Pesten en klasdynamiek (8): Samen sterk in pestpreventie: leraar, team en school
Nathalie Hoekstra
Postdoctoraal onderzoeker ontwikkelingspsychologie bij Radboud Universiteit
Geraadpleegd op 19-02-2026,
van https://wij-leren.nl/pesten-pestpreventie.php/
Laatst bewerkt op 9 februari 2026

Pesten en klasdynamiek (8): Samen sterk in pestpreventie: leraar, team en school
Hoe ontstaat een veilig klasklimaat? Welke rol speelt groepsdynamiek daarbij? En wat kun je als leraar doen als er sprake is van pesten? In deze artikelenserie duiken we dieper in de sociale processen binnen de klas en de mechanismen achter pesten, signaleren en ingrijpen. We verkennen de rol van pesters, slachtoffers, meelopers én leraren en laten zien hoe sociale veiligheid doelgericht versterkt kan worden.
Op basis van onderzoek en praktijkervaring beantwoorden we vragen als: Waar komt pestgedrag vandaan? Wat is de impact op het slachtoffer? Wat maakt een interventie effectief? En kan een andere zitplaatsindeling bijdragen aan een veiligere klas? Deze artikelenserie biedt concrete handvatten voor leraren, intern begeleiders, schoolleiders en ouders om actief bij te dragen aan een sociaal veilige leeromgeving, waarin ieder kind zich veilig, gezien en gesteund weet.
Samen sterk in pestpreventie: leraar, team en school
In de voorgaande artikelen is zichtbaar geworden hoe pesten ontstaat binnen de sociale dynamiek van de klas en welke diepe impact het heeft op kinderen en groepen. Daarmee wordt ook duidelijk hoe groot de verantwoordelijkheid en de invloed van leraren is. In dit artikel zoomen we in op pestpreventie. We kijken daarbij op drie niveaus, omdat pesten nooit een individueel probleem is en effectieve preventie alleen werkt wanneer individuele leraren, het team en de school op één lijn liggen en vanuit dezelfde visie en aanpak handelen. Hoewel we in dit artikel voornamelijk spreken over leraren, dragen alle medewerkers bij aan een veilig schoolleven: van directeur en conciërge tot administratief medewerker en pleinwachtouders.
Hoe kun je als leraren, als team en als school een stevige basis bouwen in het voorkomen van pesten? Welke kennis, houding en vaardigheden maken verschil? En hoe zorg je dat dagelijkse routines, toezicht op risicoplekken en schoolbreed beleid samen een stevig fundament vormen voor sociale veiligheid?
"Pesten is geen individueel probleem, maar een groepsproces dat vraagt om gezamenlijke verantwoordelijkheid."
Dit is het achtste deel van een artikelenserie over pesten en klasdynamiek. Lees ook de overige delen van deze serie:
- Deel 1: Sociale dynamiek in de klas
- Deel 2: De vele gezichten van pesten
- Deel 3: Het slachtoffer in beeld
- Deel 4: De pester onder de loep
- Deel 5: De sociale context van pesten
- Deel 6: De impact van pesten
- Deel 7: De rol van de leraar in sociale dynamiek
Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen, tips en infographics? Schrijf je dan in voor het gratis kennisdossier van de Wij-leren Academie.
Hoe kun je pesten voorkómen?
In dit artikel zoomen we in op drie niveaus in de onderwijspraktijk. We bekijken het perspectief van de leraar, het schoolteam en de school. Wat kan je op deze niveaus doen om pesten te voorkomen? We bespreken bevindingen uit wetenschappelijk onderzoek en vertalen die naar concrete handelingen die richting geven aan wat je op verschillende niveaus binnen de school kunt doen.
De leraar
Een preventieve aanpak begint op het niveau van de leraar. Individuele leraren spelen in pestpreventie een sleutelrol: zij staan dagelijks dicht bij leerlingen en zien als eersten veranderingen in gedrag of groepsprocessen. Toch voelt niet iedere leraar zich voldoende toegerust als het gaat om pestsituaties. Onderzoek laat zien dat op het niveau van de leraar drie factoren een rol spelen: 1) de kennis, 2) de houding en 3) het zelfvertrouwen van de leraar zijn bepalend voor effectief ingrijpen.
"De leraar staat het dichtst bij de groep en ziet als eerste wanneer sociale processen kantelen."
1. Vergroot je kennis over pesten en groepsprocessen
Kennis is de eerste stap naar effectief ingrijpen. Zowel Nederlands onderzoek als internationale studies laten zien dat leraren het vaak lastig vinden om pesten te definiëren. Ze weten dus niet precies wanneer er nu van pesten gesproken moet worden, terwijl de eerste stap richting een pestvrije schoolomgeving is dat iedereen in het schoolteam voldoende kennis over pesten en groepsprocessen heeft.
Wat kun je als leraar doen?
- Reflecteer op je eigen kennis rondom pesten. Weet je wat pesten is en in welke vormen het zich voordoet? Herken je de signalen? Ben je op de hoogte van de afspraken binnen jullie school, zoals het pestprotocol of de aanpak rondom sociale veiligheid?
- Houd ook je kennis over groepsdynamiek tegen het licht. Niet alleen de betrokkenen, maar ook de groep als geheel speelt een belangrijke rol, omdat pesten een groepsproces is. Door meer te weten over hoe rollen in een pestsituatie ontstaan, welke gedragingen normaal gevonden worden en hoe omstanders reageren, kun je beter begrijpen waarom pesten ontstaat en hoe je dat kunt veranderen. Wie goed op de hoogte is, herkent subtiele signalen eerder, kan gerichter handelen en draagt bij aan een preventieve cultuur binnen de school.
- Ga actief op zoek naar bronnen of trainingen die je zou kunnen benutten om je bij te scholen. Voorbeelden hiervan zijn artikelenseries zoals deze, webinars, de NRO Kennisrotonde (platform waar onderwijsprofessionals vragen kunnen stellen die vanuit de wetenschap beantwoord worden), of trainingen op het gebied van pesten of sociale dynamiek. Let hierbij op dat de bronnen of trainingen wetenschappelijk onderbouwd zijn. Praktijkervaringen zijn natuurlijk ook van onschatbare waarde, maar wanneer je je kennis bijspijkert op het gebied van pesten en sociale dynamiek, is het belangrijk dat de kennis onderbouwd en systematisch getoetst is.
"Inzicht in groepsprocessen helpt leraren om verder te kijken dan individueel gedrag."
2. Reflecteer op je eigen houding ten opzichte van pesten
Niet alleen wat je als schoolteam weet over pesten, maar ook hoe je naar pesten kijkt en welke houding je daarbij aanneemt, maakt verschil. Leraren die pesten zien als iets waar ze invloed op hebben, grijpen sneller en doeltreffender in.
Wat kun je als leraar doen?
- Herken je eigen patroon van attributies. Dit is de manier waarop mensen oorzaken toeschrijven aan gedrag of gebeurtenissen. Hoe je pesten attribueert, beïnvloedt sterk óf en hoe je handelt. Zie je pesten als iets stabiels (“zo zijn sommige kinderen nu eenmaal”) of als iets veranderbaars (“gedrag dat we samen kunnen beïnvloeden”)? En beschouw je het als iets buiten je invloed (“het gebeurt thuis of op het plein, dus ik kan er niets aan doen”) of binnen je invloed (“ik kan als leraar werken aan de groepsdynamiek”)?
- Wees je bewust van je eigen vooroordelen. We zijn geneigd het gedrag van anderen (leerlingen) sneller toe te schrijven aan interne factoren (hun persoonlijkheid) dan ons eigen gedrag, wat we sneller toeschrijven aan externe factoren (de situatie). Dit wordt in de sociale psychologie de fundamentele attributiefout genoemd. Wanneer je als leraar denkt dat pestgedrag van leerlingen een uiting van hun persoonlijkheid is, zul je minder of zelfs niet het gevoel hebben dat je er iets aan kunt veranderen.
- Probeer je te focussen op veranderbare, interne oorzaken. Op die manier blijf je gemotiveerd om je in te blijven zetten voor pestpreventie, je bent er immers van overtuigd dat er winst te behalen valt.
"De overtuiging dat gedrag te beïnvloeden is, vormt de basis van preventief handelen."
3. Check je eigen zelfeffectiviteit: vertrouwen in eigen handelen
Veel leraren geven aan dat ze wel íéts willen doen in pestsituaties, maar twijfelen of dit wel binnen hun macht ligt. Het vertrouwen dat je in staat bent de nodige stappen te zetten om een doel te behalen, wordt zelfeffectiviteit, ook wel self-efficacy genoemd. Onderzoek heeft laten zien dat leraren die over een hogere mate van zelfeffectiviteit beschikken, meer ingrijpen in pestsituaties en dat hun leerlingen minder pestgedrag vertonen. Bovendien blijkt uit Nederlands onderzoek dat deze leraren bijdragen aan meer zelfvertrouwen van gepeste leerlingen.
- Reflecteer op je eigen zelfeffectiviteit met betrekking tot pesten. In hoeverre heb je het gevoel dat je bekwaam bent in het voorkomen van pesten in jouw groep? Wat heb je nodig om je hierin zekerder te voelen? Onzekerheid over het eigen handelen kan leiden tot uitstel of zelfs niets doen, terwijl het gevoel dat je weet wat je moet doen (en het vertrouwen dat je dat ook kunt) een groot verschil maakt. Hoe zekerder je bent van je kennis, vaardigheden en oordeel, hoe sneller en doeltreffender je zult handelen.
- Probeer je zelfeffectiviteit rondom pesten ook actief uit te dragen. Hoe meer leerlingen inschatten dat hun leraar zelfeffectief is met betrekking tot pesten, hoe minder zij aangeven dat er in de klas gepest wordt. Dit kun je doen door je actief uit te spreken tegen pesten, te laten zien dat je de regels rondom pesten actief handhaaft en door uit te dragen dat er in jouw klas geen ruimte is voor pesten.
- Blijf je ook altijd bewust van de wisselwerking met andere aspecten rondom pestpreventie en beschouw een hoge zelfeffectiviteit niet als voldoende op zichzelf. Onderzoek heeft namelijk laten zien dat erg hoge niveaus van zelfeffectiviteit niet altijd positief blijken. In klassen waar leraren erg hoog scoren op zelfeffectiviteit, maar weinig geneigd zijn om concrete anti-pest maatregelen toe te passen, vindt meer pesten plaats. Wanneer leraren een hoge zelfeffectiviteit én veel bereidheid tonen om anti-pest maatregelen in te zetten, is dit wel gerelateerd aan lagere niveaus van pesten in de klas. Het is dus belangrijk je ervan bewust te blijven dat effectieve pestpreventie altijd uit meerdere componenten bestaat.
"Vertrouwen in eigen handelen werkt alleen als het gepaard gaat met concreet en zichtbaar ingrijpen."
Het team
De inzet van individuele leraren is hard nodig, maar niet voldoende voor goede pestpreventie. Het is belangrijk dat deze leraren zorgen voor sociale veiligheid op plekken waar meer risico op pesten is en dat zij als team één front vormen. Zo creëren ze gezamenlijk een schoolklimaat waarin pesten zo min mogelijk kans krijgt.
1. Zorg voor sociale veiligheid op risicovolle plekken
Pestgedrag vindt vaak plaats op momenten en plekken waar minder direct toezicht is. Denk aan het buitenspelen, de gangen, het omkleden bij gym, de fietsenstalling of de toiletten. Juist op deze plekken kunnen kleine incidenten ongemerkt uitgroeien tot pestgedrag. Daarom is het belangrijk om ook buiten de klas actief te werken aan preventie en veiligheid.
Wat kun je als team doen?
- Het is belangrijk dat er voldoende toezicht is op alle plekken waar leerlingen zich zelfstandig bewegen (schoolplein, kleedkamers, gangen) en dat dit toezicht herkenbaar is. Leerlingen voelen zich veiliger als ze weten dat er wordt opgelet en dat er iemand in de buurt is bij wie ze terecht kunnen. Door bijvoorbeeld toezichthouders een opvallend hesje te laten dragen, is het voor eventuele pesters duidelijk dat hun acties opgemerkt zullen worden en verlaag je de drempel voor alle leerlingen om hulp te vragen of een incident te melden.
- Overal waar leerlingen zonder directe taak of structuur zijn, neemt het risico op conflicten toe. Zorg dus voor duidelijke afspraken, logische looproutes, een overzichtelijke inrichting en gestructureerde activiteiten. Denk bijvoorbeeld aan vaste spelzones, speelmateriaal of georganiseerde bezigheden tijdens pauzes. Verveling of chaos vergroten de kans op grensoverschrijdend gedrag, structuur verkleint die kans.
- Deel signalen binnen het team. Toezichthouders spelen een onmisbare rol in het signaleren van pestgedrag. Maar signaleren heeft alleen effect als het breder gedeeld wordt. Een leerling die herhaaldelijk wordt buitengesloten of opvallend teruggetrokken is, verdient extra aandacht. Zorg dat dit soort signalen besproken worden in het team, zodat patronen zichtbaar worden en tijdig actie kan worden ondernomen.
"Zichtbaar toezicht vergroot niet alleen veiligheid, maar verlaagt ook de drempel om hulp te vragen."
2. Vorm één front als schoolteam
Een gedeelde verantwoordelijkheid maakt het verschil. Leraren die zich gesteund voelen door collega’s zijn effectiever in hun optreden tegen pesten. Door als team één front te vormen, vergroot je de kans dat je een preventieve groepscultuur opbouwt en daarmee pesten zoveel mogelijk voorkomt.
Wat kun je als team doen?
- Vorm een sterk team dat met elkaar optrekt. Het gevoel gesteund te worden door collega’s, ontstaat wanneer collega’s elkaar (goed) kennen, wanneer ze van elkaars ervaringen kunnen leren en wanneer ze weten dat ze bij elkaar terecht kunnen. Simpele dingen als samen lunchen of sociale activiteiten kunnen ervoor zorgen dat er een hechte sfeer ontstaat en dat de collega’s écht een team vormen en dit ook zo voelen.
- Het klinkt als een open deur, maar om sociale veiligheid te kunnen waarborgen onder leerlingen, moet er sociale veiligheid in het team heersen. Ook onder leraren in schoolteams komt soms pestgedrag voor, hiërarchische verhoudingen kunnen ervoor zorgen dat sociale veiligheid niet vanzelfsprekend is en een open cultuur waarin iedereen zichzelf kan zijn, moet actief bewerkstelligd worden.
- Zorg voor een gezamenlijke visie op sociale veiligheid en pesten. Een duidelijke aanpak, gedragen door het hele team, vergroot de impact van je handelen. Het zorgt voor consistentie en voorkomt dat leerlingen leraren tegen elkaar uit kunnen spelen. Het is belangrijk hier regelmatig op te reflecteren. Kunnen jullie in het team terecht voor overleg over pestsituaties? En staan jullie als team stevig achter de aanpak die jullie hanteren?
"Consistent handelen lukt alleen wanneer het hele team dezelfde normen uitdraagt."
De school
Tot slot is het belangrijk om ook als school pestpreventie als één van de speerpunten centraal te stellen. Wanneer individuele leraren en het team zich inzet voor pestpreventie, maar de school hierin tekortschiet, zullen de inspanningen van de leraren en het team minder tot hun recht komen. De school speelt daarom ook een belangrijke rol in effectieve pestpreventie. Een krachtig middel om pesten te voorkomen, is een duidelijk antipestbeleid wat door alle schoolmedewerkers uitgedragen wordt. Dit beleid biedt een gedeeld kader voor wat wenselijk is in het sociale klimaat van de school.
"Zonder schoolbrede verankering blijft pestpreventie afhankelijk van individuele inzet."
Wat kun je als school doen met betrekking tot antipestbeleid?
- Maak gebruik van positieve formuleringen. Een sterke benadering is om niet alleen te werken vanuit regels tegen pesten, maar afspraken juist positief te formuleren. Wat voor gedrag willen we zien? Wat betekenen respect, betrokkenheid of vriendelijkheid concreet in de klas en op het schoolplein? Het benoemen en oefenen van gewenst gedrag maakt de groepsnormen helder en versterkt het moreel kompas van leerlingen.
- Betrek het hele team en ouders bij het opstellen van het antipestbeleid. Onderzoek laat zien dat antipestbeleid het meest effectief is als het gezamenlijk wordt ontwikkeld met het hele schoolteam en met ouders. Door ouders te betrekken, ontstaat gedeeld eigenaarschap. Dat is essentieel: pesten voorkomen, signaleren en aanpakken lukt alleen als school en ouders samenwerken.
- Maak het antipestbeleid duidelijk en toegankelijk voor iedereen. Een levend antipestbeleid staat niet in een map in de kast, maar wordt teruggezien in de dagelijkse praktijk op school en wordt uitgedragen door het team. Denk bijvoorbeeld aan:
- Heldere protocollen voor meldingen en opvolging;
- Posters of pictogrammen in de school met kernwaarden en afspraken;
- Foto’s in de school van vertrouwenspersoon/antipestcoördinator;
- Periodieke gesprekken met leerlingen en ouders over sociale veiligheid;
- Brievenbus om pesten (anoniem) te kunnen melden;
- Duidelijke afspraken over wat online wenselijk en grensoverschrijdend is.
- Geef aandacht aan cyberpesten in het antipestbeleid. Sociale media zijn niet meer weg te denken uit het leven van leerlingen. Een goed antipestbeleid besteedt daarom expliciet aandacht aan online gedrag. Denk onder andere aan:
- Duidelijke afspraken maken over wat online wenselijk, ongepast of grensoverschrijdend gedrag is;
- Digitale burgerschapsvorming integreren in het lesprogramma. Denk aan lessen mediawijsheid over respectvol online communiceren, omgaan met groepsdruk en het herkennen van online pestgedrag;
- Opvoedingspartnerschap met ouders versterken. Wees helder over wederzijdse verwachtingen: wat mag je als school verwachten van ouders bij signalen van online pesten? En wat kunnen ouders van school verwachten?
- Zorg voor meldstructuren waar leerlingen digitaal grensoverschrijdend gedrag veilig kunnen bespreken, zonder bang te zijn voor represailles.
- Maak gebruik van bestaande expertise. Het is niet nodig om het beleid vanaf nul op te bouwen. Maak gebruik van goede voorbeelden, expertise en materialen van anderen. Zie bijvoorbeeld:
"Een levend antipestbeleid is zichtbaar in de dagelijkse praktijk, niet verstopt in documenten."
Tot slot
In dit artikel zijn drie niveaus besproken waarop aan het voorkomen van pesten kan worden gewerkt. Natuurlijk is er nog veel meer wat op deze drie niveaus gedaan kan worden omtrent pestpreventie dan wat we in dit artikel konden bespreken, maar we hebben enkele zaken uitgelicht. Voor leraren is hun kennis over pesten en groepsprocessen, hun houding ten opzichte van pesten en hun zelfeffectiviteit rondom pesten van belang. Op teamniveau is het cruciaal om op risicovolle plekken te zorgen voor sociale veiligheid en als team één front in het voorkomen van pesten te vormen. En tot slot is op schoolniveau een helder en gedragen antipestbeleid essentieel. Het is belangrijk dat deze niveaus samenwerken, zoals in Figuur 1 weergegeven is.
.png)
Figuur 1. Een veilige school vorm je samen.
Wil je deze infographic gratis downloaden in hoge resolutie en op de hoogte blijven van nieuwe artikelen over dit thema? Schrijf je dan in voor het kennisdossier 'pesten en klasdynamiek' van de Wij-leren Academie.
"Wie pesten wil voorkomen, moet dagelijks bouwen aan veiligheid op alle niveaus van de school."
Maar wat als er ondanks deze inspanningen tóch pestgedrag ontstaat? Ook dan zijn de rollen van de leraar, het team en de school van groot belang. In het volgende artikel gaan we in op wat werkt zodra pesten zich voordoet en hoe je als leraar kunt ingrijpen om de balans in de groep te herstellen.
Referenties
- De Luca, L., Nocentini, A., & Menesini, E. (2019). The teacher’s role in preventing bullying. Frontiers in Psychology, 10, 1830. https://doi.org/10.3389/fpsyg.2019.01830
- Fischer, S. M., John, N., & Bilz, L. (2021). Teachers’ self-efficacy in preventing and intervening in school bullying: A systematic review. International journal of bullying prevention, 3(3), 196-212. https://doi.org/10.1007/s42380-020-00079-y
- Fischer, S. M., Woods, H. A., & Bilz, L. (2022). Class teachers’ bullying-related self-efficacy and their students’ bullying victimization, bullying perpetration, and combined victimization and perpetration. Journal of Aggression, Maltreatment & Trauma, 31(2), 184-203. https://doi.org/10.1080/10926771.2021.1933290
- Gregus, S. J., Rodriguez, J. H., Pastrana, F. A., Craig, J. T., McQuillin, S. D., & Cavell, T. A. (2017). Teacher self-efficacy and intentions to use antibullying practices as predictors of children's peer victimization. School Psychology Review, 46(3), 304-319. https://doi.org/10.17105/SPR-2017-0060.V46-3
- Hendrickx, M. M., Mainhard, M. T., Boor-Klip, H. J., Cillessen, A. H., & Brekelmans, M. (2016). Social dynamics in the classroom: Teacher support and conflict and the peer ecology. Teaching and Teacher Education, 53, 30-40. https://doi.org/10.1016/j.tate.2015.10.004
- Murphy, H., Tubritt, J., & Norman, J. O. H. (2018). The role of empathy in preparing teachers to tackle bullying. Journal of New Approaches in Educational Research, 7(1), 17-23. https://doi.org/10.7821/naer.2018.1.261
- Oldenburg, B., Bosman, R., & Veenstra, R. (2016). Are elementary school teachers prepared to tackle bullying? A pilot study. School Psychology International, 37, 64–72. https://doi.org/10.1177/0143034315623324
- Ross, L. (1977). The intuitive psychologist and his shortcomings: Distortions in the attribution process. In L. Berkowitz (Ed.), Advances in experimental social psychology (Vol. 10, pp. 173–220). New York, NY: Academic Press
- Van Aalst, D. A., Huitsing, G., Mainhard, T., Cillessen, A. H., & Veenstra, R. (2021). Testing how teachers’ self-efficacy and student-teacher relationships moderate the association between bullying, victimization, and student self-esteem. European Journal of Developmental Psychology, 18(6), 928-947. https://doi.org/10.1080/17405629.2021.1912728
- Van Aalst, D. A., Huitsing, G., & Veenstra, R. (2024). A systematic review on primary school teachers’ characteristics and behaviors in identifying, preventing, and reducing bullying. International Journal of Bullying Prevention, 6(2), 124-137. https://doi.org/10.1007/s42380-022-00145-7
- Van Aalst, D. A., Huitsing, G., & Veenstra, R. (2024). Understanding teachers’ likelihood of intervention in bullying situations: Testing the theory of planned behavior. International Journal of Bullying Prevention, 1-11. https://doi.org/10.1007/s42380-024-00209-w
- Van Gils, F. (2022). Powerless or powerful? Teachers' responses to bullying as perceived by students: Measurement, antecedents, and effects [Doctoral dissertation], KU Leuven.
- Van Gils, F. E., Colpin, H., Verschueren, K., Demol, K., Ten Bokkel, I. M., Menesini, E., & Palladino, B. E. (2022). Teachers’ responses to bullying questionnaire: a validation study in two educational contexts. Frontiers in Psychology, 13, 830850.https://doi.org/10.3389/fpsyg.2022.830850
- Van Gils, F. E., Verschueren, K., Demol, K., Ten Bokkel, I. M., & Colpin, H. (2023). Teachers' bullyingârelated cognitions as predictors of their responses to bullying among students. British Journal of Educational Psychology, 93(2), 513-530. https://doi.org/10.1111/bjep.12574
- Van Gils, F. E., Demol, K., Verschueren, K., ten Bokkel, I. M., & Colpin, H. (2024). Teachers’ responses to bullying: A person-centered approach. Teaching and Teacher Education, 148, 104660. https://doi.org/10.1016/j.tate.2024.104660
- Veenstra, R., Lindenberg, S., Huitsing, G., Sainio, M., & Salmivalli, C. (2014). The role of teachers in bullying: the relation between antibullying attitudes, efficacy, and efforts to reduce bullying. Journal of Educational Psychology, 106(4), 1135-1143. https://doi.org/10.1037/a0036110
- Yoon, J., & Bauman, S. (2014). Teachers: A critical but overlooked component of bullying prevention and intervention. Theory Into Practice, 53(4), 308-314. https://doi.org/10.1080/00405841.2014.947226
