Hoe kunnen docenten mbo-studenten niveau 1 en 2 zo goed mogelijk begeleiden naar succesvol zelfsturend leren?

Geplaatst op 1 juli 2020

Ook mbo-studenten niveau 1 en 2 kunnen zich zelfsturend leren eigen maken. Er is vooralsnog geen specifiek onderzoek gedaan naar effectieve aanpakken van zelfsturend leren voor deze groepen, maar wel naar kenmerken van deze studenten en de voorwaarden waaronder zij (zelfsturend) kunnen leren. Zo moeten docenten aandacht hebben voor de problematiek van studenten en zorgen voor een vertrouwensrelatie. Als zij stapsgewijs werken aan zelfvertrouwen en plannings- en reflectievaardigheden van studenten helpt dat hen om zelfsturend leren te ontwikkelen. Begeleiding op maat en kennis hebben van interesses en capaciteiten van studenten is ook een succesfactor voor het leren. Evenals verbinding maken met de leefwereld en beroepsperspectieven van studenten.
 
Zelfsturend leren houdt in dat studenten zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun leerproces en bepalen waar, hoe en wanneer ze nieuwe kennis en vaardigheden verwerven. Er is geen specifiek onderzoek gedaan naar deze manier van leren voor de lagere mbo-niveaus. Maar uit onderzoek naar de voorwaarden waaronder mbo-studenten het beste leren, is af te leiden hoe docenten het best pedagogisch-didactisch kunnen handelen om zelfsturend leren te stimuleren.  

Kenmerken van mbo’ers en hun leerproces

Uit onderzoek blijkt dat veel mbo’ers niveau 1 en 2 moeite hebben met zelfstandig werken, weinig kritisch zijn over informatiebronnen en weinig zicht hebben op hun eigen capaciteiten en mogelijkheden. Daarbij hebben sommige studenten te maken met leerproblemen, beperkte taalvaardigheid, een laag IQ, gecombineerd met problemen in de privésfeer. Dat alles heeft invloed op hun schoolprestaties en hun gedrag op school.

Pedagogisch-didactisch handelen toegespitst op mbo-studenten niveau 1 en 2

Belangrijk is dat docenten extra investeren in de relatie met deze studenten, wat affiniteit en geduld vraagt. Pas daarna is er ruimte voor het overdragen van kennis, (sociale) vaardigheden en beroepshouding. Docenten die studenten intensief coachen bij studiekeuzes, hen begeleiden bij persoonlijke problemen en huisbezoeken afleggen hebben een positieve invloed op het leren.

Verder gedijen studenten beter in een krachtige leeromgeving met structuur en een veilige sfeer. Ook actiegericht leren, waarbij de student reflecteert op het geleerde en feedback krijgt van de docent, geeft meer leereffecten.

Tot slot moeten docenten aansluiten bij de leefwereld van studenten en hen (herhaaldelijk) opdrachten laten doen die ze kunnen tegenkomen in de beroepspraktijk. 

Ondersteuning bij autonomie, competentie en verbondenheid

Autonomie, competentie en verbondenheid zijn sleutelwoorden die zelfsturend leren kunnen bevorderen. Hieronder een uitleg met tips voor docenten.

Autonomie: bij zelfsturend leren zijn doorzettingsvermogen, motivatie, initiatief nemen en reflecteren op het leerproces van belang. Tips voor de docent:

  • Identificeer persoonlijke interesses en waarden van studenten, wat willen en kunnen zij?
  • Ondersteun hun ontwikkeling daarin, geef ze tijd en ruimte voor eigen inbreng;
  • Stimuleer ontwikkeling van nieuwe interesses en persoonlijke waarden. Toon empathie als een student geen interesse heeft in verplichte leerstof maar leg ook uit waarom het belangrijk is. Maak verbinding met de leefwereld van studenten.

Competentie: vertrouwen hebben in het eigen kunnen is een voorwaarde om (meer zelfsturend) te leren. Tips voor docenten om hierin maatwerk te kunnen leveren zijn: 

  • Bied hulp aan en geef studenten, vooral op mbo-1 niveau, enige sturing;
  • Stel stappenplannen op; knip zo nodig een opdracht in stukken;
  • Geef positieve feedback;
  • Bied uitdagende taken aan;
  • Geef betekenis aan de leerstof en laat zien dat de stof aansluit bij de beroepspraktijk en/of het toekomstperspectief.

Verbondenheid: een vertrouwensrelatie met de docent, goede onderlinge relaties tussen studenten en een veilig klimaat in de klas zijn noodzakelijk om te kunnen leren. Tips voor docenten:  

  • Toon begrip voor studenten, dat zij mogen zijn wie ze zijn, zonder direct te oordelen;
  • Bevorder een cultuur van vertrouwen in de klas;  
  • Weet wat de student aan kan, ken zijn capaciteit en motivatie;
  • Toon begrip voor problemen van studenten op school of in hun privéleven.  

Uitgebreide beantwoording

Opgesteld door: Maurice de Greef (kennismakelaar) en Edith van Eck (kennismakelaar)
Vraagsteller: Docent en studieloopbaanbegeleider mbo

Vraag

Welk pedagogisch-didactisch handelen van de begeleidende docent zorgt ervoor, dat studenten op MBO Niveau 1 en MBO Niveau 2 succesvol zelfsturend kunnen leren?

Kort antwoord

Ook voor de lagere niveaus (zoals studenten op MBO Niveau 1 en 2) is zelfsturend leren mogelijk. Er is vooralsnog geen specifiek onderzoek gedaan naar effectieve aanpakken van zelfsturend leren voor deze groepen, maar wel naar kenmerken van deze studenten en de voorwaarden waaronder zij kunnen leren. Daarnaast is bekend welke condities een vereiste zijn om zelfsturend leren mogelijk te maken. Door deze naast elkaar te leggen is een aantal uitgangspunten geformuleerd waar aanpakken voor zelfsturend leren voor  studenten op MBO Niveau 1 en 2 aan moeten voldoen. Het gaat dan met name om aandacht voor de problematiek van de student, het opbouwen van een persoonlijke relatie, en het hanteren van stapsgewijze aanpak met aandacht voor het opbouwen van zelfvertrouwen en van plannings- en reflectievaardigheden. Verder dient de docent studenten op maat te begeleiden op basis van kennis over hun interesses en capaciteiten, en zorg te dragen voor de verbinding van het leren met de leefwereld en beroepsperspectieven van de studenten.

Toelichting antwoord

Zelfsturend leren is bedoeld om te bevorderen dat studenten zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun leerproces en bepalen waar, hoe en wanneer ze nieuwe kennis, vaardigheden en houding verwerven. Vraag is of zelfsturend leren mogelijk is voor studenten van de lagere niveaus in het MBO. En hoe kan de docent hieraan bijdragen? Welk pedagogisch-didactisch handelen maakt het mogelijk, dat studenten op beide niveaus succesvol zelfsturend kunnen leren? En verschillen de mogelijkheden voor het zelfsturend leren bijvoorbeeld voor studenten op MBO Niveau 1 en 2?

Er is vooralsnog geen specifiek onderzoek gedaan naar zelfsturend leren voor deze groepen, maar wel naar de condities waaronder studenten op deze niveaus het beste leren. Ook is goed omschreven wat zelfsturend leren inhoudt en wat het van de student vraagt. Door dit naast elkaar te leggen wordt inzicht verkregen in de mogelijkheden van studenten MBO Niveau 1 en 2 om zelfsturend te leren en met welk pedagogisch-didactisch handelen de docent dit bij deze studenten kan bevorderen.

Zelfsturend leren: wat is het en wat vraagt het?

In een optimale leersituatie zouden studenten volgens Ryan en Deci (2000) zelfsturend kunnen leren. In feite bepalen studenten dan zelf waar, hoe en wanneer ze leren (Ryan & Deci, 2000). Tijdens het leerproces zouden studenten:

  • zelf actief aan de slag moeten gaan met leren (Raemdonck, De Grip, Segers, Thijssen & Valcke, 2008);
  • zelf barrières moeten overwinnen om te kunnen leren (Raemdonck et al., 2008);
  • moeten kunnen reflecteren op wat zij doen om zelf beslissingen te kunnen nemen over de inhoud van hun leerproces (Ratio & Hall, 1999);
  • betrokken moeten worden bij deze doelbepaling (Tighe, Barnes, Connor & Steadman, 2013) om zelf in staat te kunnen zijn om steeds hun eigen doelen te gaan stellen.

Hiervoor moeten studenten onder andere (Raemdonck, 2006):

  • zelf initiatieven kunnen nemen (om iets nieuws te leren);
  • weten wanneer ze iets nieuws leren;
  • niet opgeven als iets moeilijk wordt;
  • kennis en vaardigheden met anderen willen delen;
  • informatie opzoeken over onderwerpen die ze interesseren;
  • weten wat ze moeten doen als ze iets nieuws leren.

Vanlamsbrouck (2018) onderscheidt drie profielen van zelfsturing onder lerenden (of studenten), te weten lerenden met een lage, gemiddelde of hoge zelfsturing. Aanvullend geven Tomas, Vanlamsbrouck en Peeters (2019) inzicht in onder andere het leergedrag van lerenden met een lage zelfsturing, waarbij deze laatsten bijvoorbeeld eerder naar hulp zoeken, dan dat ze aan de hand van verschillende strategieën een zelfevaluatie proberen te doen. Lerenden met een lage zelfsturing beheren daarnaast bijvoorbeeld hun tijd ook minder en maken geen tijdsplanningen (Tomas et al., 2019). Een student moet wel bereid zijn tot zelfsturing (Grace & Smith, 2001) om geheel onafhankelijk aan de slag te kunnen gaan en autonoom te kunnen zijn (Gerber, 2012).

Samengevat komt het er op neer dat zelfsturend leren van studenten vraagt dat ze zelfvertrouwen hebben, gemotiveerd zijn om te leren, kunnen plannen, inzicht hebben in wat ze moeten leren, hoe ze het beste leren en weten wanneer ze ondersteuning nodig hebben.

De vraag is of studenten mbo 1 en 2 over deze competenties beschikken. In de volgende paragraaf gaan we nader in wat uit onderzoek bekend is over deze studenten en over  effectieve manieren om hun leerproces pedagogisch-didactisch te ondersteunen.

Wat weten we over studenten MBO 1 en 2 en over effectieve pedagogisch-didactische aanpakken?

Groeneveld en Van Steensel geven in hun studie ‘Kenmerkend mbo’ uit 2009 aan dat studenten MBO niveau 1 en 2 moeite hebben met zelfstandig werken, weinig kritisch zijn ten opzichte van informatiebronnen, en weinig zicht hebben op hun eigen capaciteiten en mogelijkheden (Kennisrotonde, 2017). Groenenberg en Hermanussen (2012) rapporteren het volgende over het leergedrag en de leermogelijkheden van studenten op niveau 1 en 2. Deze studenten kampen nogal eens met meervoudige problematiek, leerproblemen, beperkte taalvaardigheid, een laag IQ, gecombineerd met problemen in de privésfeer.

Deze problematiek leidt tot meer absentie, en is ook van invloed is op hun gedrag op school en in de klas. Het is daarom van belang dat docenten extra investeren in de interpersoonlijke relatie. Pas daarna is er ruimte voor het overdragen van kennis, (sociale) vaardigheden en beroepshouding. Dit speelt in sterkere mate bij studenten MBO niveau 1 dan bij MBO niveau2.

Deze bevindingen komen overeen met die uit onderzoek van Glaudé en Van Eck (2012) dat laat zien dat de volgende zes competenties voor docenten belangrijk zijn om effectief les te kunnen geven aan studenten op MBO niveau 1 en 2:

  • een krachtige leeromgeving kunnen creëren;
  • structuur kunnen bieden;
  • veilige leeromgeving/sfeer van vertrouwen kunnen creëren;
  • kunnen communiceren met de doelgroep;
  • bevlogen, affiniteit met de doelgroep;
  • geduld kunnen opbrengen.

Uit de zes competenties voor docenten die lesgeven op MBO Niveau 1 en 2 van Glaudé en Van Eck (2012) wordt duidelijk, dat naast het structureren van het leerproces en het faciliteren van een leeromgeving juist het opbouwen van een vertrouwensrelatie belangrijk is voor deze studenten. Ook het onderzoek van Heemskerk, Van Eck,, Buisman en Sligte, (2018) laat zien, dat het opbouwen van een goede relatie met de student een voorwaarde is om ervoor te zorgen, dat de student daadwerkelijk tot leren komt en het uiteindelijke leerdoel (i.c. de startkwalificatie) behaalt. Hiervoor is het noodzakelijk, dat er ook voldoende afstemming is tussen student en docent (De Greef & Bohnenn, 2011).

Ten tweede moeten problemen van de studenten de dagelijkse levenssfeer worden opgelost om ervoor te zorgen dat ze deel kunnen nemen aan leren (Heemskerk et al., 2018). Intensieve coaching door de docent bij studiekeuzes, het bieden van begeleiding bij persoonlijke problemen en het afleggen van huisbezoeken blijkt hierbij effectief (Van der Steeg, Van Elk & Webbink, 2012).

Ten derde is volgens Glahn , Specht en Koper (2007) de interactie tussen student en omgeving tijdens het leren zelf van belang. Hun onderzoek toont aan dat studenten door actiegericht leren, een manier van leren, waardoor de student reflecteert op het geleerde, meer leereffecten ervaren. Hierbij ontvangt de student ook feedback van de docent.

Met name voor laagopgeleiden is de docent naast een vakinhoudelijk expert ook een mentor (De Greef & Bohnenn, 2011). De docent geeft feedback, biedt nieuw(e) kennis en oefenmateriaal aan en geeft antwoord op vragen. Bij studenten op MBO Niveau 2 kan de docent een stapje terug doen en studenten zelfstandiger laten werken en de nadruk in de begeleiding leggen op het beantwoorden van hun vragen.

Ten vierde laat onderzoek onder laagopgeleiden van De Greef (2009) zien, dat deze studenten betere resultaten boeken als er meer aandacht is voor mogelijkheden om het geleerde in de dagelijkse praktijk toe te passen. Dit kan door herkenbare, concrete inhoud te gebruiken die aansluit bij de leefwereld van de studenten en hen oefeningen en opdrachten te laten doen die zij kunnen tegenkomen in de eigen dagelijkse (beroeps)praktijk. Met name voor de studenten op MBO Niveau 1 is het effectief als de oefeningen herhaaldelijk worden aangeboden Voor studenten op MBO Niveau 2 kan ook meer abstracte of nieuwe inhoud worden aangeboden (De Greef & Bohnenn, 2011).

Taken van de docent tijdens zelfsturend leren

Zoals we eerder aangaven is er geen specifiek onderzoek gedaan naar zelfsturend leren voor studenten op MBO Niveau 1 en 2, en manieren om ze daarbij effectief te begeleiden.

Zelfsturend leren vraagt dat studenten zelfvertrouwen hebben, gemotiveerd zijn en kunnen plannen, inzicht hebben in wat ze moeten leren, hoe ze het beste leren en weten wanneer ze ondersteuning nodig hebben (Raemdonck et al., 2008; Ratio en Hall, 1999; Tighe et al., 2013). Studenten op deze niveaus, met name niveau 1, hebben nogal eens te maken met meervoudige problematiek, leerproblemen, beperkte taalvaardigheid, een laag IQ, gecombineerd met problemen in de privésfeer.

In een eerder antwoord van de Kennisrotonde is ingegaan op manieren waarop docenten het leren bij mbo-studenten kunnen ondersteunen. Deze komen voort uit het op onderwijsonderzoek gebaseerde praktijkboek van Ros, Castelijns, Van Loon en Verbeeck (2014). Insteek daarbij vormde het tegemoetkomen aan de drie basisbehoeften van studenten, te weten de behoeften aan autonomie, competentie en verbinding. Het ging daarbij om leren van mbo-studenten van alle niveaus en niet om zelfsturend leren maar om leren in algemene zin. Welke aanbevelingen zijn, gezien de specifieke eisen die zelfsturend leren stelt en de specifieke kenmerken van studenten op de lagere niveaus in het MBO –zoals hiervoor uitgewerkt- relevant? We bespreken hieronder de relevante aanbevelingen en spitsen die waar nodig nader toe op zelfsturend leren van studenten MBO 1 en 2.

Om tegemoet te komen aan de basisbehoefte autonomie is het van belang dat de student keuzevrijheid ervaart en zelf overtuigd raakt van de relevantie van het aangeboden onderwijs. Ros et al. (2014) geven de volgende handvatten voor docenten om autonomie-ondersteunend gedrag te vertonen:

  • Identificeren van persoonlijke interesses en waarden van de studenten. Wat willen de studenten echt? Waar liggen hun werkelijke leerbehoeften? Wat zijn hun echte interesses en wat houdt hen bezig?
  • Voeden en ondersteunen van persoonlijke interesses en waarden. De docent geeft de studenten de kans om op hun eigen manier een probleem op te lossen en te experimenteren. De docent geeft tijd en ruimte voor eigen inbreng van studenten, stelt open vragen en geeft open opdrachten en biedt ruimte voor eigen keuzes.
  • Opbouwen nieuwe interesses en persoonlijke waarden De docent toont empathie voor de studenten als ze geen interesse hebben in verplichte leerstof. De docent eeft goede en heldere uitleg waarom sommige activiteiten toch gedaan moeten en sommige stof toch geleerd moet worden en verbindt de stof aan de leefwereld van de  studenten om nieuwe interesses te stimuleren.

Bij zelfsturend leren zijn deze aanbevelingen relevant omdat studenten meer ruimte hebben voor persoonlijke keuzes en motivatie en doorzettingsvermogen moeten ontwikkelen. De Greef en Bohnenn (2011) laten zien dat docenten -om ervoor te zorgen, dat de studenten zelf aan de slag gaan- de studenten op niveau MBO 1 en 2  allereerst herhaaldelijk concrete en herkenbare inhoud kunnen aanbieden, aansluitend bij hun interesses. Hierbij zal de docent ook aan de studenten vragen om zelf informatie op te zoeken en zelf initiatief te nemen om in kaart te brengen wat ze over de aangereikte inhoud graag zouden willen leren.

Zelfsturend leren houdt in dat de studenten zelf een bijdrage leveren aan het formuleren van hun eigen doelen en de voorwaarden waaronder zij kunnen leren (Tighe et al., 2013). De docent zal bijvoorbeeld samen met de student kunnen kijken hoe de leeromgeving zo kan worden vorm gegeven, dat er bijvoorbeeld minder afleiding is. Door te reflecteren op het verloop van het leerproces ontstaat inzicht in wat werkt en wat niet, en waarom (Tomas et al., 2019).

Een gevoel van competentie is een voorwaarde om te kunnen leren, zeker wanneer studenten in zekere mate zelf hun leerproces moeten aansturen; eerder gaven we aan dat studenten in de lagere niveaus van het MBO vaak negatieve onderwijservaringen hebben opgedaan, weinig ondersteuning ervaren in hun privé-situatie en daardoor weinig (zelf)vertrouwen hebben in hun competenties.

Van de richtlijnen uit Ros et al. (2014) zijn met name de volgende vier relevant om studenten MBO1 en 2 zelfvertrouwen te geven om zelfsturend leren mogelijk te maken. We lichten dat waar nodig nader toe. Het gaat vooral om maatwerk, voorwaarde is dat de docent een goed inzicht in de behoeften van elk van de studenten en hun ontwikkeling.

  • Hulp bieden De docent moet beschikbaar zijn voor hulp vragen en de studenten  stimuleren om zichzelf te helpen. Studenten MBO niveau 1 hebben hierbij meer sturing nodig dan studenten MBO Niveau 2. Daar kan de docent meer autonomie voor het leerproces bij de studenten laten en zich beperken tot het geven van antwoorden op vakinhoudelijke vragen.
  • Stappenplan opstellen De docent moet goed weten wat alle stappen zijn in een opdracht en deze zo nodig opknippen in fasen of deelopdrachten. Zo kan de student optimaal worden begeleid bij het leren aansturen van het eigen leerproces.
  • Positieve feedback geven Het is belangrijk om te benadrukken wanneer studenten het goed doen. De docent kan momenten inlassen om aan te geven dat de  studenten op de goede weg zijn.
  • Optimaal uitdagende taken bieden De opdrachten die de docent aanbiedt, moeten een optimale uitdaging zijn voor de studenten en dus aansluiten bij hun niveau en voorkennis, maar ook niet te makkelijk zijn. Dit ondersteunt de verdere ontwikkeling van het zelfvertrouwen.
  • Betekenis geven aan de leerstof Studenten willen graag weten dat wat ze doen de moeite waard is en wat het  nut is van hun inspanning. Ze krijgen meer grip op hun leerproces als duidelijk is waarom de stof zinvol is. In het MBO is het voor  studenten heel belangrijk dat de stof aansluit bij de beroepspraktijk, dan kan meteen de link gelegd worden met het toekomstperspectief dat ze voor ogen hebben. Het is aan de docent om de leerstof op zo’n betekenisvolle manier aan te bieden. Met name op MBO Niveau 1 (nog) hebben studenten meer persoonlijke begeleiding nodig om te leren hoe ze het geleerde in hun eigen context kunnen gebruiken (Glahn et al., 2007). Om ervoor te zorgen, dat ze deze kennis ook met anderen delen, is het belangrijk, dat er ook in groepen gereflecteerd wordt op wat de studenten hebben geleerd.

Bijdragen aan sociale verbondenheid

Zoals we hiervoor hebben onderbouwd, is een vertrouwensrelatie met de docent een belangrijke voorwaarde om studenten op MBO 1 en 2 te laten leren. Docenten moeten aandacht hebben voor problemen in de dagelijkse levenssfeer van de student en interactie tussen de studenten en hun omgeving stimuleren. Dat is zeker voor studenten MBO niveau 1 van belang gezien de problemen waar ze vaak mee te maken hebben.

Een goede pedagogische relatie tussen student en docent is een voorwaarde om sociale verbondenheid te realiseren. Daarnaast is het voor  studenten belangrijk dat ze onderling goede relaties hebben, en dat er een veilig sociaal klimaat is in de klas zeker wanneer van hen wordt verwacht dat ze zelf verantwoordelijkheid nemen voor hun leerproces.

Ros et al (2014) vatten dit samen in de volgende richtlijnen

  • Begrip door niet te (ver)oordelen en proberen te begrijpen wat er aan de hand is, zodat de relatie overeind blijft De docent neemt verantwoordelijkheid voor het welbevinden van de student. Dit wordt ook door Ryan en Deci (2000) genoemd als voorwaarde voor zelfsturend leren. De studenten mogen zijn wie ze zijn en er heerst een cultuur van vertrouwen in de klas.
  • Begrip voor ontwikkeling De docent heeft kennis van de ontwikkeling van zijn studenten en weet dat elke student uniek is. Hierbij geeft de docent ruimte voor autonomie van de student en zorgt ervoor dat ze zelf verder kunnen.
  • Educatief begrip De docent kent de motivatie van elk van de studenten en weet hoe deze tegenover de leerstof staat. De docent weet wat elke student aan kan en levert maatwerk.
  • Opvoedkundig begrip De docent heeft begrip voor de problemen waar de studenten in de MBO-opleidingen niveau 2 en met name 1 mee te maken hebben op school en in de privésfeer.

Om zelfsturend leren van studenten in MBO niveau 1 en 2 mogelijk te maken is het belangrijk dat er aandacht voor de eventuele problematiek van de student, voor het opbouwen van een persoonlijke relatie, en dat een stapsgewijze aanpak wordt gehanteerd met aandacht voor het opbouwen van zelfvertrouwen en van plannings- en reflectievaardigheden. Verder dient de docent studenten op maat te begeleiden op basis van kennis over hun interesses en capaciteiten, en zorg te dragen voor de verbinding van het leren met de leefwereld en beroepsperspectieven van de studenten.

Geraadpleegde bronnen 

Gerelateerd

congres
Concentratie in de klas (PO)
Concentratie in de klas (PO)
Inzicht en handvatten om de focus van je leerlingen te verbeteren
Medilex Onderwijs 
training
Samen de leerkuil in
Samen de leerkuil in
De leeruitdaging
Bazalt | HCO | RPCZ 
Een doorgaande lijn in zelfsturing
Een doorgaande lijn in zelfsturing
Lilian van der Bolt
Stimuleert een digitaal portfolio zelfsturing?
Zelfsturing stimuleren met een digitaal portfolio
Maaike van de Loo
Zelf gereguleerd leren
Hoe laat je intrinsieke motivatie groeien?
Dirk van der Wulp
Motivatie vmbo
Training helpt leraren vmbo-leerlingen te motiveren
Annemieke Top
Pittige pubers
Pittige pubers - Opvoeden van je puber met ADHD of autisme
Marleen Legemaat
Pubers zijn leuk
Pubers zijn leuk! Zeker als je ze begrijpt
Helèn de Jong
Puberbrein binnenstebuiten
Puberbrein binnenstebuiten
Helèn de Jong
Sturen op autonomie
Sturen op autonomie - Transactionele analyse voor het onderwijs
Nelleke Herrewijnen


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Autonomie-ondersteunend lesgeven in een video van één minuut uitgelegd
Autonomie-ondersteunend lesgeven in een video van één minuut uitgelegd
redactie
Maarten van Buuren over autonomie en zelfsturing volgens Spinoza
Maarten van Buuren over autonomie en zelfsturing volgens Spinoza
redactie
Zelfregulatie in een video van één minuut uitgelegd
Zelfregulatie in een video van één minuut uitgelegd
redactie
Hoeveel eigenaarschap kunnen professionals aan? Tjipcast 0012
Hoeveel eigenaarschap kunnen professionals aan? Tjipcast 0012
redactie
Het belang van autonomie en zelfsturing: Tjipcast 002
Het belang van autonomie en zelfsturing: Tjipcast 002
redactie
Motiveren van mbo-studenten voor presentaties
Hoe gaan mbo-studenten presenteren leuk vinden?
Kenmerken leeromgeving en studiesucces mbo studenten
Wat bevordert studiesucces van mbo-studenten als zij een vervolgstudie doen?
Mbo studenten begeleiden naar succesvol zelfsturend leren
Hoe zorg je dat een mbo-student zichzelf succesvol aanstuurt?
Intensieve mentoring ongemotiveerde havo-jongens
Is intensieve mentoring helpend voor ongemotiveerde jongen?
Uitvalrisico op mbo verlagen
Hoe verklein je uitvalrisico van werkende volwassenen op mbo?
Leren met een licht verstandelijke beperking
Hoe bevorder je eigenaarschap bij leerlingen met een licht verstandelijke beperking?
Werken met weektaak relatie metacognitieve vaardigheden
Werken met een weektaak: wat levert het op voor leerlingen?
Invloed zelf kiezen op motivatie vo bovenbouw
Zelf kiezen van het instructieniveau: welke invloed heeft dat?
Effect van cijfers op leerlingen
Wat doen hoge of lage cijfers met leerlingen?
Aanwezigheid van leerlingen bij gesprekken
Zorgt aanwezigheid van leerlingen bij gesprekken voor meer betrokkenheid?
Scaffoldingstechnieken
Toepasbaarheid van scaffoldingstechnieken bij zelfregulatievaardigheden
Intrinsieke motivatie
Het motiveren van leerlingen met verschillende prestatieniveaus en achtergrondkenmerken
Formatief toetsen po
Selfassessment voor formatief toetsen van basisschoolleerlingen
Begrip door zelftoetsen
Beter begrip van informatie in teksten door zelftoetsen
IMPROVE methode metadenken
De metadenkende leerling: effecten van de IMPROVE-methode
[extra-breed-algemeen-kolom2]



Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.