Kijk eens bij de Nieuwe onderwijsboeken!

Doorstromen van Havo naar Vwo: hoe gaat dat?

Geplaatst op 17 november 2019

Van havo naar vwo: kansen, belemmeringen en studiesucces van ‘stapelaars’

De doorstroom van havo naar vwo – ook wel ‘stapelen’ genoemd – is voor een groeiende groep leerlingen een serieuze optie. Toch is deze route in het voortgezet onderwijs minder vanzelfsprekend dan vaak wordt gedacht. In tegenstelling tot de doorstroom van vmbo-gt/mavo naar havo bestaat er (nog) geen wettelijk doorstroomrecht van havo naar vwo. Tegelijkertijd laten cijfers zien dat het aantal leerlingen dat deze overstap maakt langzaam stijgt, en dat veel van hen uiteindelijk succesvol zijn in het vervolgonderwijs. In dit artikel worden de recente ontwikkelingen, belemmeringen en kansen voor havisten die willen doorstromen naar het vwo besproken.

Stapelen in beeld

Hoewel de meeste havo-gediplomeerden kiezen voor een vervolg in het hbo (circa 75%), stroomt een kleine maar groeiende groep door naar het vwo. Sinds 2015 ligt dit percentage boven de 5%, terwijl het daarvoor jaren rond de 3 à 4% schommelde. Deze ‘stapelaars’ volgen dus niet de meest voor de hand liggende route, maar kiezen ervoor om hun schoolloopbaan met een extra vwo-diploma te verlengen. Onder hen zijn iets meer jongens dan meisjes. Leerlingen met een natuurprofiel blijken bovendien relatief vaker te kiezen voor doorstroom naar het vwo dan leerlingen met een cultuur- of maatschappijprofiel.

Juridisch kader en exameneisen

In de Wet op het Voortgezet Onderwijs (WVO) is de havo bedoeld als voorbereiding op het hoger beroepsonderwijs. Voorbereiding op het vwo wordt in de wet niet genoemd als doelstelling van de havo. Dat heeft gevolgen voor de aansluiting: er bestaat geen wettelijk recht op doorstroom naar het vwo. De huidige minister van OCW heeft wel het voornemen uitgesproken om een dergelijk doorstroomrecht te realiseren, analoog aan het bestaande recht op doorstroom van vmbo-gt/mavo naar havo.

Los van de juridische context zijn er inhoudelijke verschillen tussen de eindexamens van havo en vwo die de doorstroom bemoeilijken. Zo doen havo-leerlingen examen in zeven vakken, terwijl vwo-leerlingen examen doen in acht vakken. Doorstromers moeten dit extra vak dus alsnog inhalen. Daarnaast is wiskunde op het havo niet verplicht binnen het profiel Cultuur en Maatschappij (CM), terwijl dit op het vwo wel vereist is binnen elk profiel. Leerlingen met een CM-profiel op de havo zullen dus alsnog wiskunde moeten volgen en afsluiten met een examen.

Schoolspecifieke toelatingseisen

Omdat er (nog) geen landelijk recht op doorstroom is, bepalen scholen zelf onder welke voorwaarden havo-leerlingen worden toegelaten tot het vwo. In de praktijk blijkt dat vrijwel alle scholen met een vwo-afdeling aanvullende toelatingseisen hanteren. Uit onderzoek onder 193 scholen blijkt dat:

75% een positief advies van de havo-school vereist;

68% een minimumeis stelt aan het gemiddelde examencijfer;

47% vraagt om een gemotiveerde toelichting van de leerling;

41% kijkt naar werkhouding en studievaardigheden;

27% aanvullende eisen stelt aan het vakkenpakket.

Voor een deel van de leerlingen vormen deze eisen een belemmering. Op ruim de helft van de scholen worden leerlingen soms of regelmatig geweigerd. De belangrijkste reden daarvoor is een te laag examencijfer, gevolgd door een negatief advies over houding en zelfstandigheid.

Praktische knelpunten in de doorstroom

Naast inhoudelijke en organisatorische belemmeringen zijn er ook praktische obstakels. Zo besluiten sommige leerlingen pas laat – bijvoorbeeld in havo 5 – dat ze willen doorstromen. Op dat moment is hun vakkenpakket vaak al definitief vastgesteld en sluiten de gekozen vakken niet altijd aan bij de eisen van het vwo. Hierdoor wordt doorstroom alsnog onmogelijk.

Daarnaast blijkt uit interviews met scholen, ouders en leerlingen dat begeleiding vaak te laat of onvoldoende op gang komt. Leerlingen geven aan dat zij behoefte hebben aan tijdige informatie over hun mogelijkheden en aan begeleiding vóór, tijdens en na de overstap. Sommige scholen spelen hier inmiddels actiever op in. Zo zijn er voorbeelden van scholen die een specifiek doorstroomprogramma aanbieden, wat leidt tot een hogere instroom én betere resultaten.

Slagingskansen en studiesucces

Hoe succesvol zijn stapelaars in de praktijk? De meeste leerlingen die doorstromen van havo naar vwo behalen binnen twee jaar hun vwo-diploma. Het gaat om circa 69% van de doorstromers. Dat percentage ligt lager dan bij leerlingen die rechtstreeks uit het vierde leerjaar van het vwo komen – in eerdere jaren was dat ongeveer 86%. Een aanzienlijke groep stapelaars (tussen de 25% en 33%) haalt zelfs na vier jaar geen vwo-diploma.

Er is een duidelijke relatie tussen eerder schoolprestaties en de kans op slagen in het vwo: leerlingen die met hogere cijfers hun havo-examen hebben afgesloten, hebben ook meer kans om hun vwo-opleiding succesvol af te ronden.

Van vwo naar universiteit

Van de havisten die erin slagen om een vwo-diploma te behalen, stroomt 88% door naar de universiteit. In dat opzicht verschillen zij nauwelijks van reguliere vwo-leerlingen. Ook op de universiteit blijken voormalige havo-leerlingen zich goed te kunnen redden. Uit onderzoek blijkt dat het studiesucces in het wetenschappelijk onderwijs niet significant verschilt tussen stapelaars en niet-stapelaars met een vwo-diploma.

Daarnaast zijn er ook havisten die de stap naar het vwo niet met succes afronden, maar via het hbo alsnog doorstromen naar de universiteit. Deze groep – circa 31% van de niet-geslaagde stapelaars – benut de route van ‘havo-hbo-wo’ succesvol, wat laat zien dat het stapelen op meerdere manieren effectief kan zijn.

Genderverschillen: nog weinig bekend

Of jongens en meisjes op dezelfde manier profiteren van stapelen, is nog niet onderzocht. In de cijfers over doorstroom blijkt een lichte oververtegenwoordiging van jongens, maar of dit effect ook doorwerkt in het studiesucces op het vwo of in het wetenschappelijk onderwijs is onbekend. Hier ligt een open onderzoeksveld dat mogelijk meer inzicht kan geven in de voorwaarden voor succesvolle loopbaanroutes.

Conclusie: kansen en knelpunten in balans

De doorstroom van havo naar vwo is mogelijk, maar niet vanzelfsprekend. Een combinatie van wettelijke beperkingen, verschillende exameneisen, schoolspecifieke toelatingseisen en beperkte begeleiding zorgt ervoor dat niet alle leerlingen die deze overstap willen maken daar ook in slagen. Toch blijkt uit cijfers dat het merendeel van de stapelaars dat eenmaal op het vwo zit, binnen twee jaar slaagt en vervolgens succesvol doorstroomt naar de universiteit.

Om deze route toegankelijker te maken, is betere voorlichting, vroegtijdige signalering en begeleiding cruciaal. Een wettelijk doorstroomrecht, zoals beoogd door de minister van OCW, zou daarbij kunnen helpen. Maar ook zonder zo’n recht hebben scholen de mogelijkheid om hun toelatingsbeleid en ondersteuning te verbeteren, zodat stapelen geen uitzondering is, maar een reële vervolgstap voor elke leerling die meer wil.

Referenties

Heb je vragen over dit thema? Stel ze in de onderwijs community binnen de Wij-leren.nl Academie!

Dossiers

Uw onderwijskundige kennis blijft op peil door 4000+ artikelen.