Verkeersmethode gratis proberen

Pseudowetenschap op school (5): Haat en liefde

Esther Monfils
Onderwijsspecialist bij Breinbloeiers  

Monfils, E. (2026). Pseudowetenschap op school (5): Haat en liefde.
Geraadpleegd op 13-10-2026,
van https://wij-leren.nl/haat-en-liefde-pseudowetenschap.php
Geplaatst op 27 juli 2026
Laatst bewerkt op 27 augustus 2026
Pseudowetenschap op school (5): Haat en liefde

Een aanpak die logisch klinkt, een professional die vol overtuiging vertelt en ouders die opgelucht zeggen dat er eindelijk iets werkt. Het klinkt al snel betrouwbaar. Toch zegt een overtuigend verhaal nog weinig over de kwaliteit van een methode. Pseudowetenschap herken je vaak pas als je kritische vragen stelt. Hoe reageert iemand op tegengeluid? Waar is de onderbouwing? Welke opleiding heeft de aanbieder gevolgd? En werkte de aanpak werkelijk, of horen we alleen de succesverhalen? In deze serie gaat orthopedagoog Esther Monfils in op verschillende elementen van pseudowetenschap.

In de discussie over neuromythen en dwaalwegen valt de haat-liefdeverhouding met wetenschappelijke bevindingen op. Op het moment dat wetenschap past bij het eigen idee, wordt ze liefdevol als bewijs aangedragen. Zodra er wetenschappelijke tegenargumenten zijn, is men kritisch op de wetenschap en zien we de ‘haat’. Dan stelt men: ‘Niet alles hoeft toch wetenschappelijk bewezen te zijn?’, ‘Ik durf verder te kijken’, ‘De wetenschap is niet zaligmakend’ en ‘Ik geloof dat het naast elkaar kan bestaan.’ Het is natuurlijk tegenstrijdig als je de wetenschap aan de ene kant omarmt en aan de andere kant het tegengeluid negeert. Als je daar van een afstandje naar kunt kijken, zie je dat de redenering niet klopt.

“Wetenschappelijk bewijs wordt soms omarmd of afgewezen op basis van de eigen overtuiging.”

Dat wordt confirmation bias genoemd: een valkuil van ons brein. In het Nederlands heet het bevestigingsvooroordeel en spottend ook wel cherry-picking. In mijn andere artikelen schrijf ik er ook over. Lees ze als je er meer over wilt weten. Ik geef je graag twee klassieke voorbeelden van confirmation bias uit reacties die ik kreeg op LinkedIn:

“Veel is te verklaren als je de juiste bronnen, wetenschappelijk onderzoek en opleidingen volgt.”

“Reflexintegratie is wel wetenschappelijk aangetoond, maar dan moet je wel naar de juiste bronnen kijken.”

De haat-liefdeverhouding zie ik overigens ook in de omgang met oude en nieuwe bevindingen. Ik mocht meermaals mijn argumenten uiteenzetten in een gesprek met een auteur die een relatie ziet tussen touwtjespringen en dyslexie en die schrijft dat lezen iets is wat je met je lijf doet. Deze auteur beroept zich op oude bevindingen die inmiddels zijn ingehaald, achterhaald zelfs. Voortschrijdend inzicht noemen we dat.

Toch vroeg deze auteur zich in onze discussie hardop af: ‘Waarom moet alles toch opnieuw bewezen worden?’ Overigens hoor ik het vaker: een verzuchting, gevolgd door: ‘En dan komt er een nieuw onderzoek en gaan we allemaal weer de andere kant op.’ Ja, inderdaad! Als een zwerm vogels die door de lucht danst, zoekend naar de beste flow. Zo verkent de wetenschap allerlei zaken die het bestuderen waard zijn. En dat betekent dus meebewegen. Dat dit voor de praktijk lastig is, snap ik heus. Het is echter wat het is. Kennisverbreding en -verdieping een halt toeroepen omdat we niet willen veranderen, lijkt mij zeer onwenselijk.

“Voortschrijdend inzicht vraagt dat de praktijk met nieuwe kennis meebeweegt.”

Over vogels gesproken. Ik geef graag het volgende voorbeeld om uit te leggen dat het meenemen van tegengeluid zeer waardevol is bij kritisch denken en helpt om cherry-picking te voorkomen: als je wilt weten of alle raven zwart zijn, moet je niet op zoek gaan naar raven die zwart zijn, maar juist naar raven die het niet zijn. Ik las het ooit ergens, weet niet meer waar, sorry, en vond het enorm beeldend. Nee, ik ben geen beelddenker, beelddenken is een dwaalweg... Om mezelf te behoeden voor valkuilen, ik ben ook maar een mens, zeg ik het regelmatig tegen mezelf. Een soort kritisch-zijn-mantra. Laatst gooide ik hem weer eens op LinkedIn. De reactie was: ‘Ach, zwarte raven zijn er nu eenmaal. Evenals witte. Ontkennen of negeren laat ze niet opeens verdwijnen.’

Hiermee was de discussie voorbij. Sjamadriaan (een bekende mythbuster die ook op Instagram te vinden is) zei laatst op LinkedIn: ‘Zodra de onzin is weerlegd, krijg je een reis vol liefde toegewenst en praten we niet meer over de inhoud.’ Herkenbaar! Zo wenste de eerdergenoemde auteur me een heel fijn leven. Later stuurde diegene me tot mijn verbazing een nieuw LinkedIn-connectieverzoek. Na wederom een discussie volgde: ‘Veel plezier, Esther! En geniet van het mooie weer!’ Vervolgens werd ik geblokkeerd. En hup, weg was de connectie.

“Wie naar afwijkende raven zoekt, toetst zijn overtuiging in plaats van haar te bevestigen.”

Met de haat-liefdeverhouding illustreerde ik een tegenstrijdigheid. Diezelfde tegenstrijdigheid zie ik terug bij wetenschap tegenover gevoel. Die kaart wordt ook vaak getrokken. Wetenschappelijk denken wordt neergezet als een spirituele beperking en verlichting zou zijn weggelegd voor degenen die ongeijkte paden durven te bewandelen. Laatst mocht ik ook weer zalvend worden toegesproken met: ‘Ik moet glimlachen om je verwachte reactie.’ Ik was nog niet vrij en zat vast in mijn cognities. Een mooie manier om van de inhoud weg te draaien, wel treurig. Wetenschappelijk denken staat niet tegenover sensitief en intuïtief zijn. Zo wordt het echter wel vaak neergezet door beoefenaars van dwaalwegen. Denken en voelen zijn geen tegenpolen. Ze versterken elkaar juist. Zie het tegenover elkaar plaatsen als een alarmbel.

Mijn ervaring is dat deze tegenstelling wanhoop voedt. Ze speelt in op angst en bezorgdheid en op het gebrek aan kennis van degene aan de andere kant van de tafel. Dat is niet pluis. Zeker niet als dat vergezeld gaat van uitspraken als: ‘Iedere ouder wil het beste voor zijn kind en dat is mijn [verwijzing naar eigen of ingezette methode of product]’ en ‘Nu je dit weet, kun je er niet niet iets mee.’ Soms gaat dit ook gepaard met grote vraagtekens bij wetenschappelijke bevindingen waar consensus over bestaat, soms op het complottheoretische af. Dan is het zelfs zeer kwalijk, omdat we het dan hebben over misleiding en erin zitten voor eigen gewin. Het is zorgelijk dat dwaalwegbeoefenaars zichzelf neerzetten als kenner en daarbij dingen zeggen als: ‘Scholen zijn nog niet op de hoogte van deze theorie of methode.’ Het onderwijs loopt dus achter of er werken nitwits, is wat ze eigenlijk zeggen. Zij hebben de oplossing!

“Wetenschappelijk denken en intuïtie kunnen elkaar versterken wanneer de inhoud centraal blijft staan.”

In augustus 2024 deelde Coen Dros, die op Instagram bekend is onder de naam Coenfirmation Bias (hoe goed gevonden!) de 10 sciencecheck geboden. Ik besluit dit artikel daar graag mee:

  1. Dat het op pubmed staat maakt het niet meteen goede wetenschap.
  2. Wetenschap aanhalen maakt nog niet wetenschappelijk bewezen.
  3. Wantrouw iedereen die niet verder kijkt dan de samenvatting.
  4. Een blog/boek/podcast is geen wetenschappelijk bewijs.
  5. Sterke claims baseren we altijd op het lichaam van bewijs.
  6. Als je de bronnen niet checkt kan het net zo goed een sprookje zijn.
  7. Je kunt niet een vraag beantwoorden met een studie die een andere vraag stelt.
  8. Geen bewijslusten zonder bewijslasten.
  9. Trouw nooit met een hypothese.
  10. Een eigen waarheid en wetenschap gaan niet samen.

Meer lezen over pseudowetenschap in het onderwijs?

Esther Monfils schreef Houd pseudowetenschap buiten de schooldeur, een praktische gids die onderwijsteams helpt om kritisch te blijven en onderbouwde keuzes te maken. Bestel het boek hier of lees onze uitgebreide boekbespreking.

Heb je vragen over dit thema? Stel ze in de onderwijs community binnen de Wij-leren.nl Academie!

Dossiers

Uw onderwijskundige kennis blijft op peil door 4000+ artikelen.