Welke invloed heeft het aanbieden van Engels in de onderbouw van het basisonderwijs op de beheersing van het Engels in latere leerjaren?

Geplaatst op 1 oktober 2020

Samenvatting

Het aanbieden van Engelse les in de onderbouw van de basisschool leidt niet per definitie tot een betere Engelse taalvaardigheid in de bovenbouw. Vroege starters presteren soms beter op Engelse toetsen dan late starters, maar de verschillen tussen beide groepen zijn klein. De tijd die leerlingen aan Engels besteden en buitenschools contact met Engels in het algemeen werken positief door op de Engelse taalverwerving. Zo hebben kinderen die tweetalig opgevoed worden, een beduidend betere Engelse taalvaardigheid dan kinderen die alleen op school Engels leren.

Ongeveer twintig procent van de basisscholen start in groep 1 met het aanbieden van Engelse les. Dit wordt aangeduid met vroeg vreemdetalenonderwijs, kortweg vvto. Zij besteden daar ongeveer één uur per week aan.

Vroeg beginnen leidt niet altijd tot een betere Engelse taalvaardigheid

De verwachting dat het vroeg aanbieden van Engelse les leidt tot een betere taalvaardigheid op latere leeftijd, komt niet altijd uit. De verschillen tussen leerlingen in groep 8 die met Engelse les zijn gestart in groep 1, 2 of 3 en leerlingen die in groep 7 met lessen Engels zijn begonnen zijn klein. Vvto-leerlingen zijn over het algemeen iets beter in spreken, lezen en spellen in het Engels. Echter, soms zijn de prestaties van leerlingen die op een bepaalde school in de bovenbouw zijn gestart met Engels beter op deze vaardigheden. Ook de Engelse woordenschat van vroege starters is aan het einde van de basisschool niet altijd groter dan die van late starters.

Factoren die van invloed zijn op de verwerving van het Engels

Waarom het vroeg aanbieden van Engels soms wel een positief effect heeft op de verwerving van het Engels op latere leeftijd en soms niet, is lastig te bepalen. Kleuters die meer dan één uur Engelse les per week krijgen, lijken een betere Engelse woordenschat en meer kennis van Engelse grammatica te ontwikkelen. Vanaf hoeveel uur per week Engelse les precies effectief is, is onduidelijk.

Buitenschools contact met Engels, hogere Cito-scores en een positieve houding tegenover het leren van Engels gaan gepaard met een betere Engelse taalvaardigheid. Kinderen die tweetalig opgroeien, zijn in het voordeel bij het leren van Engels. Kinderen die opgroeien met zowel Nederlands als Engels hebben namelijk een beduidend grotere Engelse woordenschat, dan kinderen die vanaf groep 1 of groep 7 op school Engels leren. Ook zijn tweetalige kinderen beter in staat het verschil tussen Engelse klanken te onderscheiden. Dat geldt zowel voor jonge tweetalige kinderen als voor oudere tweetalige kinderen.

Uitgebreide beantwoording

Opgesteld door: Claire Goriot en José van der Hoeven
Vraagsteller: leerkracht po

Vraag

Heeft het aanbieden van Engels in de onderbouw van het po een positieve invloed op de beheersing van het Engels in latere leerjaren (po, vo)?

Kort antwoord

Het aanbieden van Engelse les in de onderbouw van de basisschool leidt niet per definitie tot een betere Engelse taalvaardigheid in de bovenbouw. Vroege starters presteren soms beter op Engelse toetsen dan late starters, maar dat is niet altijd het geval. Bovendien zijn verschillen tussen beide groepen klein. Factoren zoals de tijd die aan Engels wordt besteed en het buitenschoolse contact met Engels zijn van invloed op de Engelse taalverwerving. Kinderen die van huis uit Nederlands-Engels tweetalig opgevoed worden hebben een beduidend betere Engelse taalvaardigheid dan kinderen die op school Engels leren.

Toelichting antwoord

Ongeveer 20% van de Nederlandse basisscholen start niet langer in groep 7 met het aanbieden van Engelse les maar begint daar al eerder mee, veelal in groep 1. Dit heet vroeg vreemdetalenonderwijs, kortweg ‘vvto’. Nederlandse basisscholen mogen tot 15% van de wettelijke onderwijstijd in het Engels aanbieden: dat komt neer op ongeveer 3,5 uur per week. In de praktijk blijkt dat scholen die in groep 1 starten met het geven van Engelse les daar ongeveer 1 uur per week aan besteden (Jenniskens et al., 2017).

Vroeg beginnen leidt niet altijd tot een betere Engelse taalvaardigheid

Hoewel de verwachting is dat het vroeg aanbieden van Engelse les leidt tot een betere taalvaardigheid op latere leeftijd , blijkt dat niet altijd zo te zijn. Leerlingen in groep 8 die sinds vijf tot acht jaar Engelse les gehad hebben (en die dus gestart zijn in groep 1, 2, of 3), blijken over het algemeen een betere Engelse taalvaardigheid te hebben dan leerlingen die in groep 7 gestart zijn met Engelse lessen: vvto-leerlingen zijn beter in spreken, lezen en spellen in het Engels en zijn beter in het gebruiken van Engels in het algemeen.

Toch zijn de verschillen tussen beide groepen leerlingen klein. Er zijn bovendien veel verschillen tussen scholen: de leerlingen van sommige scholen die in de bovenbouw starten met Engelse lessen blijken beter te presteren op de bovengenoemde vaardigheden dan de leerlingen van sommige scholen die in de onderbouw starten met Engels (de Graaff, 2015).

Ook de Engelse woordenschat van vroege starters blijkt aan het einde van de basisschool niet altijd groter dan die van late starters. De Engelse woordenschat van leerlingen die in groep 1 gestart zijn met Engels blijkt in groep 8 soms wél (Goriot et al., 2018) en soms niet (Goriot, 2019) groter te zijn dan die van hun leeftijdsgenootjes die pas vanaf groep 7 Engelse les kregen.

Wat betreft het verstaan van Engelse klanken blijkt er zelfs helemaal geen verschil te zijn tussen vroege en late leerders. Het Engels kent klanken die in het Nederlands niet voorkomen (bijvoorbeeld het verschil tussen ‘e’ en ‘a’ in de Engelse woorden pen en pan). Die klanken zijn voor moedertaalsprekers van het Nederlands moeilijk te verstaan. Dat komt omdat zij deze klanken nooit horen en daarom nooit geleerd hebben verschillen tussen dergelijke klanken te onderscheiden. Ook vvto-leerlingen blijken aan het eind van de basisschool (in groep 8) niet beter te zijn in het onderscheiden van Engelse klanken dan leerlingen die pas in groep 7 startten met Engelse les (Goriot, 2019).

Factoren die van invloed zijn op de verwerving van het Engels

Waarom het vroeg aanbieden van Engels soms wel een positief effect heeft op de verwerving van het Engels op latere leeftijd en soms niet, is lastig te bepalen. Kleuters die meer dan één uur Engelse les per week krijgen lijken een betere Engelse woordenschat en meer kennis van Engelse grammatica te hebben dan leerlingen die geen Engels krijgen, terwijl dat voor kleuters die één uur of minder Engels per week krijgen, niet geldt (Unsworth, Persson, Prins, & de Bot, 2015). Vanaf hoeveel uur per week Engelse les precies effectief is, is onduidelijk.

Bovendien is het onbekend of minder dan één uur Engelse les wel invloed heeft op andere aspecten van Engelse taalvaardigheid, zoals luisteren. Ook buitenschools contact met Engels, hogere Cito-scores en een positieve attitude ten aanzien van het leren van Engels gaan gepaard met een betere Engelse taalvaardigheid (de Graaff, 2015).

De overgang naar de middelbare school

Na het basisonderwijs gaan veel vvto-leerlingen naar een tweetalige middelbare school, waar zij de helft van de lessen in het Engels volgen. Of zij op de middelbare school nog steeds een betere Engelse taalvaardigheid hebben dan late starters is niet bekend.

Nederlands-Engels tweetalig opgevoed worden

Tweetalig opgroeien leidt tot andere resultaten dan het op school leren van een tweede taal. Kinderen die opgroeien met zowel Nederlands als Engels als hun moedertaal – omdat minstens één van beide ouders een moedertaalspreker van het Engels is en Engels spreekt met het kind – hebben een beduidend grotere Engelse woordenschat dan kinderen die vanaf groep 1 of groep 7 op school Engels leren. Ook zijn Nederlands-Engels tweetalige kinderen in staat het verschil tussen Engelse klanken te onderscheiden (Goriot, 2019). Dat geldt zowel voor jonge tweetalige kinderen (groep 1, 2 en 3), maar ook voor oudere tweetalige kinderen (groep 5 en 8).

Geraadpleegde bronnen 

  • De Graaff, R. (2015). Vroeg of laat Engels in het basisonderwijs: wat levert het op?
  • Levende Talen Tijdschrift, 16(2), 3-15. Hyperlink
  • Goriot, C., van Hout, R., Broersma, M., Lobo, V., McQueen, J. M., & Unsworth, S. (2018).
  • Using the peabody picture vocabulary test in L2 children and adolescents: effects of L1. International Journal of Bilingual Education and Bilingualism. Advance online publication. https://doi.org/10.1080/13570050.2018.1494131
  • Goriot, C. (2019). Early-English education works no miracles: Cognitive and linguistic
  • Development of mainstream, early-English, and bilingual primary-school children in the Netherlands. Proefschrift, Radboud Universiteit, Nijmegen. Hyperlink
  • Jenniskens, T., Leest, B., Wolbers, M., Bruggink, M., Dood, C., & Krikhaar, E. (2017).
  • Zicht op vroeg vreemdetalenonderwijs. Nijmegen. Hyperlink
  • Unsworth, S., Persson, L, Prins, T., & de Bot, K. (2015). An investigation of factors
  • Affecting early foreign language learning in the Netherlands. Applied Linguistics, 36, 527-548. https://doi.org/10.1093/applin/amt052. Hyperlink

 

Gerelateerd

congres
Leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis
Leerlingen met een taalontwikkelingsstoornis
Omgaan met leerlingen met TOS
Medilex Onderwijs 
Vluchtelingen begeleiding
Vluchtelingkinderen in de Klas
Hélène van Oudheusden
Tweetaligheid
Tweetaligheid is geen probleem
Sieneke Goorhuis
Tweetalig communiceren
Tweetalig communiceren in een lerende school
Jan Jutten


Inschrijven nieuwsbrief

Inschrijven nieuwsbrief



Inschrijven nieuwsbrief

Ontwikkeling van peuters vve aanbod
Welk VVE programma heeft het meest effect? Langdurig of kort en intensief?lijkblijvende intensiteit of met toenemende intensi...
Verbeteren van toetsresultaten met flitsen of leesteksten
Leestoets resultaten verbeteren: met flitsen of met leesteksten?
Aanbieden van engels in de onderbouw en invloed op later
Jong engels leren: geeft het later een voorsprong?
Training auditief geheugen bij kleuters
Trainen van het auditief geheugen bij kleuters, waar doe je het voor?
Leerlingen categoriale gymnasia vergeken met sg
Waar presteren leerlingen beter? Gymnasia vergeleken.
Motiveren van mbo-studenten voor presentaties
Hoe gaan mbo-studenten presenteren leuk vinden?
Didactiek van werkwoordspelling in bo
Hoe leer je effectief de werkwoordspelling aan?
Het gelijktijdig leren van vreemde talen
Is gelijktijdig leren of na elkaar leren van vreemde talen effectiever?
Factoren die leerlingen beinvloeden bij keuze vo/gymnasium
Gymnasium of niet? Hoe komen leerlingen tot een keuze?
Aansluiting cognitief niveau van nieuwkomers
Hoe vinden nieuwkomers aansluiting bij zaakvakken?
Stimulering leesvaardigheid vo
Stimulering van leesvaardigheid in het Engels in de beginfase van het voortgezet onderwijs
GAS methodiek
GAS geven: doelgericht werken aan taal en lezen in Passend Onderwijs
Animaties taal po
Gebruik van animaties bij taal in basisonderwijs
Schooltaal woordenschat po
Schooltaal en woordenschat in taalonderwijs op de basisschool
Taalonderwijs BBL
Taalonderwijs in BBL-trajecten MBO
[extra-breed-algemeen-kolom2]



engels
NT2
taalontwikkeling
tweetalig onderwijs TTO

 

Mis geen bijdragen

Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook Volg ons op instagram Volg ons op pinterest