Beelddenken

De (niet-bewezen) theorie van het beelddenken houdt het volgende in: Kinderen die in beelden denken, zien plaatjes in hun hoofd. Dit in tegenstelling tot taaldenkers, die zien woorden en begrippen.
 
Beelddenkers zijn in twee soorten te verdelen. Het eerste type heeft een extreme voorkeur voor visueel-ruimtelijk denken en heeft problemen met auditief-volgordelijk denken. Het tweede type heeft een sterke voorkeur voor visueel-ruimtelijk denken, maar bij deze leerling zijn de auditief-volgordelijke functies wel goed ontwikkeld.
 
Beelddenkers kunnen zonder visualisatie niet goed denken, en dus ook niet goed leren. Daarom is het goed als een leerkracht zijn/haar les ondersteunt met plaatjes en concreet materiaal. Beelddenken komt relatief veel voor bij hoogbegaafden, kinderen met dyslexie, autisme en ADHD. 
 
Er is veel kritiek op deze theorie.
 

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.