De uitgangspunten van Handelingsgericht werken 5 - 7

NoŽlle Pameijer

School-, GZ- en kinderpsycholoog NIP bij SWV Passend Onderwijs Unita

 

n.pameijer@gmail.com

  Geplaatst op 1 juni 2014

van Beukering, T. de Lange, S. Pameijer, N. (2014). De uitgangspunten van Handelingsgericht werken 5 - 7.
Geraadpleegd op 23-02-2017,
van http://wij-leren.nl/hgw-pameijer.php

Medeauteurs van dit artikel zijn Tanja van Beukering en Sonja de Lange.

Kader voor reflectie en kwaliteitsverbetering

Voor Handelingsgericht werken gelden zeven samenhangende uitgangspunten. Deze bieden een kader voor reflectie en kwaliteitsverbetering. In een vorig artikel kwamen de eerste vier uitgangspunten aan de orde. In dit artikel worden de andere drie uitgangspunten beschreven.

 
In een vorig artikel bespraken we de eerste vier uitgangspunten van HGW:
1. Onderwijsbehoeften staan centraal;
2. Het gaat om afstemming en wisselwerking;
3. De leerkracht doet ertoe;
4. Positieve aspecten zijn van groot belang.
 
In dit tweede artikel bespreken we de laatste drie uitgangspunten:
5. We werken constructief samen;
6. Ons handelen is doelgericht;
7. De werkwijze is systematisch en transparant.

5. Constructieve samenwerking met ouders en leerlingen

Een belangrijk kenmerk van effectieve ouderbetrokkenheid is een goede communicatie Constructieve communicatie tussen school en ouders is effectief bij het verbeteren van de werkhouding, het sociaal-emotioneel functioneren en de schoolprestaties van leerlingen. De school is daarom verantwoordelijk om ouderbetrokkenheid te stimuleren. Zij geeft haar verwachtingen helder aan: wat verwachten wij van u als ouder? Denk hierbij aan zaken als: het kind komt elke dag op tijd op school en thuis is er aandacht voor het schoolwerk.

Richtlijnen HGW

Binnen HGW hanteren we de volgende richtlijnen:
1. Laat ouders weten dat ze welkom zijn op school en benadruk dat school en ouders een gemeenschappelijk belang hebben: het kind;
2. Wees duidelijk over de rol en verantwoordelijkheden van school en ouders;
3. Benut de begeleidingsstructuur van de school als kader voor communicatie;
4. Benoem dat het gedrag van een leerling op school anders kan zijn dan thuis;
5. Verwoord zowel zorgen als positieve aspecten;
6. Wees duidelijk over de bedoelingen van de school;
7. Maak samen afspraken, leg deze schriftelijk vast, geef ouders een kopie hiervan en evalueer de afspraken.

Bij HGW praten we zo veel mogelijk ‘met’ in plaats van ‘tegen’ of ‘over’ leerlingen en hun ouders. In deze samenwerking heeft een ieder een wezenlijke bijdrage.
 
De leerkracht is de onderwijsprofessional en kent het kind als leerling het beste. Je ziet het in uiteenlopende situaties, zoals tijdens instructiemomenten en zelfstandig werken bij taal, lezen, spelling, rekenen, schrijven, wereldoriëntatie of bij gym en buitenspelen.
Je bent verantwoordelijk voor het onderwijs en bepaalt welke aanpak voor jou wenselijk en haalbaar is en welke ondersteuning je daarbij nodig hebt.
 
Ouders zijn ervaringsdeskundigen. Ze kennen hun kind het best en het langst, zij zien het in uiteenlopende situaties in het gezin en daarbuiten, zoals thuis, achter de computer, voor de tv, bij familie, met andere kinderen buiten, op de voetbalclub. Ze zijn verant-woordelijk voor de opvoeding van hun kind.
 
Het is belangrijk dat ouders zich realiseren dat zij het gedrag van hun kind op school in positieve zin kunnen beïnvloeden. Ze kunnen de school van cruciale informatie voorzien en ze kunnen waardevolle tips voor de aanpak van hun kind geven.
 

Het benutten van de kennis van een moeder

De leerkracht van Joris heeft een sterk klassenmanagement, de lesovergangen verlopen soepel en snel. Maar ze ervaart moeite met Joris; voor hem zijn de lesovergangen moeilijk. Ze heeft van alles geprobeerd, toch raakt Joris bij elke leswisseling in paniek.
 
Hij gooit zijn spullen van tafel of hij houdt zijn handen over zijn oren. Het duurt dan al snel vijf minuten voordat hij zich herstelt en de juiste spullen voor zich heeft liggen. De leerkracht besluit dit met moeder te bespreken. Eerst noemt ze kort het probleem, daarna verwoordt ze haar doel: dat Joris een leswisseling rustig doorloopt en binnen twee minuten zijn spullen op tafel heeft liggen.
 
Vervolgens vraagt ze moeder mee te denken over een goede aanpak: is er misschien een aanpak die thuis helpt bij overgangen? Moeder weet het meteen: de kookwekker. Als zij deze gebruikt, dan zit Joris binnen een minuut van de computer aan tafel. Zonder kookwekker kan zo’n overgang eindeloos duren en tot een conflict leiden. Moeder heeft ermee geëxperimenteerd en het werkt. Ze
heeft deze informatie van de website van Balans.
 
De leerkracht geeft aan dat zij nog niet gedacht heeft aan een kookwekker, maar dat het haar zinnig en haalbaar lijkt. Ze spreken af dat moeder dit vanmiddag thuis met Joris zal voorbereiden, dat de leerkracht er morgen mee begint en dat ze elkaar over een week spreken om na te gaan of het doel is behaald. Moeder waardeert het gesprek zeer en geeft de leerkracht de volgende ochtend een cadeautje: een kookwekker. Inderdaad, het blijkt effectief: het doel is in drie dagen bereikt.
 
Leerlingen zijn mederegisseur van hun eigen leerproces; ze kunnen doorgaans goed aangeven wat ze willen leren, hoe ze zich willen gedragen en hoe ze denken dat dit hen gaat lukken. Elke leerling wil grip hebben op zijn ontwikkeling. Het is de kunst om de balans te vinden tussen ‘sturing van de leerkracht enerzijds en inbreng van de leerlingen anderzijds’. Dit kan door het gezamenlijk formuleren van doelen, bespreken hoe deze te bereiken en door het geven van gerichte feedback. De leerkracht biedt het kader en de leerling is betrokken bij de invulling en kiest binnen de grenzen die de leerkracht aanbiedt. Gesprekken met leerlingen zijn dan ook een belangrijk aandachtspunt bij HGW, bijvoorbeeld om een ‘kindplan’ te maken.

6. Doelgericht werken

Zonder doelen geen richting, geen effectieve feedback en geen mogelijkheid om je werk te evalueren.
 
Bij HGW werken we doel- en opbrengstgericht: waar willen we naartoe en wat hebben we daarvoor nodig? Wat willen we bereiken met onze school, ons team, deze groep, deze leerling of deze ouders? Doelen bepalen is de eerste stap bij het formuleren van onderwijsbehoeften. Ze zijn ook nodig om te evalueren of het plan gewerkt heeft. Je probeert een en ander bewust uit, experimenteert met verschillende aanpakken en reflecteert op de effecten ervan. Vanuit deze kritische, onderzoekende houding zoek je gericht naar aanknopingspunten hoe verder te gaan. Ambitieuze doelen en effectieve feedback zijn belangrijke kenmerken van effectief adaptief onderwijs.
 
Daarom werken we bij HGW steeds met concrete korte- en langetermijndoelen. We evalueren deze in een cyclus van planmatig handelen. Het stellen van uitdagende doelen geldt voor alle leerlingen, ook voor de leerlingen die extra begeleiding nodig hebben. Ook deze leerlingen profiteren van hoge verwachtingen. Dit geldt zowel voor taal en rekenen, als voor de werkhouding en sociale competenties. Leerkrachten bespreken hun hoge verwachtingen met de leerlingen. Leerlingen die effectieve feedback ontvangen, blijken aanzienlijk hogere leerprestaties te behalen dan leerlingen die dit niet krijgen. Kleine, snelle doelen hebben de grootste kans van slagen en geven je als leerkracht houvast bij het geven van feedback.
 

Casus

Jordi (groep 3) komt ’s ochtends binnenstormen, gooit zijn jas en tas op de grond en rent richting bouwhoek voorbij de leerkracht. Die roept geïrriteerd: ‘Jordi, doe normaal!’ Jordi kijkt haar niet begrijpend aan. Dan bedenkt de leerkracht zich dat ‘doe normaal’ geen duidelijk doel is. Wat is normaal voor een zesjarige met veel energie?
 
Als ze later op de ochtend even tijd heeft, zet ze dat op papier. Ze herformuleert ‘normaal doen’ in vijf kleine, snelle doelen:
1. Bij binnenkomst, hang je je jas op de kapstok;
2. Je doet je tas in de bak;
3. Dan groeten we elkaar: geven een hand, kijken elkaar aan en zeggen ‘goedemorgen’;
4. Je pakt een boek uit de kast;
5. Je gaat aan je tafel kijken/lezen in je boek tot we beginnen met de les.
 
In de pauze bespreekt ze dit met Jordi, ze vertelt hem dat ze zijn ‘binnenkomgedrag’ samen met hem wil verbeteren. Ze laat hem eerst vertellen wat hij zelf onder goed ‘binnenkomgedrag’ verstaat. Het valt haar op hoe goed hij de regels kent. Jordi is akkoord met de doelen. Maar aan het vijfde doel voegt hij toe ‘samen met mijn vriend Luuk, want hij helpt me altijd’. De leerkracht ondersteunt dit idee, want ze heeft gezien dat Jordi rustiger wordt als hij met Luuk werkt of speelt. Ook Luuk vindt het een goed idee.
 
Als ze Jordi vraagt of ze nog iets anders moeten regelen voordat ze morgen beginnen, zegt Jordi ‘dat
we het aan m’n moeder vertellen’. Aan het einde van de dag vertellen de leerkracht en Jordi hun plan aan moeder. Die vindt het een ‘super idee’ en stelt voor dat ze thuis ook gaan oefenen met de jas ophangen. Ze hebben er alle drie zin in, volgens Jordi is het ‘een makkie’. Over twee weken zullen ze met z’n drieën evalueren of de vijf doelen zijn behaald.
 
De volgende dag merkt de leerkracht al dat ze houvast heeft aan haar ‘kleine, snelle doelen’. Ze ondersteunen haar bij het geven van gerichte feedback. Ze kan direct benoemen welk gewenst gedrag ze al ziet (‘Jordi, wat hangt je jas goed op de kapstok,
wat ligt je tas mooi in de bak en wat fi jn dat je je boek al uit de kast hebt gehaald.’) en welk gedrag beter kan (‘Zullen we het groeten nog even oefenen: geef me een hand, kijk me aan, goedemorgen!’ en ‘Dan kun je nu met Luuk je boek gaan bekijken.’).
 

7. Systematisch en transparant

Op school zeggen we wat we doen en we doen wat we zeggen De werkwijze van HGW is systematisch en verloopt in stappen. Het is duidelijk hoe we op school willen werken en waarom. Er zijn heldere afspraken over wie wat doet, waarom, waar, hoe en wanneer. De school is ‘transparant’: open over het werk dat ze doet, heeft gedaan en dat ze van plan is te doen. Een handelingsgerichte leerkracht werkt planmatig. Ten minste drie maal per schooljaar doorloopt zij, met steun van de IB’er, de stappen van de HGW-cyclus op groepsniveau:
1. verzamelen en analyseren van leerlingengegevens;
2. signaleren van leerlingen die extra begeleiding nodig hebben;
3. clusteren van leerlingen met vergelijkbare onderwijsbehoeften;
4. opstellen van een groepsplan;
5. dit plan uitvoeren;
6. evalueren.

HGW formulieren

Formulieren maken HGW herkenbaar en bespreekbaar. Ze fungeren als leidraad en geheugensteun, zodat we geen belangrijke dingen over het hoofd zien. Ook voorkomen ze dat de uitgangspunten van HGW verwateren.
De HGW-formulieren passen bij de visie van de school en de werkwijze van het team. Belangrijk is dat deze formulieren functioneel zijn, zodat ze helpen bij de planning van het dagelijks werk en de reflectie daarop. Ze zijn een hulpmiddel, niet meer en niet minder. Het is van belang dat de verschillende formulieren goed op elkaar aansluiten en elkaar vooral niet overlappen, want herhaling kost onnodig veel tijd, energie en irritatie. Let wel: in ieder formulier dienen alle zeven uitgangspunten van HGW terug te komen, anders is het geen ‘handelingsgericht formulier’. De ingevulde formulieren kunnen meteen als verslag fungeren. Omdat ook de afspraken erin zijn opgenomen, verkleint dit de kans op misverstanden.

Kiezen voor HGW

De zeven uitgangspunten van HGW bieden een wenselijk kader. Een schoolteam kan ervoor kiezen om volgens deze uitgangspunten te werken. We spreken pas van een succesvolle implementatie van HGW als álle
uitgangspunten werkelijk tot hun recht komen. Past HGW bij onze waarden en opvattingen? Het gaat hierbij om reflecteren en keuzes maken: wat doen we al handelingsgericht, wat zouden we handelingsgerichter willen doen en waarom? Hoe kunnen we met HGW ons onderwijs en de begeleiding voor alle leerlingen verder ontwikkelen in het perspectief van passend onderwijs? Op welke wijze kan HGW ons helpen bij het realiseren van onze visie en missie? Het is belangrijk dat de leidinggevende samen met het team een bewuste keuze voor HGW maakt, passend bij de schoolvisie en andere ontwikkelingen in de school.

Literatuur

• Pameijer, N., Beukering, T. van & Lange, S. de (2009). Handelingsgericht werken: een handreiking voor het schoolteam. Samen met collega’s, leerlingen en ouders aan de slag. Leuven: Acco.
• Pameijer, N., Beukering, T. van & Lange, S. de (2010). ‘De uitgangspunten van Handelingsgericht werken’. In: JSW 94 (7), pp. 6-9.

van Beukering, T. de Lange, S. Pameijer, N. (2014). De uitgangspunten van Handelingsgericht werken 5 - 7.
Geraadpleegd op 23-02-2017,
van http://wij-leren.nl/hgw-pameijer.php

HGW uitgangspunten 5 - 7



Inschrijven nieuwsbrief


Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.