Hoe kunnen zaakvaklessen aansluiten bij de cognitieve capaciteiten van nieuwkomers?

Geplaatst op 18 juni 2019

Samenvatting

Basisschoolleerkrachten kunnen leerlingen die het Nederlands niet goed beheersen op verschillende manieren bij de reguliere zaakvaklessen betrekken. Bijvoorbeeld door hen voorafgaand aan de les de belangrijkste woorden te leren. Ook kan de leerkracht de uitleg in het Nederlands geven, de lesstof versimpelen en moeilijk lesmateriaal overslaan. Leerlingen kunnen antwoorden in het Engels of in hun moedertaal en dat antwoord naar het Nederlands vertalen.

Wanneer anderstalige leerlingen het Nederlandse onderwijs binnenkomen, is het van belang na te gaan of ze kunnen lezen, schrijven en rekenen, en welke vakinhoudelijke kennis zij al hebben. De kennis die zij in hun moedertaal hebben, dient als kapstok om nieuwe kennis op te doen.
Door anderstalige leerlingen vervolgens stapsgewijs bij de reguliere lessen te betrekken, kunnen zij na verloop van tijd succesvol integreren in het onderwijs. Ze kunnen bijvoorbeeld eerst 25% van de tijd meedoen met de meest toegankelijke activiteiten. In stappen wordt hun betrokkenheid vergroot. Uiteindelijk doen ze altijd mee aan de reguliere lessen, al dan niet met taalondersteuning en met een gedifferentieerd aanbod.

Leerlingen betrekken bij de zaakvakken

Een manier om anderstalige leerlingen bij de zaakvakken te betrekken, is door niet-talig lesmateriaal te gebruiken, zoals een niet-talige rekenmethode. Door de lesstof te versimpelen en/of moeilijk lesmateriaal over te slaan, kan de leerkracht de lesstof toegankelijker maken. Het is beter dit niet te lang te doen, anders bestaat de kans dat leerlingen niet voldoende uitgedaagd worden.

Door de belangrijkste woorden uit een les vooraf te onderwijzen, vormen de woorden tijdens de les een minder grote barrière. Andere talen gebruiken – bijvoorbeeld Engels als leerlingen dat spreken – kan helpen om vakinhoudelijke kennis te leren. Leerkrachten kunnen leerlingen bij de zaakvakken betrekken door hen met niet-talige opdrachten (zoals plaatjes) een antwoord in hun moedertaal te laten formuleren en dat naar het Nederlands vertalen. Het gebruik van andere talen staat de ontwikkeling van het Nederlands niet in de weg.

Ook coöperatieve werkvormen waarbij de leerkracht en leerling met elkaar samenwerken, blijken effectief voor de verwerving van zowel de taal als de inhoud. De leerkracht kan wel in het Nederlands uitleggen: als leerlingen het Nederlands nog niet kunnen gebruiken, kunnen zij het vaak wel begrijpen.

Taalontwikkeling in de zaakvakken

Bij het leren van Nederlands is het belangrijk een onderscheid te maken tussen de dagelijkse taalvaardigheid en de schoolse taalvaardigheid. De schoolse taalvaardigheid heeft een positieve invloed op de (school)ontwikkeling van kinderen. Anderstalige leerlingen vinden het lesprogramma doorgaans interessant en ze vinden dat het een rijke taalcontext biedt. Door anderstalige leerlingen mee te laten doen aan het reguliere lesprogramma wordt de schoolse taalvaardigheid gestimuleerd.

De taalontwikkeling van een nieuwkomer kan op verschillende manieren worden bevorderd. Door bijvoorbeeld feedback te geven op de inhoud en correctheid van het taalgebruik, en door de leerling aan te moedigen het antwoord te herformuleren. Ook stimulerend is hoge verwachtingen van leerlingen te hebben. En leerkrachten kunnen het taalaanbod steeds iets moeilijker maken en de leerlingen uitdagen steeds beter en complexer Nederlands te formuleren.

De rol van de school en het lerarenteam

Het duurt meerdere jaren voordat leerlingen hun schoolse taalvaardigheden hebben ontwikkeld. Daarom is een meerjarig taalbeleid noodzakelijk, met een duidelijke visie op taalonderwijs en het bevorderen van de taalvaardigheid door integratie in de andere schoolvakken. Om leerlingen optimaal te ondersteunen, moeten leraren positief zijn over meertaligheid en eventuele vooroordelen loslaten. Ook is het belangrijk dat leraren toegang hebben tot kennis over en didactiek van tweedetaalverwerving. Daarvoor kan worden samengewerkt met bijvoorbeeld de gemeente en andere scholen.

Uitgebreide beantwoording

Opgesteld door: Claire Goriot (antwoordspecialist) en Sandra Beekhoven (Kennismakelaar Kennisrotonde)
Vraagsteller: directeur basisschool

Vraag

Hoe kan voor zaakvakken worden aangesloten bij de cognitieve capaciteiten van nieuwkomers in de bovenbouw van de basisschool, als zij het Nederlands niet goed beheersen?

Kort antwoord

Leerlingen die het Nederlands niet goed beheersen kunnen op verschillende manieren bij de reguliere zaakvaklessen betrokken worden. Voor de les kunnen de belangrijkste woorden geleerd worden. De leerkracht kan de uitleg in het Nederlands geven en de lesstof versimpelen en moeilijk lesmateriaal overslaan. Leerlingen kunnen antwoorden in het Engels of in hun moedertaal en dat antwoord naar het Nederlands vertalen.

Toelichting antwoord

Probleemstelling

Met enige regelmaat stromen er leerlingen het (basis)onderwijs binnen die nog geen Nederlands spreken. Uit een vergelijking tussen onderwijssystemen in Nederland, Duitsland, Zweden en Turkije blijkt dat anderstalige leerlingen in Zweden de grootste kans hebben om naar hogere niveaus van voortgezet onderwijs te gaan, omdat leerlingen in dat land betrokken worden bij de zaakvakken en tegelijkertijd Zweeds leren (Crul, Keskiner, Schneider, Lelie, & Ghaeminia, 2016).

In Nederland ontbreken goede lesmaterialen om anderstalige nieuwkomers te onderwijzen (Onderwijsraad, 2017), met uitzondering van het lesmateriaal dat de Landelijke Onderwijswerkgroep voor Asielzoekers en Nieuwkomers aanbiedt (LOWAN, z.j.). Leerlingen kunnen wel op verschillende manieren bij de reguliere zaakvaklessen betrokken worden.

Stapsgewijze instroom van anderstalige leerlingen

Wanneer anderstalige leerlingen het Nederlandse onderwijs binnenkomen is het van belang na te gaan of ze kunnen lezen, schrijven en rekenen en welke vakinhoudelijke kennis zij al hebben. De kennis die zij in hun moedertaal hebben dient als kapstok om nieuwe kennis op te doen (Hajer, 2016). Door anderstalige leerlingen vervolgens stapsgewijs bij de reguliere lessen te betrekken kunnen zij na verloop van tijd succesvol integreren in het reguliere onderwijs (Genesee, Lindholm-Leary, Saunders, & Christian, 2005). Ze kunnen bijvoorbeeld eerst 25% van de tijd meedoen met de meest toegankelijke activiteiten. In stappen wordt hun betrokkenheid vergroot. Uiteindelijk doen ze altijd mee aan de reguliere lessen, al dan niet met taalondersteuning en met een gedifferentieerd aanbod (Axelsson, 2015 in Hajer, 2016).

Leerlingen betrekken bij de zaakvakken

Omdat het onderwijzen van zaakvakken talig is, is het lastig leerlingen die het Nederlands niet beheersen hierbij te betrekken. Een mogelijke oplossing is om te zoeken naar niet-talig lesmateriaal, zoals een niet-talige rekenmethode (Onderwijsraad, 2017). Door de lesstof te versimpelen en/of moeilijk lesmateriaal over te slaan, kan de leerkracht de lesstof toegankelijker maken zonder dat het niveau achteruit gaat (Hajer, 2016). Het is beter dit niet te lang te doen, anders bestaat de kans dat leerlingen niet voldoende uitgedaagd worden (Hajer, 2016). Door de belangrijkste woorden uit een les vooraf te onderwijzen, vormen de woorden tijdens de les een minder grote barrière (Verhallen, 2016).

Het gebruik van andere talen blijkt ook een effectieve strategie voor het leren van vakinhoudelijke kennis (Duarte, 2016). Als leerlingen bijvoorbeeld wel Engels spreken, kunnen zij ook in die taal antwoorden. Uit onderzoek blijkt dat leerlingen ook bij de zaakvakken betrokken kunnen worden door aan de hand van niet-talige opdrachten (zoals plaatjes) een antwoord in hun moedertaal te formuleren en dat naar het Nederlands te vertalen (Genesee et al., 2005).

Ook coöperatieve werkvormen waarbij de leerkracht en leerling met elkaar interacteren blijken effectief te zijn voor de verwerving van zowel de taal als de inhoud (Doherty, Hilberg, Pinal, & Tharp, 2003; Genesee, et al., 2005; Gibbons, 2003). De leerkracht kan wel in het Nederlands uitleggen: als leerlingen het Nederlands nog niet kunnen gebruiken kunnen zij het vaak wel begrijpen (Hajer, 2016). Het gebruik van andere talen staat de ontwikkeling van het Nederlands niet in de weg (Hajer, 2016; Genesee et al., 2005).

Taalontwikkeling in de zaakvakken

Bij het leren van Nederlands is het belangrijk een onderscheid te maken tussen de dagelijkse taalvaardigheid en de schoolse taalvaardigheid. De schoolse taalvaardigheid heeft een positieve invloed op de (school)ontwikkeling van kinderen (Hajer, 2016). Uit onderzoek blijkt dat anderstalige leerlingen het lesprogramma doorgaans interessant vinden en dat het lesprogramma een rijke taalcontext biedt. Door anderstalige leerlingen mee te laten doen aan het reguliere lesprogramma wordt de schoolse taalvaardigheid gestimuleerd (Doherty et al., 2003; Gibbons, 2003).

Als de leerkracht feedback geeft op de inhoud en op de correctheid van het taalgebruik en leerling stimuleert het antwoord te herformuleren, wordt de taalontwikkeling gestimuleerd (Doherty et al., 2003; Fermont, 2009; Gibbons, 2003; Hajer, 2016). Door hoge verwachtingen van leerlingen te hebben, het taalaanbod steeds iets moeilijker te maken en de leerlingen uit te dagen steeds beter en complexer Nederlands te formuleren, kan de Nederlandse taalontwikkeling gestimuleerd worden (Hajer, 2016; van den Bergh, Denessen, Hornstra, Voeten, & Holland, 2010).

De rol van de school en het lerarenteam

Het duurt meerdere jaren voordat leerlingen hun schoolse taalvaardigheden ontwikkeld hebben (Genesee et al., 2005; Hajer, 2015). Daarom is een meerjarig taalbeleid met een duidelijke visie op taalonderwijs en het bevorderen van de taalvaardigheid door integratie in de andere schoolvakken noodzakelijk (Onderwijsraad, 2017). Om optimale ondersteuning te bieden aan anderstalige leerlingen is het belangrijk dat leraren positief zijn over meertaligheid en eventuele vooroordelen loslaten, en dat ze toegang hebben tot kennis over tweedetaalverwerving en didactiek van tweedetaalverwerving (Hajer, 2016). Daarvoor kan samengewerkt worden met bijvoorbeeld de gemeente en andere scholen (Onderwijsraad, 2017).

Geraadpleegde bronnen

  • Berben, M. (2012). Een nieuw gezicht in je klas? 5 tips voor een vlotte integratie van anderstalige nieuwkomers. Nieuwsbrief Taal & Onderwijs, september 2012. Hyperlink
  • van den Bergh, L., Denessen, E., Hornstra, L., Voeten, M., & Holland, R. W. (2010). The implicit prejudiced attitudes of teachers: Relations to teacher expectations and the ethnic achievement gap. American Educational Research Journal, 47, 497-527. DOI: 10.3102/0002831209353594 Hyperlink
  • Crul, M., Keskiner, E., Schneider, J., Lelie, F., & Ghaeminia, S. (2016). No lost generation: Education for refugee children a comparasion between Sweden, Germany, the Netherlands, and Turky. The integration of migrants and refugees. Florence: European University Institute. Verkregen op 19 november 2018 van: hyperlink
  • Doherty, R.W., Hilberg, S., Pinal, A., & Tharp, R. G. (2003). Five Standards and student achievement. NABE Journal of Research and Practice, 1, 1-24. Hyperlink
  • Duarte, J. (2016) Translanguaging in mainstream education: a sociocultural approach.
  • International Journal of Bilingual Education and Bilingualism, advance online publication. DOI: 10.1080/13670050.2016.1231774
  • Fermont, R. (2009). Succesfactoren bij schakelklassen: Een onderzoek naar de groepen 3 en 4 in Den Haag (masterscriptie). Verkregen op 23 november 2018, van: hyperlink
  • Genesee, F., Lindholm-Leary, K., Saunders, W., & Christian, D. (2005). English language learners in U.S. schools: An overview of research findings. Journal of Education for Students Placed at Risk, 10, 363-385. DOI: 10.1207/s15327671espr1004_2 hyperlink
  • Gibbons, P. (2003). Mediating Language Learning: Teacher Interactions With ESL Students in a Content-Based Classroom. TESOL QUARTERLY, 37, 247-273. Hyperlink
  • Goedhard, R. (2018). Samenleren op een superdiverse school. Amsterdam: Uitgeverij SWP. Hyperlink (Inkijkexemplaar, eerste 20 pagina’s).
  • Hajer, M. (2016). Onderwijs aan nieuwkomers organiseren - belangrijke inzichten en principes. In M. Lieskamp, J. van Loo & A. Schoemaker (eds.), Nieuwkomers op school. Onderwijs als startpunt voor een betere toekomst (19-25). Huizen: Uitgeverij Pica. Hyperlink
  • Hajer, M. (2016b). Zweden, gidsland in onderwijs aan nieuwkomers? In M. Lieskamp, J. van Loo & A. Schoemaker (eds.), Nieuwkomers op school. Onderwijs als startpunt voor een betere toekomst (39-41). Huizen: Uitgeverij Pica. Hyperlink
  • Onderwijsraad (2017). Vluchtelingen en onderwijs: Naar een efficiëntere organisatie, betere toegankelijkheid en hogere kwaliteit. Verkregen op 23 november 2018 van: hyperlink
  • Ramault, G., & Sterckx, M. (2016). De opvang van anderstalige nieuwkomers in een kleuterklas. Leuven: Centrum voor Taal en Onderwijs. Verkregen van: hyperlink
  • Sterckx, M. (2000). Hoe til je met 1 lucifer andere lucifers op? De opvang van anderstalige nieuwkomers in de beginperiode. Vonk, 29(4), 31-38. Hyperlink
  • Verhallen, M. (2016). Taalhulp in de eerste opvang. De Wereld van het Jonge Kind, 16-19. Hyperlink

Gerelateerd

congres
Laaggeletterdheid in het vbmo en mbo
Laaggeletterdheid in het vbmo en mbo
Laaggeletterdheid schoolbreed tegengaan in de dagelijkse lespraktijk
Medilex Onderwijs 
eigentijds woordenschatonderwijs met woordcirkel
Maak van de school een woordpaleis
Jos Cöp
Tips voor differentiatie in woordenschatonderwijs
Differentiëren binnen woordenschatonderwijs
Martie de Pater
Taalgericht onderwijs
Taal in alle vakken - De sleutel naar taalgericht onderwijs
Gerdineke van Silfhout
Tweetaligheid
Tweetaligheid is geen probleem
Sieneke Goorhuis
Taalachterstand
Taalachterstand
Sieneke Goorhuis
Taalontwikkeling
Taalontwikkeling: door taal worden kinderen mensen
Steven Pont


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Intake selectieprocedure NT1 en NT2
Hoe zorg je voor een passend taaltraject voor NT1 en NT2?
Kenmerken blended learning NT2- volwassenonderwijs
Welke kenmerken van blended learning zijn positief voor NT2 deelnemers?
Functionele of grammaticale onderwijsbenadering nt2 taal
Taal leren door volwassen NT2 deelnemers: functionele of grammaticale aanpak?
Tijdsbesef ontwikkelen door geschiedenislessen in onderbouw
Kunnen geschiedenislessen historisch tijdsbesef versterken?
Interactieve werkvormen in coronatijd digibete volwassenen
Hoe geef je interactief (taal)onderwijs in coronatijd aan volwassenen?
Afstandsleren commitment en zelfsturing bij volwassenen
Is afstandsleren effectief bij laagopgeleide volwassenen?
Aparte taalklas voor nt2 leerlingen basisonderwijs nederlands leren
Nederlands leren: aparte klas of instromen in het reguliere onderwijs?
Relatie passieve woordenschat en technisch lezen
Welke relatie bestaat er tussen passieve woordenschat en technisch lezen?
Samenwerken moderne vreemde talen bijdrage leerprestaties?
Samenwerken bij een vreemde taal: hoe stimulerend is dat?
Zelfstandig digitaal tweede taal aanleren als volwassene
Zelfstandig digitaal een tweede taal aanleren: werkt dat?
Intrinsieke motivatie
Het motiveren van leerlingen met verschillende prestatieniveaus en achtergrondkenmerken
Leren van teksten
Zelftoetsen voor het effectiever leren van teksten
Schooltaal woordenschat po
Schooltaal en woordenschat in taalonderwijs op de basisschool
Leesbegrip zaakvakken po
Training van instructie leesbegrip in leeslessen en geschiedenislessen basisonderwijs
Leesvaardigheid zaakvakken
Verbetering leesvaardigheid voor zaakvakken
[extra-breed-algemeen-kolom2]




Aansluiting cognitief niveau van nieuwkomers

aardrijkskunde
achterstandsleerlingen
NT2
tweetalig onderwijs TTO
woordenschat
zaakvakken

 

Mis geen bijdragen

Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook Volg ons op instagram Volg ons op pinterest