Algemeen
Roos van Leary -1- Roos van Leary -2- Professionele vrijheid Verantwoordelijkheid nemen Aandacht in leerproces Gerichte feedback Hoogbegaafdheid leerkrachtcompetenties Interpersoonlijke identiteit Leraarschap waarderen Mindset Observeren Onderzoekende leraar Leerkrachtgedrag Selectie aan poort lerarenopleidingen Zelfvertrouwen leerkracht Verantwoordelijkheid leren Werk van de leraar Ontspannen lesgeven tips
LVS
Nadruk basisvaardigheden po
Ouders
Communicatie met ouders Leraren en ouderbetrokkenheid
Collegiale visitatie
Deel 1: leren van elkaar Deel 2: consultatie Deel 3: intervisie Deel 4: lessonstudy
Professionalisering
Academisch docent po/vo Begeleiding startende leraren VO Competentiemanagement Staat van de leraar Effectief leiderschap UUU werkmodel Opleiden in de school Professionele ontwikkeling Zelfbeoordeling leraren LeerKRACHT initiatief Intern begeleider Expertise leraren pop Gedrag leraren pop Identiteit leraren pop Kennis leraren pop Begeleiden reflectie pop Kwaliteit opleiding Leerkracht centrale factor Leraren leren als gelijken Het lerarenregister Randstad OnderwijsBewijs Geloof eigen kunnen leraren Meedenken aan onderwijskwaliteit Persoonlijk meesterschap Lerende netwerken Persoonlijke effectiviteit Persoonlijkheidstesten Leren samen leren Professional in de spiegel 1 Professional in de spiegel 2 Professionaliteit lerarenopleiders Professionele leergemeenschap Professioneel leren Professioneel vermogen Professionele ontwikkeling leraren Leraren basisscholen Leraren middelbaar beroepsonderwijs Regioleren SBL competenties BAO SBL competenties VO SBL competenties VO MBO Academische pabo Professionele ruimte
Onderwijskwaliteit
Cesuur Maatwerk en vakmanschap Toegevoegde waarde
Leren
Klassenmanagement Onderzoekend leren rol docent Startende leerkracht Scaffoldingstechnieken
Samenwerken
Motivatie Orde en grenzen Co-teaching Duo-collega Ga tot de mier! Luistergedrag Tweetalig communiceren Professionaliseren samenwerken po Communicatie in school Teamcommunicatie Teamleren Verantwoordelijkheid geven
Schoolontwikkeling
Professionele leergemeenschap
Beroepsonderwijs
Competenties docent beroepsonderwijs Professionele ontwikkeling docenten ROC Competentiegericht beroepsonderwijs
Problemen
Werkdruk werkgelegenheid 40-urige werkweek Leraren pesten leraren Emotionele processen leraren Meester Mark -1- Meester Mark -2- Regeldruk en administratie Werkdruk verlagen Werkdruk bespreken Werkdruk normjaartaak Werkdruk tips Werkdruk werkplezier
VO en MBO
Professionele ontwikkeling docenten Ontwikkeling leraren mbo
Passend onderwijs
Hulpstructuur rond leraar Differentiatie handelingsrepertoire Passende professionalisering Pedagogisch didactisch handelen
ICT
Weinig ICT-gebruik

 

Zeven domeinen van leerkrachtcompetenties

Eleonoor van Gerven

Pedagoog en docent hoogbegaafdheid bij Slim Educatief

  

info@slimeducatief.nl

  Geplaatst op 1 juni 2014

van Gerven, E. Hoogenberg-Engbers, I. (2014). Zeven domeinen van leerkrachtcompetenties.
Geraadpleegd op 24-01-2017,
van http://wij-leren.nl/hoogbegaafdheid-leerkrachtcompetenties.php

Dit artikel is samen met Ilja Hoogenberg-Engbers geschreven.

Competente leerkracht

In Talent 8 van 2011 ging Esther de Boer in op wat begaafde leerlingen graag aan leerkrachtgedrag zien. Zij stelt dat het primair gaat om ‘begrepen worden’. De kernbehoeften van Stevens (autonomie en relatie) blijken voor deze leerlingen ook te gelden. Volgens Stevens hebben alle kinderen de behoefte als competent ervaren te worden. Begaafde leerlingen, aldus De Boer, hebben vooral behoefte te leren hoe ze competent kunnen worden. De verwachtingen van begaafde leerlingen zijn vooral gericht op attitude. Wat moet je als leraar allemaal weten en kunnen om de attitude die aansluit bij de verwachtingen van de leerling te kunnen aannemen?
Waarom stel je vragen?
 
Het is nogal wat, een competente leerkracht te zijn. 1-Zorgroute, Passend Onderwijs, vereisen een brede basis van kennis- en vaardigheden in de vorm van leerkrachtcompetenties. Randvoorwaarde om het te redden is nieuwsgierigheid. Goed onderwijs roept nieuwsgierigheid op. Niet alleen bij de leerlingen, maar ook bij de leraar zelf. Het betekent dat je als leerkracht elke dag opnieuw bezig bent met de vraag wat jouw leerlingen nodig hebben en hoe je dat kunt bieden. En die begaafde leerling in de groep, die komt er niet plotseling ‘bij’. De kunst is echter om de tijd die je altijd al aan de leerling besteedde nog meer rendement te laten hebben.

Vragen stellen

Laten we teruggaan naar het voorbeeld waar De Boer mee opende. Een leerkracht stelt een vraag. Een begaafde leerling steekt haar een vinger op. De leerkracht zegt: ’ik weet dat jij het antwoord weet.’ De Boer constateert terecht dat de leerkracht ongevraagd een conclusie trok over de betekenis van de vinger: de leerling zal het antwoord wel weten. Deze leerling wilde echter geen antwoord geven maar een vraag stellen. De Boer concludeert dat de leerkracht daarom ´voor haar beurt spreekt.´ Maar de conclusie is eigenlijk veel schokkender. Stel je als leerkracht een vraag omdat je wilt weten of jouw leerlingen het antwoord weten, of stel je een vraag omdat je wilt uitlokken tot denken en leren? In die tweede mogelijk is de leerkracht onbewust geslaagd: de leerling dacht na over een oplossing en wilde verifiëren of haar denklijn juist was. Maar uit de reactie van de leerkracht op te maken, was dit helemaal niet haar intentie. Zij wilde weten wie van haar leerlingen het antwoord kon geven. Was deze leerkracht nog wel met leren bezig? Hoeveel van de leerlingen zullen van haar vraag iets geleerd hebben? Om welke leerkrachtcompetenties gaat het nu voor het onderwijs aan begaafde leerlingen?

Competentiematrix

Het begeleiden van hoogbegaafde kinderen vraagt wat van de leerkracht. Reden waarom Eleonoor van Gerven (Slim! Educatief) en Ilja Hoogenberg (Zicht op Onderwijs) de Competentiematrix ontwikkelden. In hun boek ‘Begaafd Begeleiden’ (2011) plaatsen zij deze matrix in de context van inclusief onderwijs en het betekenisvol leren van leraren én leerlingen.

Zeven competentiedomeinen

Er zijn zeven competentiedomeinen te onderscheiden in de onderwijskundige zorg voor begaafde leerlingen. De eerste twee domeinen hebben te maken met het herkennen van begaafdheid, in relatie tot wat passend onderwijs voor deze leerling is. Er is een reëel beeld nodig van begaafdheid (domein 1). Je moet begrijpen hoe het ontwikkelingsproces van begaafde leerlingen (onder gunstige omstandigheden) kan verlopen. Als je als leerkracht niet weet wat begaafdheid ´is´ en welke invloed begaafdheid heeft op het ontwikkelingsproces, mis je de basis om effectief te kunnen handelen. De leerkracht die wil dat de leerling ontwikkelt, moet een actieve houding aannemen en een omgeving scheppen waarin dat ook écht mogelijk is.
 
Passend onderwijs vraagt dat een leerkracht weet welke educatieve behoeften zijn of haar leerlingen hebben. Educatieve behoeften zijn impulsen die een leerling nodig heeft om zich optimaal te kunnen ontwikkelen. Je kunt ze verdelen in didactische en pedagogische behoeften. Ze vormen samen het pedagogisch –didactisch dieet dat zorgt dat een leerling gezond en evenwichtig ontwikkelt. Het gaat erom dat de leerkracht educatieve behoeften leert zien (ZEB), begrijpen (BEB) en er passend op reageert (REB). Het zien en begrijpen doe je door een proces waarin je die behoeften profileert (domein 2). Hoewel begaafde leerlingen net zoveel van elkaar verschillen als alle andere leerlingen, zijn ook veel overeenkomsten in hun behoeften te vinden. In het boek ´Gifted Lives´ toont Freeman (2010) aan dat de educatieve behoeften van begaafde leerlingen niet alleen met leerinhoud te maken hebben. Ze hebben ook een sterke sociaal pedagogische component.
 
Uit de wetenschappelijke modellen over begaafdheid zijn drie domeinen af te leiden waarop je interventies kunt plegen. We beginnen bij de leertijd die de leerling in het onderwijs doorbrengt (domein 3). Begaafde leerlingen kunnen hun academische ontwikkeling sneller doorlopen dan andere leerlingen. Als zij de kerndoelen van het basisonderwijs ‘slechts’ hoeven te halen op streefniveau, kunnen ze veel eerder dan andere leerlingen het basisonderwijs verlaten. De vraag is hoeveel eerder dat dan zou moeten zijn en of je niet naar méér dan de kerndoelen zou moeten streven. Begaafde leerlingen hebben academisch gezien immers een veel ruimer ontwikkelingsperspectief dan andere leerlingen.
 
Om dit perspectief om te zetten in realiseerbare doelen, moet je als leerkracht leerinhoud gerichte interventies kunnen plegen (domein 4). Compacten en verrijken is één weg. Een andere weg is een integrerende didactiek toepassen. Dit is een manier werken waarbij leerinhouden zo aangeboden worden dat differentiatie op natuurlijke wijze verloopt. Integrerende didactiek vraagt een goed georganiseerd klassenmanagement én zicht op de (kern)doelen die je wilt bereiken. De werkwijze loont de hele groep, daar waar een strategie van compacten en verrijken ‘alleen’ de begaafde leerlingen loont.
 
Daardoor komt de begaafde leerling niet meer erbij, maar is de leerling erbij. Een kenmerk van integrerende didactiek is dat je op natuurlijke wijze leergedrag gerichte interventies pleegt (domein 5). Deze manier van werken appelleert expliciet op het ‘leren leren’, kritisch en creatief denken. Denkvaardigheden op niveau van herinneren, begrijpen en toepassen ontwikkelen zich tegelijkertijd. Leerlingen worden door deze manier van werken mede-eigenaar van hun eigen leerproces zonder dat ze alleen doen waar ze zelf zin in hebben. Maar ze krijgen wel allemaal meer zin in het leren (Chandra Handa, 2010).
 
Het zesde domein betreft de sociaal-emotionele ontwikkeling van begaafde leerlingen. Als je hen goed wilt begeleiden, dan houd je rekening met hun eigenheden en ontwikkelingsbehoeften op sociaal-emotioneel terrein. Je bent je ervan bewust dat begaafde leerlingen zich in principe sociaal-emotioneel gezien gezond ontwikkelen, mits zij in een veilig schoolklimaat kunnen zijn (De Bruin-De Boer & Van Gerven, 2009). De kennis en vaardigheden van de leerkracht in de eerste vijf domeinen zijn daarvoor onontbeerlijk.
 
Tot slot wijzen we op het zevende domein. Begaafde leerlingen kunnen net als alle andere leerlingen te maken hebben met een leer- of ontwikkelingsstoornis. Het domein ‘begaafd en speciaal’ mag daarom niet ontbreken als we kijken naar welke leerkrachtcompetenties nodig zijn. Deze bijzondere, begaafde leerlingen hebben te maken met aan de ene kant bijzondere capaciteiten en aan de andere kant een basaal onvermogen op een of meerdere terreinen. Soms kunnen die bijzondere capaciteiten het basale onvermogen van de leerling compenseren of zelfs camoufleren. Het is belangrijk dat we heel verantwoord omgaan met de gevolgen die dit voor de leerling heeft. Dat geldt zowel voor de diagnostiek als voor de leerlingbegeleiding.
 
Het is nogal wat, een competente leerkracht te zijn. De zeven competentiedomeinen veronderstellen een verdere professionalisering in een prachtig beroep: ‘leraar, elke dag anders’. Er is, tot slot, een vraag die elke leerkracht zich zou mogen stellen: Hoe ambieer jij er voor jouw leerlingen te zijn?

Literatuur

Boer, E. de (2011) ‘Begrijp je misschien?’ In: Talent, (13) 6, blz. 9-10.
Bruin-de Boer, A. de & Gerven, E. van (2009). De sociaal-emotionele ontwikkeling van begaafde leerlingen. In: E. van Gerven (red.). Handboek hoogbegaafdheid. (pp. 188-211) Assen: Uitgeverij Koninklijke Van Gorcum.
Chandra Handa, M. (2010). Learner-centred differentiationmodel: a new framework. The Australian Journal of Gifted Education (18) 2, blz 55-66.
Freeman, J. (2010) Gifted Lives. Londen: Taylor & Francis.
Gerven, E. van & I. Hoogenberg-Engbers (2011). Begaafd Begeleiden. De competentiematrix voor de specialist begaafdheid. Assen: Uitgeverij Koninklijke Van Gorcum.
Stevens, L. (1997). Overdenken en doen. Den Haag: Procesmanagement Primair Onderwijs.

van Gerven, E. Hoogenberg-Engbers, I. (2014). Zeven domeinen van leerkrachtcompetenties.
Geraadpleegd op 24-01-2017,
van http://wij-leren.nl/hoogbegaafdheid-leerkrachtcompetenties.php

Gerelateerd

Kiene kleuters in de klas
Kiene kleuters in de klas
Begeleiden van kleuters met een ontwikkelingsvoorsprong
Medilex Onderwijs 
Onderpresteren
Onderpresteren: kenmerken - oorzaken - gevolgen - aanpak
Arja Kerpel
Hoogbegaafdheid
Hoogbegaafdheid - kenmerken - gedrag - tips aanpak
Arja Kerpel
Slimme kleuters
Slimme kleuters
Eleonoor van Gerven
Onderpresteerders
Onderpresteerders
Eleonoor van Gerven
Leerstof hoogbegaafden
Leerstof hoogbegaafden: moeilijk moet!
Eleonoor van Gerven
Visies op begaafdheid
Het verschil mag er wezen - Twee visies over begaafdheid
Eleonoor van Gerven
Werk van de leraar
De leraar en de hartchirurg
Jan Jutten
Uitdagend onderwijs
Beter begeleiden van uitdagend onderwijs
Eleonoor van Gerven
Passend onderwijs voor begaafden
Passend onderwijs voor begaafde leerlingen
Arja Kerpel
Onderpresteren
Onderpresteren op de basisschool
Arja Kerpel
Beleid hoogbegaafdheid
Slim beleid - Beleid rond hoogbegaafdheid
Arja Kerpel
Misdiagnose van hoogbegaafden
Misdiagnose van hoogbegaafden
Arja Kerpel
Begeleiding hoogbegaafden
De begeleiding van hoogbegaafde kinderen
Arja Kerpel
Begaafde onderpresteerders
Het begeleiden van begaafde onderpresteerders
Arja Kerpel
Gevoelig hoogbegaafd
Gevoelig hoogbegaafd - hoogsensitiviteit bij hoogbegaafden
Arja Kerpel

E-portfolio’s
Dragen e-portfolio’s in het basisonderwijs bij aan meer leerwinst, metacognitie en zelfsturing?
Studiemotivatie VWO plus
Studiemotivatie hoogbegaafde leerlingen in VWO-plus
Motivationele differentiatie
Invloed van cognitieve en motivationele differentiatie bij hoogbegaafde en getalenteerde leerlingen
Excellentie
Excellentie bij samenwerkend leren in het hoger onderwijs
Voorspellen excellentie
Samenhang tussen kenmerken van leerlingen en onderwijsgerelateerde factoren bij excellentie
Verrijkingsprogramma
Invloed van verrijkingsprogramma’s op de leerprestaties van hoogbegaafde leerlingen
Invloed leeromgeving vo
Invloed van leeromgeving op motivatie, zelfregulering en prestaties van potentieel excellente studenten
Identificatie excellente leerling
Identificatie en ontwikkeling van excellente leerlingen
Motivatie verhogen TIME
Verbetering motivatie en studieloopbaan in het mbo met TIME – OnderwijsBewijs
Omgaan met excellentie po
Omgaan met excellentie in het primair onderwijs
Metacognitie VWO leerlingen
Hoogbegaafdheid en metacognitie van VWO-leerlingen – OnderwijsBewijs
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
[extra-breed-algemeen-kolom2]

NOT 2017

Reviews ontwikkelingsmateriaal

Hoogbegaafdheid leerkrachtcompetenties



Inschrijven nieuwsbrief



Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.