Wat is er bekend over (cognitieve en niet-cognitieve) onderwijsresultaten op heterogeen en homogeen samengestelde basisscholen?

Geplaatst op 22 juni 2016

Samenvatting

Effecten van de samenstelling van de leerlingpopulatie op leerprestaties en welbevinden in het basisonderwijs kunnen nauwelijks worden aangetoond, zo blijkt uit het vele onderzoek hiernaar. Dat geldt voor de samenstelling van de leerlingpopulatie naar verschillende soorten kenmerken zoals prestatieniveau, gender, leeftijd, sociaal-economische status en etniciteit.

In het Nederlands basisonderwijs blijkt tot op zekere hoogte een negatief effect van scholen met veel niet-westers allochtone leerlingen, zogenoemde zwarte scholen (Herweijer, 2008). Die negatieve effecten zijn sterker bij taal en minder sterk bij rekenen. Waarschijnlijk wordt dit effect (deels) veroorzaakt door negatieve selectie van leerlingen (zwarte scholen lijken leerlingen te trekken die bij de start al slechter presteren). Verder zijn in de loop van de tijd (sinds eind jaren tachtig) de nadelen van een hoge concentratie niet-westers allochtone leerlingen in het basisonderwijs afgenomen. De verklaring daarvoor is dat scholen met veel allochtone leerlingen het onderwijs inrichten naar de specifieke behoeften van hun leerlingen.

Individuele leerling

Daarnaast blijkt dat een hoog percentage leerlingen met laagopgeleide ouders eveneens een negatief effect heeft op de leerprestaties. Dat effect is kleiner dan het effect van hoge percentages niet-westers allochtone leerlingen. Ook hier lijkt negatieve selectie een rol te spelen: achterstandsscholen trekken zwakkere leerlingen aan. Of dat zijn de scholen waarop ze terechtkomen omdat hoger opgeleide ouders voor andere scholen kiezen.

De samenstelling van de leerlingenpopulatie naar etniciteit en sociaal milieu heeft dus hooguit zwakke effecten op leerprestaties. Veel belangrijker dan deze verschillen tussen scholen zijn de verschillen die samenhangen met de achtergrond van de individuele leerling.

Zelfvertrouwen

Behalve naar effecten op leerprestaties van leerlingpopulatie is er in de review van Herweijer (2008) ook gekeken naar effecten op het welbevinden, het zelfvertrouwen en het zelfbeeld van leerlingen. Voor het welbevinden en zelfvertrouwen maakt het niet uit hoe de klas is samengesteld en of leerlingen deel uitmaken van een minder- of meerderheidsgroep. Wel blijkt een concentratie van niet-westers allochtone leerlingen voor deze leerlingen positief omdat ze zich dan minder het slachtoffer voelen van discriminatie en pesten. En het etnische zelfbeeld van allochtone leerlingen is positiever.

Prestatieniveau

Internationaal onderzoek naar schoolcompositie en leerprestaties levert een weinig consistent beeld op (Bakker, 2012). Enerzijds worden betere leerprestaties gerapporteerd voor cultureel-etnische minderheidsgroepen in heterogeen samengestelde scholen. Anderzijds laat Driessen (2007) op basis van zijn internationale meta-studie zien dat de schoolsamenstelling naar prestatieniveau, gender, leeftijd, sociaal-economische status of etniciteit nauwelijks tot niets uitmaakt voor de prestaties van de leerlingen.

In het onderzoek van Roeleveld e.a. (2014) op basis van data van het cohortonderzoek COOL5-18 (tweede meting) is gekeken wat de invloed van de klassesamenstelling is op de leeropbrengsten van verschillende groepen leerlingen in groep 5 en 8. In deze studie is voor het eerst onderzocht wat de invloed is van het aandeel van verschillende groepen leerlingen tegelijkertijd: achterstandsleerlingen (gewichtenleerlingen), zorgleerlingen maar ook excellente leerlingen. Daarbij is de invloed van de samenstelling van de klassen zowel voor elke categorie leerlingen afzonderlijk onderzocht, als in combinatie.

In het algemeen blijken er maar weinig systematische effecten te zijn van de klassesamenstelling op de leerprestaties. Ook blijken er nauwelijks systematische effecten op cognitief zelfvertrouwen en taakmotivatie.

Uitgebreide beantwoording

Opgesteld door: Sjerp van der Ploeg
Vraagsteller: schoolleider primair onderwijs

Effecten van gemengde leerlingpopulatie

Vragen

  • Welke instrumenten heb je als basisschool om een meer gemengde leerlingpopulatie te bewerkstelligen?
  • Wat is er bekend over (cognitieve en niet-cognitieve) onderwijsresultaten op heterogeen en homogeen samengestelde scholen?

Context

Het antwoord op de vraag moet handvatten voor actie en ook argumenten voor gesprekken over de leerlingsamenstelling van een brede school. We focussen ons op de tweede onderzoeksvraag omdat deze het meest bij het karakter van de Kennisrotonde past. Er is een aantal aandachtspunten bij de beantwoording.

  • Niet alleen de effecten op leerprestaties zijn relevant maar ook de effecten op houding, sociaal welbevinden, e.d.
  • Verder is van belang of effecten anders zijn naarmate de heterogeniteit groter wordt? Dus het gaat niet alleen om verschillen tussen autochtonen en allochtonen maar binnen deze laatste groep ook om de effecten van naast bijvoorbeeld Turkse en Marokkaanse leerlingen ook leerlingen uit bijvoorbeeld Pakistan, Rusland en Kaap Verdië.
  • Zijn effecten eventueel verschillend voor verschillende soorten leerlingen. Bijvoorbeeld naar herkomst van de ouders, naar leeftijd, naar sekse?
  • Eventuele verklarende mechanismen bij effecten zijn daarbij erg interessant. Bijvoorbeeld problemen van docenten om met (niveau)verschillen om te gaan, problemen dat niveauverschillen betere leerlingen afremmen, of dat juist slechtere leerlingen zich optrekken.

Kort antwoord

Uit het vele onderzoek naar de effecten van de samenstelling van de leerlingpopulatie op leerprestaties en welbevinden in het basisonderwijs blijkt dat er nauwelijks dergelijke effecten aangetoond kunnen worden. Dat geldt voor de samenstelling van de leerlingpopulatie naar verschillende soorten kenmerken zoals prestatieniveau, gender, leeftijd, sociaal-economische status en etniciteit. Dit alles wordt bevestigd door recent grootschalig onderzoek in het Nederlandse basisonderwijs uit 2014.

Toelichting antwoord

Er is relatief veel onderzoek gedaan naar de samenstelling van de leerlingpopulatie op scholen op de leerprestaties van leerlingen. Naast een tweetal redelijke recente reviewstudies (Herweijer, 2008; Bakker, 2012) is een recent een empirisch onderzoek specifiek over het Nederlandse basisonderwijs beschikbaar (Roeleveld e.a. 2014). Van deze drie publicaties geven we een korte samenvatting.

Herweijer (2008): review

Vooral in het basisonderwijs is regelmatig onderzocht wat de invloed is van de samenstelling van de leerlingenpopulatie op leerprestaties Daarbij is niet alleen naar de etnische samenstelling van scholen en klassen gekeken maar ook naar de samenstelling naar sociaal milieu. Daaruit blijkt tot op zekere hoogte een negatief effect van zwarte scholen (scholen met veel niet-westers allochtone leerlingen). Die negatieve effecten zijn sterker bij taal en minder sterk bij rekenen. Waarschijnlijk wordt dit effect (deels) veroorzaakt door negatieve selectie van leerlingen (zwarte scholen lijken leerlingen te trekken die bij de start al slechter presteren). Verder blijkt in de loop van de tijd (sinds eind jaren tachtig) dat de nadelen van een hoge concentratie niet-westerse allochtone leerlingen in het basisonderwijs zijn afgenomen. De verklaring daarvoor is dat scholen met veel allochtone leerlingen het onderwijs inrichten naar de specifieke behoeften van hun leerlingen.

Daarnaast blijkt dat hoog percentage leerlingen met laagopgeleide ouders eveneens een negatief effect heeft op de leerprestaties. Dat effect is kleiner dan het effect van hoge percentages niet-westers allochtone leerlingen. Ook hier lijkt negatieve selectie een rol te spelen: achterstandsscholen trekken zwakkere leerlingen aan (of dat is vaak de school waar ze op terechtkomen omdat hoger opgeleide ouders voor andere scholen kiezen).

Al met al is de conclusie voor het Nederlandse basisonderwijs dat de samenstelling van de leerlingenpopulatie naar etniciteit en sociaal milieu hooguit zwakke effecten heeft op leerprestaties. Veel belangrijker dan deze verschillen tussen scholen zijn de verschillen die samenhangen met de achtergrond van de individuele leerling.

Behalve naar effecten op leerprestaties van leerlingpopulatie is er ook gekeken naar effecten op het eigen welbevinden, het zelfvertrouwen en het zelfbeeld van leerlingen. Daaruit blijkt voor het welbevinden en zelfvertrouwen niet uitmaakt hoe de klas is samengesteld en of leerlingen deel uitmaken van een minder- of meerderheidsgroep. Wel blijkt een concentratie van niet-westerse allochtone leerlingen voor deze leerlingen positief omdat ze zich dan minder het slachtoffer van discriminatie en pesten en blijkt het etnische zelfbeeld van allochtone leerlingen positiever.

Bakker (2012): review

Bakker beschrijft hoe het internationale onderzoek naar schoolcompositie en leerprestaties een weinig consistent beeld oplevert. Doorgaans gaat het hier om de zogenaamde peer effect-studies. Enerzijds worden betere leerprestaties gerapporteerd voor cultureel-etnische minderheidsgroepen in heterogeen samengestelde scholen (onder meer in de VS, Frankrijk, België/Vlaanderen en Denemarken). Anderzijds laten meta-analyses met internationaal karakter regelmatig zien dat er geen of uitermate geringe effecten van de schoolsamenstelling op de leerprestaties van leerlingen zijn. Zo concludeert Driessen (2007) op basis van zijn internationale meta-studie dat de schoolsamenstelling naar prestatieniveau, gender, leeftijd, sociaal-economische status of etniciteit nauwelijks tot n iets uitmaakt voor de prestaties van de leerlingen.

Roeleveld e.a. (2014)

In dit onderzoek op basis van data van het cohortonderzoek COOL5-18 (tweede meting) is onderzocht wat de invloed de klassesamenstelling is op de leeropbrengsten van verschillende groepen leerlingen in groep 5 en 8. Nieuw is dat in deze studie voor het eerst onderzocht is wat de invloed is van de aanwezigheid van het aandeel van verschillende groepen leerlingen tegelijkertijd: achterstandsleerlingen (gewichtenleerlingen), zorgleerlingen maar ook excellente leerlingen. Daarbij is de invloed van de samenstelling van de klassen zowel voor elke categorie leerlingen afzonderlijk onderzocht, als in combinatie.

In het algemeen blijken er maar weinig systematische effecten zijn van de klassesamenstelling op de leerprestaties (geoperationaliseerd via de toetsscores voor rekenen/wiskunde en begrijpend lezen). Ook blijken er nauwelijks systematische effecten voor de cognitief zelfvertrouwen en taakmotivatie. De effecten die wel zijn gevonden, blijken erg klein. Dus over het geheel genomen blijkt de mate van heterogeniteit van de klas niet of nauwelijks invloed te hebben op cognitieve en niet-cognitieve leeropbrengsten bij leerlingen.

De auteurs concluderen dan ook dat, ondanks de verwachting dat ‘ingewikkelde’ heterogene klassen met allerlei soorten leerlingen leiden tot lagere cognitieve en sociaal-emotionele uitkomsten, dit soort klassen minimaal even goede uitkomsten opleveren als homogene klassen.

Geraadpleegde bronnen

  1. Bakker, J. 2012. Cultureel-etnische segregatie in het onderwijs: achtergronden, oorzaken en waarom te bestrijden? Landelijk Kenniscentrum Gemengde Scholen. www.gemengdescholen.nl/content/pdfs/Watwenuweten.pdf
  2. Driessen, G. (2007). ‘Peer group’ effecten op onderwijsprestaties. Een internationaalreview van effecten, verklaringen en theoretische en methodologische aspecten. Nijmegen: ITS/Radboud Universiteit Nijmegen.
  3. Herweijer, L. 2008. Segregatie in het basis- en voortgezet onderwijs, in Schnabel, P., R. Bijl en J. de Hart, Betrekkelijke betrokkenheid, Studies in sociale cohesie, Sociaal en Cultureel Rapport 2008, Den Haag: SCP, p. 206-233. http:// www.scp.nl%2Fdsresource%3Fobjectid%3D6fe5aa35-4b6c-486c-850e-d32212465d9c%26type%3Dorg&usg=AFQjCNGMhKi38dpHd7XbZUvB9-Y96QaOnw&bvm=bv.125221236,d.bGs
  4. Roeleveld, J., M. Karssen en G. Ledoux. 2014. Samenstelling van de klas en cognitieve en sociaal-emotionele uitkomsten. (PROBO-onderzoek in de onderzoekslijn ‘Van voorschools tot en met groep 8: thema’s uit het onderwijsachterstandenbeleid onderzocht’). Amsterdam: Kohnstamm Instituut. http://www.kohnstamminstituut.uva.nl/rapporten/beschrijving/ki923.htm

Wilt u meer over dit onderwerp weten, kijk dan ook een op: www.gemengdescholen.nl.

Gerelateerd

Differentiatie methodiek
Differentiatie: Samenwerken in homogene en heterogene groepen
Annemieke Top
Schoolkeuze havo/vwo
Selectie op basis van talent is goed voor de leerresultaten
Annemieke Top
Leren in 2020 - 1
Leren in 2020
Jos Cp
De lerende mens
De lerende mens
Arja Kerpel










Differentiatievormen
Leren leerlingen in de onderbouw van het voortgezet onderwijs beter volgens convergente of divergente differentiatie?
Effecten van centrale vaklestijd
Wat zijn de effecten van een aanpassing in het lesaanbod?
Effect van homogeen of heterogeen groeperen
Heeft het groeperen van de klas, homogeen of heterogeen, effect op de leerprestaties?
Leerlingpopulatie en resultaten
Wat is er bekend over (cognitieve en niet-cognitieve) onderwijsresultaten op heterogeen en homogeen samengestelde basisschole...
NT2-stimuleren taalontwikkeling
Hoe stimuleer je effectief de taalontwikkeling van kinderen die Nederlands als tweede taal (NT2) spreken?
Groepssamenstelling
Groepssamenstelling volgens de groepsfasen van Tuckman
Opdrachtgestuurd leren
Differentiatie in de klas middels opdrachtgestuurd leren
Samenwerken met STIP
Samenwerken in homogene en heterogene groepen in primair onderwijs
Didactische vormgeving
Didactische vormgeving van interactieprocessen voor samenwerkend leren
Schrijf in voor de nieuwsbrief
[extra-breed-algemeen-kolom2]




Leerlingpopulatie en resultaten

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.