Verkeersmethode gratis proberen

Waarom jonge starters afhaken op de werkplek, en wat werkgevers daaraan kunnen doen

Geplaatst op 22 augustus 2026

Waarom jonge starters afhaken op de werkplek, en wat werkgevers daaraan kunnen doen

Organisaties die moeite hebben jonge medewerkers vast te houden, kijken meestal naar salaris, ontwikkelmogelijkheden en werkdruk. Een factor die zelden op die lijst staat, is de fysieke werkplek. Toch blijkt daar een opvallend verschil te zitten tussen generaties, en het verschil valt precies de verkeerde kant op.

De jongste groep is het minst tevreden

Uit onderzoek van Van Garderen Kantoormeubelen, uitgevoerd onder 1.050 werkenden in Nederland en representatief op leeftijd, geslacht en regio, blijkt dat werknemers tussen 18 en 24 jaar het minst tevreden zijn over hun werkplek. Van deze groep is 71,0 procent tevreden, met een gemiddelde beoordeling van 6,9 op een schaal van 1 tot 10. Dat is de laagste score van alle leeftijdsgroepen.

Ter vergelijking: bij werknemers van 55 jaar en ouder ligt de tevredenheid op 82,4 procent, oplopend tot 86,3 procent bij 65 plussers. Gemiddeld over alle leeftijden komt de werkplektevredenheid uit op een 7,3. De jongste groep zit daar dus ruim onder.

Terwijl juist zij er waarde aan hechten

Wat dit gegeven interessant maakt, is dat het niet gaat om onverschilligheid. Integendeel. Werknemers tot 34 jaar leggen een sterker verband tussen hun werkplek en hun mentale gezondheid dan oudere collega's: zij scoren daar een 6,6 tot 6,8 op, tegenover 5,3 bij 65 plussers.

Diezelfde groep is ook het meest bereid om vaker naar kantoor te komen wanneer de werkplek beter is ingericht. En het is de groep die doorgaans het minst honkvast is bij een werkgever. Wie jonge mensen wil binnenhalen en houden, heeft hier dus een concreet aangrijpingspunt dat weinig aandacht krijgt.

“Dat juist jongeren het minst tevreden zijn over hun werkplek, terwijl ze er veel waarde aan hechten, is een belangrijk signaal. Voor werkgevers die deze groep willen aantrekken en behouden, is de werkplek een factor om serieus te nemen.” 
Bart Massa, Van Garderen Kantoormeubelen

Vier oorzaken die steeds terugkeren

Wanneer werknemers toelichten waarom zij ontevreden zijn, komen vier thema's het vaakst naar voren. Drukte en gebrek aan ruimte op kantoor staat bovenaan. Daarna volgt de ergonomie van de werkplek, zoals een bureaustoel of bureau dat slecht instelbaar is. Klimaat en temperatuur vormen het derde thema, en geluid en afleiding in open werkruimtes het vierde.

Geen van deze oorzaken is leeftijdsgebonden. Ze raken iedereen, maar de jongste groep is er het kritischst over. Dat betekent ook dat een oplossing die voor hen werkt, breed effect heeft.

De stoel is de meest concrete ingreep

Van de vier genoemde oorzaken is ergonomie de enige die je zonder verbouwing kunt aanpakken. En het effect is groter dan vaak wordt aangenomen. Uit hetzelfde onderzoek blijkt dat 8,7 procent van de werknemers met een ergonomische stoel lichamelijke klachten meldt, tegenover 20,4 procent bij een standaard stoel. Dat is een verschil van ongeveer 63 procent minder kans op klachten.

Belangrijke kanttekening daarbij: het ministerie van SZW wijst er op Arboportaal op dat langdurig zittend werk op zichzelf een gezondheidsrisico vormt, hoe goed de stoel ook is. Afwisseling tussen zitten en staan blijft dus nodig naast de kwaliteit van het meubilair.

Ook de tevredenheid loopt mee: 83,6 procent van de mensen met een ergonomische stoel is tevreden over de werkplek, tegenover 63,4 procent zonder. Voor een organisatie die iets wil doen aan werkplektevredenheid zonder direct een verbouwing te starten, is een ergonomische bureaustoel daarmee het meest voor de hand liggende beginpunt.

Instelling doet er net zoveel toe als aanschaf

Een kanttekening die uit het onderzoek naar voren komt en die in de praktijk vaak wordt overgeslagen: veel werknemers denken op een ergonomische stoel te zitten terwijl die nauwelijks instelbaar is. En van de stoelen die het wel zijn, is een deel nooit op de gebruiker afgesteld.

Een goede stoel die op de fabrieksinstelling blijft staan, levert een fractie op van wat mogelijk is. Een instructie van tien minuten bij de introductie van een nieuwe medewerker is daarmee een van de goedkoopste interventies die er zijn. Voor onderwijsorganisaties geldt dat evengoed voor de docentenkamer en de administratieve werkplekken als voor kantoortuinen in het bedrijfsleven.

Wat je ermee kunt

Neem de werkplek mee in het gesprek over binden en boeien, niet alleen in de arbo-checklist. Vraag jonge medewerkers expliciet naar hun werkplek in het eerste evaluatiegesprek, want zij melden het minst snel uit zichzelf dat er iets niet klopt.

En begin bij het onderdeel waar mensen de meeste uren mee in aanraking komen. De cijfers wijzen daarbij consequent één kant op, en het is niet het onderdeel waar de meeste organisaties hun budget aan besteden.

Heb je vragen over dit thema? Stel ze in de onderwijs community binnen de Wij-leren.nl Academie!

Dossiers

Uw onderwijskundige kennis blijft op peil door 4000+ artikelen.