internationale PIRLS onderzoek (Progress in International Reading Literacy Study). Dit onderzoek geeft inzicht in de resultaten van leesvaardigheid onder 4206 Nederlandse leerlingen uit groep 6 (Gubbels et al., 2017).

Diverse onderzoeken laten zien, dat verschillende kenmerken zoals die van de leerlingen zelf, de thuisomgeving en kenmerken van de school en het onderwijs van invloed kunnen zijn op de leesvaardigheidsscores (Gubbels et al., 2017; Notten & De Wijs, 2007; Wasik, 2012; Bowers et al., 2010; Kirk et al., 2014; Day et al., 2015). Vraag is welke factoren de meeste invloed hebben.

Invloed van leerlingkenmerken

Factoren als geslacht, ontwikkelde functies en leerlingattitude hangen samen met leesprestaties. Zo scoren bijvoorbeeld meisjes hoger dan jongens (Gubbels et al., 2017). Ook kunnen cognitie, houding en auditieve functies van het kind zelf de leesprestaties beïnvloeden. Zo geven een aantal studies aan, dat er een verband is tussen problemen met luisteren of horen en leren lezen (Hornickel en Kraus, 2013) en de fijne motoriek en de oog-hand coördinatie met leren schrijven (Cavey, 2000). Daarnaast blijkt, dat mensen met een groter werkgeheugen beter zijn in begrijpend lezen (Christoffels et al., 2017). Ten slotte behalen leerlingen hogere leesprestaties als ze lezen leuk vinden (Kuhlemeier et al., 2014).

Invloed van thuissituatie

Resultaten van het PIAAC onderzoek (Programme for the International Assessment of Adult Competencies) laten zien, dat kinderen driemaal een grotere kans hebben om later laaggeletterd te worden als beide ouders laagopgeleid zijn (Buisman et al., 2013). Als kinderen in gezinnen met laaggeletterde ouders opgroeien, presteren ze minder goed op het gebied van taal (Notten & De Wijs, 2007). Ouders die laaggeletterd zijn, hebben daarnaast moeite om thuis de omgang met taal te stimuleren, wat het taalniveau van het kind negatief kan beïnvloeden (Wasik, 2012).

Als ouders hun kinderen echter met specifieke taalactiviteiten begeleiden, verbetert de leesvaardigheid van de kinderen (Sénéchal & Young, 2008). Daarnaast scoren leerlingen die thuis (bijna) altijd Nederlands spreken hoger op leesprestaties dan leerlingen waar dit veel minder of niet het geval is (Gubbels et al., 2017).

Invloedrijke factoren vanuit het onderwijs

Er zijn verschillende factoren binnen het onderwijs, zoals de didactiek en gehanteerde methoden, de leerkracht en de leeromgeving die de leesresultaten kunnen beïnvloeden. Allereerst lijken de didactiek en gehanteerde methoden van belang te zijn. Zo blijkt uit onderzoek van Weiland en Yoshikawa (2013) onder 2018 4- en 5-jarigen naast onderzoek van Piasta et al. (2012) naar een specifieke taalaanpak onder 550 4-jarigen, dat deelname aan een programma voor aanvang van de kleuterschool voor een betere taalvaardigheid kan zorgen. Maar ook door inzet van een extra lesprogramma voor lezen behalen 5- en 6-jarigen betere resultaten (Higgins et al., 2015).

Volgens Vernooy (2013) kunnen kinderen leesproblemen ervaren, als het leesonderwijs niet optimaal is door ineffectieve differentiatie, te weinig tijd nemen voor de zwakke lezers, onvoldoende doelgerichtheid, onvoldoende expliciete instructie en onvoldoende tijd voor lezen. Ook slechte leesmethoden of methoden die niet volledig worden behandeld, maken het leesonderwijs niet optimaal. De inzichten van Vernooy (2013) worden deels bevestigd door Bowers et al. (2010), die door een meta-analyse onder 22 studies inzichtelijk maken, dat juist de taalvaardigheid van leerlingen verbetert als er morfologische instructie (naast andere taalinstructie) wordt gegeven.

Dit kan het morfologisch bewustzijn ten goede komen, wat van positieve invloed is op de taalontwikkeling van leerlingen (Carlisle, 2010). Het morfologisch bewustzijn draagt namelijk bij aan de woordenschat en geeft betekenis aan de woorden of delen daarvan (NRO, 2019). Verder geven Pillinger en Wood (2014) aan, dat specifieke begeleiding zoals samen lezen en lezen in dialoog de taalontwikkeling ten goede kan komen. Daarnaast leidt samenwerkend leren gericht op taalvaardigheid tot een betere mate van leesvaardigheid van kinderen in groep 2 en 3 (Pallante & Kim, 2013).

Ten tweede laten volgens Vernooy (2013) verschillende onderzoeken zien, dat ook de leerkracht een effectieve bijdrage kan leveren aan het leren lezen. Met name het hebben van een goede leesdeskundigheid en het hanteren van een goed klassenmanagement zijn van belang (Christoffels et al., 2017). Het optimaliseren van de deskundigheid van de leerkracht kan de leerprestaties ten goede komen. Onderzoek naar een speciaal programma voor leerkrachten, waarbij zij de kans kregen om een fysieke activiteit te combineren met taalactiviteiten voor 3- tot 4-jarige kinderen laat zien, dat de kinderen een betere mate van geletterdheid kregen (Kirk et al., 2014).

Ten derde blijkt uit onderzoek onder kinderen in groep 3, dat de leeromgeving in de klas van invloed kan zijn op de leesvaardigheid (Day et al., 2015). Kinderen die in een klas met meer onproductieve uren zonder instructie zaten, hadden mindere resultaten op het gebied van taal. Ook samenwerking met een leeromgeving buiten de klas - bijvoorbeeld de bibliotheek - blijkt ervoor te zorgen, dat de leesvaardigheid van kinderen vooruit kan gaan (Nielen, 2016).

Combinatie van invloedrijke factoren op mate van taalvaardigheid onder leerlingen in het primair onderwijs

Uit de verschillende onderzoeken wordt duidelijk, dat het onderwijs een effectieve bijdrage kan leveren aan het verbeteren van de leesresultaten. Met name jonge kinderen (circa 4 tot 8 jaar) kunnen leesvaardiger worden na deelname aan gerichte onderwijsinterventies. Met name de gekozen didactiek en methoden, de leerkracht en de leeromgeving zelf kunnen bijdragen aan het behalen van betere leesprestaties. Echter zijn er naast het onderwijs ook andere factoren van invloed op de ontwikkeling van taalvaardigheid van leerlingen in het primair onderwijs. Naast leerlingkenmerken en de thuissituatie kan ook de school zelf van invloed zijn op de mate van geletterdheid van kinderen.

Zo scoren leerlingen gemiddeld genomen ook het laagst op leesvaardigheid, als ze bijvoorbeeld op een school zitten waar meer dan een kwart van de leerlingen uit een economisch achtergesteld gezin afkomstig is (Gubbels et al., 2017). Het (technisch) leesonderwijs heeft wel effect op de mate van taalvaardigheid van kinderen in het primair onderwijs, maar staat niet op zichzelf door de invloed van de leerlingkenmerken, thuissituatie en de school zelf. Daarom is het precieze effect van technisch leesonderwijs op de mate van geletterdheid moeilijk vast te stellen.

Geraadpleegde bronnen 

Gerelateerd

cursus
Dyslexiecoach in het vo
Dyslexiecoach in het vo
Coachen en begeleiden van leerlingen met dyslexie
Medilex Onderwijs 
Ontdekkend leren lezen - Hoofdkenmerken
Ontdekkend leren lezen - Acht hoofdkenmerken
Ewald Vervaet
Begrijpend lezen is een houding
Begrijpend Lezen - geen vak maar een houding
Terry van de Beek
Effectief leesonderwijs
Aantrekkelijk en effectief leesonderwijs: motiverend!
Paul Filipiak
Tips motivatie lezen
Suggesties voor motivatieproblemen bij lezen
Machiel Karels
Lezen en spellen
Zo leer je kinderen lezen en spellen
Anna Bosman
Goed taal- en leesonderwijs
Vijf onderwijskundige voorwaarden voor goed taal- en leesonderwijs
Jos Cöp
Taalachterstand
Taalachterstand
Sieneke Goorhuis
taalonderwijs met rijke leeromgeving
Taalonderwijs vraagt een rijke leeromgeving
Dolf Janson
Bewust bezig zijn met taal
Bewust bezig zijn met taal
Dolf Janson
Doe maar Taal
Doe maar taal
Marleen Legemaat
Technisch lezen in een doorlopende lijn
Technisch lezen in een doorlopende lijn; een praktisch handboek voor de basisschool.
Paul Filipiak
Dit is dyslexie
Dit is dyslexie - achtergrond en aanpak
Marleen Legemaat
Uitdagend en functioneel taalonderwijs
Uitdagend en functioneel taalonderwijs
Machiel Karels


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Dyslexie of leesprobleem?  Tjipcast 025
Dyslexie of leesprobleem? Tjipcast 025
redactie
Oorzaken van uitvall leerlingen in het vo en interventies
Wat zijn oorzaken van voortijdige uitval in het voortgezet onderwijs en hoe stop je het?
Inburgeraars en het nut van het vut-model
Volwassen inburgeraars en het nut van het vut-model
Verband kwaliteit technisch leesonderwijs en laaggeletterdheid
Is er verband tussen de kwaliteit van het leesonderwijs en laaggeletterdheid?
Effectieve methoden in het omgaan met culturele diversiteit
Hoe ga je om met culturele diversiteit bij politiek gevoelige onderwerpen?
Relatie tijdsinvestering lezen en technische leesvaardigheid
Meer lezen betekent beter lezen?
Versterken schrijfvaardigheid pabo studenten
Hoe leren pabo-studenten beter schrijven?
Zingend lezen en de invloed daarvan op kleuteronderwijs
Zingend of zoemend lezen: heeft dit impact op kleuteronderwijs?
Helpt een spellingcontrole bij het maken van toetsen voor dyslectici?
Helpt een spellingcontrole bij het maken van toetsen voor dyslectici?
Ontwikkeling van peuters vve aanbod
Welk VVE programma heeft het meest effect? Langdurig of kort en intensief?lijkblijvende intensiteit of met toenemende intensi...
Verbeteren van toetsresultaten met flitsen of leesteksten
Leestoets resultaten verbeteren: met flitsen of met leesteksten?
Leesprestaties groep 6 po 2016
Vergelijkend onderzoek leesprestaties groep 6 basisonderwijs - PIRLS 2016
Effecten digitaal leermiddel
Effecten van een digitaal leermiddel bij het leren lezen
Digitale leeskilometers groep 3
Leesvaardig door digitale leeskilometers in groep 3: Differentiatie door inzet van ICT
Intrinsieke motivatie
Het motiveren van leerlingen met verschillende prestatieniveaus en achtergrondkenmerken
Vliegwielen begrijpend lezen po
Vliegwielen voor begrijpend lezen in het basisonderwijs
[extra-breed-algemeen-kolom2]




Verband kwaliteit technisch leesonderwijs en laaggeletterdheid

achterstandsleerlingen
avi-niveau
begrijpend lezen
dyslexie
laaggeletterdheid
NT2
taalontwikkeling
technisch lezen

 

Mis geen bijdragen

Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook Volg ons op instagram Volg ons op pinterest