Gilles de la Tourette

Het syndroom van Gilles de la Tourette (of kortweg 'Tourette') is een neuro-psychiatrische aandoening. Gilles de la Tourette wordt gekenmerkt door tics en de aandoening komt naar schatting bij 1% van de bevolking voor.
 
De oorzaak is nog deels onduidelijk, maar het staat vast dat erfelijkheid een rol speelt en het syndroom tot uiting komt door één of meerdere triggers.
 
Een tic is een plotselinge, snelle, herhalende, niet-ritmische beweging of geluid. Tics komen vaak voor bij kinderen, maar er is dan zeker niet meteen sprake van Tourette. De diagnose Tourette wordt gesteld als de tics ontstaan voor het 18e levensjaar en de persoon langer dan een jaar minstens twee motorische tics (bewegingen) heeft en één vocale tic (geluid).
 
Voorbeelden van motorische tics zijn extreem knipperen met de ogen of het opensperren van de mond. Vocale tics zijn bijvoorbeeld keelschrapen of grommen. Soms worden (eigen) woorden of zinnen herhaald. Een minder vaak voorkomend symptoom van Tourette is coprolalie, dit is het uiten van vloek- of scheldwoorden. Dit komt naar schatting bij 14-20 % van de mensen met Tourette voor.
 
Een derde soort tic zijn gedachtentics. Mensen met Tourette hebben vaak beelden die zich opdringen of er moeten bijvoorbeeld in gedachten steeds sommetjes opgelost worden die op een vast getal uit moeten komen. Geen persoon met Tourette is gelijk en tics kunnen steeds verschillen wat betreft ernst en frequentie. Rustige periodes en periodes met meer tics wisselen elkaar af. Stress en vermoeidheid kunnen de tics verergeren.
 
Het syndroom van Gilles de la Tourette gaat vaak gepaard met andere aandoeningen, zoals ADHD, OCD en ASS. Ook spanningsverschijnselen, slaap- en emotionele stoornissen (angst, depressiviteit, woede) en concentratieproblemen komen opvallend vaak voor.
 
Om begrip te krijgen voor de tics, is het raadzaam om de leerkracht en omgeving van het kind met Tourette goed op de hoogte te brengen over wat het kind nodig heeft en hoe om te gaan met de tics en overige symptomen. Door medeleerlingen te informeren (bijvoorbeeld met een spreekbeurt) kan pestgedrag (nadoen van de tics) vaak voorkomen worden.
 
Externe links:

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.