Kijk eens bij de Nieuwe onderwijsboeken!

Pesten en klasdynamiek (7): De rol van de leraar in sociale dynamiek

Nathalie Hoekstra
Postdoctoraal onderzoeker ontwikkelingspsychologie bij Radboud Universiteit  

Hoekstra, N. (2025). Pesten en klasdynamiek, deel 7: De rol van de leraar in sociale dynamiek.
Geraadpleegd op 13-01-2026,
van https://wij-leren.nl/leraar-sociale-dynamiek.php
Geplaatst op 11 november 2025
Laatst bewerkt op 12 november 2025
Pesten en klasdynamiek (7): De rol van de leraar in sociale dynamiek

Hoe ontstaat een veilig klasklimaat? Welke rol speelt groepsdynamiek daarbij? En wat kun je als leraar doen als er sprake is van pesten? In deze artikelenserie duiken we dieper in de sociale processen binnen de klas en de mechanismen achter pesten, signaleren en ingrijpen. We verkennen de rol van pesters, slachtoffers, meelopers én leraren en laten zien hoe sociale veiligheid doelgericht versterkt kan worden.

Op basis van onderzoek en praktijkervaring beantwoorden we vragen als: Waar komt pestgedrag vandaan? Wat is de impact op het slachtoffer? Wat maakt een interventie effectief? En kan een andere zitplaatsindeling bijdragen aan een veiligere klas? Deze artikelenserie biedt concrete handvatten voor leraren, intern begeleiders, schoolleiders en ouders om actief bij te dragen aan een sociaal veilige leeromgeving, waarin ieder kind zich veilig, gezien en gesteund weet.

De rol van de leraar in sociale dynamiek

In de vorige artikelen is uitgebreid stilgestaan bij klasdynamiek, de verschillende vormen van pesten en de ingrijpende gevolgen die het kan hebben. Er is duidelijk geworden hoe complex pesten is en welke immense schade het kan aanrichten. In dit artikel richten we de blik op de rol van de leraar. In elke klas speelt de leraar een onmisbare rol in de sociale dynamiek en in het creëren van een sociaal veilige omgeving. Hoe kun je al vanaf het begin van het schooljaar werken aan een sociaal veilige klas? Welke houding, kennis en aanpak maken verschil? Hoe zorg je voor een stevig fundament waarop een veilige sociale dynamiek gebouwd kan worden?


Dit is het zevende deel van een artikelenserie over pesten en klasdynamiek. Lees ook de overige delen van deze serie:

- Deel 1: Sociale dynamiek in de klas

- Deel 2: De vele gezichten van pesten

- Deel 3: Het slachtoffer in beeld

- Deel 4: De pester onder de loep

- Deel 5: De sociale context van pesten

- Deel 6: De impact van pesten

Wil je op de hoogte blijven van nieuwe artikelen, tips en infographics? Schrijf je dan in voor het gratis kennisdossier van de Wij-leren Academie.


Hoe creëer je een sociaal veilige omgeving? 

Er zijn verschillende manieren waarop leraren een sociaal veilige omgeving kunnen creëren. We noemen er in dit artikel vier, waarbij we wetenschappelijke inzichten hebben vertaald naar praktische tips voor in de onderwijspraktijk. Deze aspecten zijn voor elke leraar, in elke klas, op elk moment van het jaar belangrijk. 

Tip 1: Stuur de sociale dynamiek op actieve wijze

Als leraar geef je elke dag en elk moment richting en vorm aan de sociale dynamiek in de klas. Deze invloed die leraren hebben op de onderlinge relaties in de groep wordt in wetenschappelijk onderzoek ook wel de onzichtbare hand van de leraar genoemd. Dit fenomeen is relatief recent geïntroduceerd in de literatuur rondom de rol van leraren in sociale dynamiek. Er wordt de laatste jaren steeds meer onderzoek naar gedaan. 

"Elke blik, elke reactie, elk gebaar van de leraar stuurt de onderlinge relaties in de klas, vaak zonder dat de leraar het zelf beseft."

In Figuur 1 wordt uitgelegd hoe de onzichtbare hand van de leraar werkt.

Figuur 1. De onzichtbare hand van de leraar.

Wil je deze infographic gratis downloaden in hoge resolutie? Schrijf je dan in voor het kennisdossier 'pesten en klasdynamiek' van de Wij-leren Academie. 

Wat kun je als leraar doen?

1. Word je bewust van je onzichtbare hand. De eerste stap is je bewust worden van je eigen onzichtbare hand. Leraren weten soms niet dát ze een onzichtbare hand hebben en hebben het gevoel dat ze weinig invloed kunnen uitoefenen op de onderlinge relaties tussen leerlingen. Natuurlijk zijn er verschillen tussen klassen en is het in de ene klas moeilijker dan in de andere, maar over het algemeen zijn er altijd mogelijkheden voor leraren om sturing te geven aan de sociale dynamiek.

2. Zie de sociale dynamiek als een beïnvloedbaar proces. Het is belangrijk dat je als leraar de sociale dynamiek ziet als een proces dat je actief kunt beïnvloeden, niet als een fenomeen dat buiten jouw invloedssfeer plaatsvindt. De onzichtbare hand werkt als het ware ‘achter de schermen’. Leerlingen hebben lang niet altijd door dat leraren bepaalde dingen bewust doen, maar deze zaken kunnen grote verschillen maken in het sociale reilen en zeilen in de klas.

Een voorbeeld is hoe de leraar omgaat met de verdeling van jongens en meisjes in de klas. Stel: je bent een leraar die jongens en meisjes niet mixt in je tafelgroepjes, je stimuleert jongens om vriendschappen met andere jongens te sluiten en meisjes om vriendschappen met andere meisjes te sluiten. Tot slot vraag je alleen de jongens na het weekend wat ze vonden van de voetbalwedstrijd die op tv was. Dan is het niet vreemd als er na verloop van tijd gendersegregatie optreedt en de jongens en meisjes in de klas als twee aparte groepen gaan functioneren en elkaar ook zo gaan zien.

Dit is natuurlijk een overdreven voorbeeld. Als dit een enkele keer gebeurt, leidt het niet meteen tot veranderingen in de sociale dynamiek, maar het voorbeeld toont aan hoe de onzichtbare hand van de leraar werkt. Zelfs goedbedoelde opmerkingen (zoals het vragen naar een voetbalwedstrijd) kunnen bepaalde boodschappen afgeven die uiteindelijk de sociale dynamiek kunnen beïnvloeden.

"Zelfs de kleinste gebaren van de leraar vormen onzichtbare lijnen in het web van de klas."

3. Zet actief strategieën in om de sociale dynamiek te kunnen managen. ‘Managen’ klinkt wellicht zakelijk en niet passend bij onderwijs, maar de vergelijking kan juist verhelderend werken. Een manager van een bedrijf kijkt ook niet van een afstandje toe wat er allemaal gebeurt, maar neemt een actieve rol in het leiden van de medewerkers. Wellicht gebruik je al zulke strategieën zonder dat je het weet. Voorbeelden van strategieën rondom management van sociale dynamiek zijn de volgende:

  • Specifieke duo’s bewust aan elkaar koppelen, bijvoorbeeld in de klasindeling (of: bepaalde duo’s juist niet aan elkaar koppelen);
  • Leerlingen met een lage status coachen, zodat zij vaardigheden ontwikkelen die kunnen leiden tot een gunstigere status in de klas;
  • Positieve leiderschapsvaardigheden van leerlingen met een hoge status stimuleren, bijvoorbeeld door hen leidende rollen te geven in het bereiken van klassendoelen;
  • Mogelijkheden creëren voor leerlingen zonder vrienden of met weinig vrienden om nieuwe vriendschappen op te bouwen, bijvoorbeeld door ze samen te laten werken met klasgenoten die ze nog niet zo goed kennen, maar met wie ze goed zouden kunnen matchen; 
  • De klasomgeving zo inrichten dat problematische vriendschappen zoveel mogelijk voorkomen worden, bijvoorbeeld door samenwerkingsgroepjes regelmatig te rouleren;
  • Leerlingen die agressief of gemeen gedrag laten zien, helpen alternatief gedrag te ontwikkelen, bijvoorbeeld door na incidenten met hen te bespreken welk ander gedrag ze beter hadden kunnen kiezen; 
  • Consistent en duidelijk zijn in het verbinden van gevolgen aan agressief of gemeen gedrag, bijvoorbeeld door heldere klassenregels op te stellen en deze ook echt na te leven wanneer dit nodig is. 

"Wie zich bewust is van zijn onzichtbare hand, kan actief sturen op verbondenheid, status en samenwerking in de klas."

Tip 2: Zorg dat je klas een positief team is

Zoals eerder in deze serie besproken, is de context van de klas en de groepsprocessen die zich hierin afspelen ontzettend belangrijk voor het sociale klimaat. Zowel positief als negatief gedrag ontstaat en blijft bestaan in een sociale context waarin het gedrag bewust of onbewust wordt toegestaan, goedgekeurd of zelfs beloond. Groepsnormen spelen hierbij een cruciale rol. Leerlingen stemmen hun gedrag af op wat ze denken dat ‘normaal’ is in de groep.

In klassen waar dominant of gemeen gedrag ‘normaal’ of ‘stoer’ gevonden wordt door de groep, krijgen agressie en pesten de ruimte. In klassen waar de groep waarden zoals ‘elkaar helpen’, ‘naar elkaar omkijken’ of ‘voor elkaar opkomen’ juist normaal of belangrijk vindt, zal juist dit gedrag vaker voorkomen (zie Figuur 2). Daarom is het essentieel dat je als leraar actief stuurt op een positief groepsklimaat. 

"Een positief klimaat ontstaat niet vanzelf; het vraagt om sturing, voorbeeldgedrag en duidelijke groepsnormen."

Figuur 2. Hoe groepsnormen de sfeer in de klas beïnvloeden.

Wil je deze infographic gratis downloaden in hoge resolutie? Schrijf je dan in voor het kennisdossier 'pesten en klasdynamiek' van de Wij-leren Academie.

Wat kun je als leraar doen?

  • Werk doelbewust aan groepsvorming. Gebruik werkvormen die wederzijdse kennismaking, samenwerking en inclusie stimuleren. Laat leerlingen elkaars talenten ontdekken en benutten en normaliseer verschillen. Coöperatieve werkvormen kunnen helpend zijn, vooral als iedereen een rol krijgt en moet bijdragen. Dit bevordert gelijkwaardigheid en wederzijdse afhankelijkheid.
  • Benoem en versterk gewenst gedrag. Observeer wie initiatief neemt om anderen ergens bij te betrekken, samenwerkt, empathie toont of opkomt voor een ander. Zet dit gedrag expliciet in het zonnetje door het te complimenteren of te belonen, zodat duidelijk wordt: dit is wat we normaal/fijn vinden in deze klas. Onderzoek toont aan dat klassen waarin populaire leerlingen prosociaal gedrag vertonen, vaker prosociale populariteitsnormen ontwikkelen. In zulke klassen is het stoer om behulpzaam en aardig te zijn.
  • Creëer een gezamenlijke ‘wij-taal’. Stimuleer gesprekken over waarden, afspraken en gewenst groepsgedrag. Laat leerlingen meedenken over wat voor klas ze willen zijn. Visualiseer dit bijvoorbeeld met een klasposter, groepsdoelen of ‘teamcode’.
  • Doorbreek subgroepen en informele hiërarchieën. Pas op dat er geen ‘in-group’ versus ‘out-group’-dynamiek ontstaat. Daarbij voelen sommige leerlingen zich onderdeel van de groep, terwijl anderen zich erbuiten ervaren. Wissel regelmatig groepssamenstellingen en zorg dat ieder kind in verschillende sociale rollen kan oefenen. Zorg ervoor dat alle kinderen het gevoel hebben erbij te horen. Door te zorgen dat ieder kind zich gezien voelt, versterk je het klassenklimaat. 
  • Werk aan gezamenlijke doelen. Geef de klas regelmatig een gedeeld doel waarvoor samenwerking nodig is, zoals een groepspresentatie, een project of een klassenmissie. Gymlessen of buitenlessen lenen zich hier uitstekend voor. Denk bijvoorbeeld aan met de hele klas een parcours afleggen, waarbij je elkaar over obstakels heen helpt. Leerlingen ervaren dan hoe het is om samen iets te bereiken. 
  • Stimuleer expliciet onderlinge steun. In een sociaal veilige klas steunen leerlingen elkaar. Hoewel dit voor ons als volwassenen vanzelfsprekend klinkt, is dat het in de praktijk vaak niet. Veel kinderen weten niet hoe ze steunend kunnen reageren in vervelende situaties. Ze kijken weg, twijfelen of voelen zich machteloos. Door expliciet te oefenen met steungedrag, verlaag je de drempel om in actie te komen. Hier vind je een voorbeeldopdracht om dit met je klas te oefenen. Meer voorbeeldopdrachten zijn te vinden in het gratis kennisdossier ‘pesten en klasdynamiek’.

Al met al is het vormen van een hecht team in de klas een doorlopend proces dat vraagt om heldere sturing, consistente aandacht en relationeel vakmanschap van de leraar. Wanneer alle leerlingen zich gezien, gewaardeerd en met elkaar verbonden voelen, draagt dit bij aan een positief sociaal klimaat. Een klas die voelt als een team, is  een zeer vruchtbare bodem voor sociale veiligheid. 

“Wie werkt aan wij-taal, gezamenlijke doelen en onderlinge steun, bouwt aan een cultuur waarin iedereen telt.”

Tip 3: Bouw aan sterke, warme relaties met elk van je leerlingen

De relatie tussen leraar en leerling is tevens enorm belangrijk bij het creëren van een sociaal veilig klimaat. De band die een leraar met individuele leerlingen en met de groep als geheel heeft, werkt door in hoe leerlingen vervolgens met elkaar omgaan. 

Dat blijkt onder andere uit een meta-analyse van 297 studies (Endedijk en collega's, 2022). Dit type onderzoek combineert de resultaten van eerdere studies en kijkt welke patronen daarin te onderscheiden zijn. Deze meta-analyse heeft aangetoond dat vooral negatieve aspecten in de leraar-leerlingrelatie, zoals conflicten, afstandelijkheid en afwijzing samengaan met sociale problemen tussen leerlingen. 

Ook blijkt dat de relatie met de leraar een schakel vormt tussen gedragsproblemen en groepsacceptatie. Leerlingen met moeilijk verstaanbaar gedrag hebben vaak een lagere sociale positie in de groep. Dit leidt tot een meer conflictueuze leraar-leerlingrelatie en dat hangt vervolgens weer samen met minder goede relaties met leeftijdsgenoten. Deze schakel is gelukkig ook van kracht bij leerlingen die zich positief gedragen. Onderzoek laat zien dat meer positief gedrag leidt tot een betere leraar-leerlingrelatie en dat staat weer in verband met positieve relaties met leeftijdsgenoten. De leraar blijkt dus een cruciale schakel te zijn. Deze resultaten benadrukken het belang van het bouwen van warme, sterke relaties met alle leerlingen. 

“De kwaliteit van de relatie met de leraar kleurt hoe leerlingen elkaar zien en behandelen.”

Wat kun je als leraar doen?

  • Investeer bewust in een goede relatie met alle leerlingen en geef iedereen regelmatig positieve, oprechte feedback. Reageer zichtbaar eerlijk, rechtvaardig en warm, juist in kleine dagelijkse momenten;
  • Check geregeld hoe het met leerlingen gaat, ook zonder aanleiding (“hoe zit je in je vel vandaag?”). Deze kleine incheckmomenten kunnen ervoor zorgen dat leerlingen zich meer gezien voelen;
  • Wees alert op uitsluiting of vooroordelen, ook in je eigen reacties of verwachtingen;
  • Corrigeer negatief gedrag zonder het kind als persoon af te wijzen (“ik zie dat dit gebeurt” i.p.v. “jij bent vervelend”). Spreek daarnaast je eigen irritatie of teleurstelling liefst 1-op-1 op een respectvolle manier met de leerling uit.

Zo bouw je als leraar aan meer dan een fijne sfeer: je legt de basis voor een sociaal veilig klimaat waarin leerlingen zich gezien voelen, voor elkaar opkomen en pesten minder kans krijgt. 

“Een sociaal veilig klimaat begint in de kleine, oprechte momenten van aandacht.”

Tip 4: Geef zelf het goede voorbeeld 

Tot slot, en dit klinkt ontzettend logisch, maar is soms in de praktijk nog best moeilijk: geef zelf het goede voorbeeld. Je stuurt als leraar de sociale dynamiek niet alleen via instructies, regels of gesprekken, maar ook via kleine, impliciete signalen in je gedrag en houding. Deze signalen worden door leerlingen feilloos opgepikt: Ze kijken voortdurend naar hoe jij je opstelt tegenover bepaalde klasgenoten en stemmen daar hun eigen gedrag op af. 

De leraar heeft in de klas namelijk een rol als sociale referent (sociaal voorbeeld). De sociale referentietheorie stelt dat het gedrag van de leraar fungeert als een bron van informatie voor leerlingen over de manier van met elkaar omgaan in de klas. Wat jij als leraar uitstraalt, wordt door leerlingen gekopieerd en vergroot: een negatieve houding tegenover één leerling kan leiden tot afwijzing of uitsluiting door de rest van de klas. 

Dit blijkt bijvoorbeeld uit een grootschalige Nederlandse studie met ruim 1400 leerlingen (Hendrickx en collega's, 2017). Als een leraar zich negatief opstelt tegenover een leerling, vinden klasgenoten die leerling drie maanden later ook minder aardig. Zes maanden later leidt dit zelfs tot meer afwijzing en uitsluiting in de groep. 

Opvallend is dat leerlingen negatieve signalen van de leraar veel sterker en eenduidiger waarnemen dan positieve. Wanneer gevraagd wordt: “op wie is de leraar vaak boos?”, noemen leerlingen vrijwel allemaal dezelfde klasgenoot en dat blijkt ook te kloppen met video-observaties. Maar vraag je: “wie krijgt vaak een compliment?”, dan lopen de antwoorden uiteen. Positieve interacties vallen dus minder op en worden minder gedeeld binnen de groep. Dat maakt het des te belangrijker om negatieve signalen te beperken en positieve interacties zichtbaar en expliciet te maken.

“Leerlingen spiegelen zich aan hun leraar. Elke blik, toon en houding vertelt iets over wat de norm in de klas is.”

Figuur 3. De leraar als sociale referent. 

Wil je deze infographic gratis downloaden in hoge resolutie? Schrijf je dan in voor het kennisdossier 'pesten en klasdynamiek' van de Wij-leren Academie. 

Deze patronen zijn het duidelijkst zichtbaar op de basisschool, waar leerlingen sterk letten op de goedkeuring van de leraar. In het voortgezet onderwijs verandert dit soms: daar kan het juist statusverhogend zijn om afstand te hebben tot de leraar. Negatieve aandacht van de leraar kan in die leeftijdsgroep onbedoeld leiden tot meer waardering of bewondering van leeftijdsgenoten. De rol van de leraar als sociale referent blijft bestaan, alleen de richting van de invloed verschuift. Ook in die fase blijft consequent, respectvol gedrag van de leraar van groot belang voor de sociale normen in de groep.

Wat kun je als leraar doen?

  • Wees je allereerst bewust van jouw modelrol. Niet alleen de ogen van de leerling met wie je interacteert zijn op jou gericht, ook die van alle andere klasgenoten;
  • Stel jezelf positief en vriendelijk op naar al je leerlingen, vooral in klassikale interacties of interacties waarbij meerdere leerlingen betrokken zijn;
  • Wanneer je leerlingen moet aanspreken op ongewenst gedrag, doe dit dan zoveel mogelijk onder vier ogen. Zo voorkom je dat leerlingen de correctie interpreteren als: ‘de leraar vindt leerling X vervelend’ en dit vervolgens overnemen. 

“Een correctie onder vier ogen voorkomt dat een individueel moment een groepsnorm wordt.”

Tot slot

In dit artikel zijn vier krachtige tips besproken waarmee je als leraar kunt bijdragen aan het creëren van een sterk groepsklimaat. Hiermee bouw je aan een positieve sociale dynamiek. Toch is het belangrijk om rekening te houden met de mogelijkheid dat pesten zou kunnen ontstaan. Het is cruciaal dat je als leraar, maar ook als team en als school aandacht besteedt aan pestpreventie. In het volgende artikel geven we daarom praktische tips om pesten te voorkomen.  

“Sterke relaties en duidelijke normen vormen het beste schild tegen pesten.”

Referenties

  • Endedijk, H. M., Breeman, L. D., Van Lissa, C. J., Hendrickx, M. M., Den Boer, L., & Mainhard, T. (2022). The teacher’s invisible hand: A meta-analysis of the relevance of teacher–student relationship quality for peer relationships and the contribution of student behavior. Review of Educational Research, 92(3), 370-412. https://doi.org/10.3102/00346543211051428
  • Farmer, T. W., Lines, M. M., & Hamm, J. V. (2011). Revealing the invisible hand: The role of teachers in children's peer experiences. Journal of Applied Developmental Psychology, 32(5), 247-256. https://doi.org/10.1016/j.appdev.2011.04.006
  • Hendrickx, M. M., Mainhard, T., Boor-Klip, H. J., & Brekelmans, M. (2017). Our teacher likes you, so I like you: A social network approach to social referencing. Journal of School Psychology, 63, 35-48. https://doi.org/10.1016/j.jsp.2017.02.004
  • Hendrickx, M. M., Mainhard, M. T., Boor-Klip, H. J., Cillessen, A. H., & Brekelmans, M. (2016). Social dynamics in the classroom: Teacher support and conflict and the peer ecology. Teaching and Teacher Education, 53, 30-40. https://doi.org/10.1016/j.tate.2015.10.004
  • Hendrickx, M. M., Mainhard, T., Oudman, S., Boor-Klip, H. J., & Brekelmans, M. (2017). Teacher behavior and peer liking and disliking: The teacher as a social referent for peer status. Journal of Educational Psychology, 109(4), 546–558. https://doi.org/10.1037/edu0000157
  • Laninga-Wijnen, L., Harakeh, Z., Garandeau, C. F., Dijkstra, J. K., Veenstra, R., & Vollebergh, W. A. M. (2019). Classroom popularity hierarchy predicts prosocial and aggressive popularity norms across the school year. Child Development, 90(5), E637-E653. https://doi.org/10.1111/cdev.13228 
  • Murphy, H., Tubritt, J., & Norman, J. O. H. (2018). The role of empathy in preparing teachers to tackle bullying. Journal of New Approaches in Educational Research, 7(1), 17-23. https://doi.org/10.7821/naer.2018.1.261
  • Van Aalst, D. A., Huitsing, G., Mainhard, T., Cillessen, A. H., & Veenstra, R. (2021). Testing how teachers’ self-efficacy and student-teacher relationships moderate the association between bullying, victimization, and student self-esteem. European Journal of Developmental Psychology, 18(6), 928-947. https://doi.org/10.1080/17405629.2021.1912728
  • Yoon, J., & Bauman, S. (2014). Teachers: A critical but overlooked component of bullying prevention and intervention. Theory Into Practice, 53(4), 308-314. https://doi.org/10.1080/00405841.2014.947226
Heb je vragen over dit thema? Stel ze in de onderwijs community binnen de Wij-leren.nl Academie!

Dossiers

Uw onderwijskundige kennis blijft op peil door 4000+ artikelen.