Puberteit

De puberteit is de ontwikkelingsfase van 10 tot 18 jaar waarin jongens en meisjes zich tot volwassenen ontwikkelen. Onder invloed van hormonen groeit het kinderlichaam naar een volwassen lichaam en wordt geslachtsrijp. Parallel hieraan ontwikkelt het brein zich, deze ontwikkeling loopt langer door tot ongeveer 25 jaar. Deze fase in het verlengde van de puberteit wordt adolescentie genoemd.


Groei
Bij meisjes begint de groei rond hun elfde, jongens rond hun dertiende maar zij groeien meer en langer door. Bij meisjes begint de eerste menstruatie (gemiddeld in Nederland) rond 13 jaar. Jongens krijgen hun eerste zaadlozing, meestal ’s nachts tijdens een zogenoemde natte droom.
Veranderingen in iemands uiterlijk werken door op het gevoel. Een puber kan zich enorm onzeker voelen onder de snelle veranderingen in zijn lichaam. Ook kunnen pubers moeite hebben met ordenen en plannen, omdat er in hun hoofd zoveel gebeurt.


De puberteit kan worden ingedeeld in vier fases, zonder duidelijk afgebakende tijdzones.

  • 1. De vroege puberteit (10-14 jaar). De invloed van hormonen op kinderen is groot. De veranderingen door de puberteit worden zichtbaar. Het kind wordt zich bewust dat hij anders is dan zijn ouders en kan deze verschillen extra gaan benadrukken, bijvoorbeeld door een uitgesproken kledingstijl of muziekkeuze.
  • 2. Experimenteren (14-16 jaar). Centraal staat de behoefte aan afstand. Van ouders wordt gevraagd die afstand te respecteren, maar ook duidelijk grenzen aan te geven. Pubers identificeren zich in de deze fase meer met hun vrienden dan met hun ouders. Ze experimenteren en zoeken grenzen op.
  • 3. Toenadering (16-18 jaar). Na het benadrukken van de verschillen tussen ouder en kind domineert nu de angst bij het kind van het volledig loslaten. Dit maakt dat in deze fase weer meer toenadering kan worden gezocht. Steeds vaker vertoont de puber nu volwassen gedrag.
  • 4. Versteviging ( 18-24 jaar). Tenslotte komt de fase van versteviging en vindt men een eigen identiteit.

Het zoeken naar een eigen identiteit is heel belangrijk in de puberteit. Dit omvat:

  • Sociale identiteit; hoe zien anderen mij en hoe wil ik dat anderen mij zien. Voldoen aan de groepsnorm is heel belangrijk voor pubers.
  • Psychologische identiteit: wat vind ik van mijzelf en hoe zou ik willen zijn? De psychologische identiteit is veelomvattend: bijvoorbeeld, culturele invloeden, sexuele geaardheid, religie, intellect enzovoort.


 

Onderwijskundig ICT-er

Stel je onderwijsvraag

Wandelen voor water

Kwink op school

Leerlingen met dyslexie

Academica Business College

Veilig vuurwerk



Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.