Lezend in Biesta

Harm Klifman

Senior adviseur bij Van Beekveld en Terpstra

  

harm.klifman@vbent.org

  Geplaatst op 1 juni 2015

Klifman, H. (2015) Lezend in Biesta.
Geraadpleegd op 23-05-2017,
van http://wij-leren.nl/gert-biesta-onderwijs-filosofie.php

In deze bijdrage wil ik ingaan op mijn leeservaringen bij (enig) werk van Gert Biesta, de onderwijspedagoog die onlangs werd benoemd aan de Universiteit voor Humanistiek.

Biesta maakt nogal opgang op dit moment terwijl hij bepaald een tegendraads geluid laat horen als het gaat om de richting waarin het denken over onderwijs zich ontwikkelt. Dit is uit te leggen als een teken dat er een grens is bereikt.

‘Lezend in Biesta’ constateer ik bij mezelf zowel bewondering als reserves. In deze column wil ik aan beide aandacht schenken.

Ik heb niet alles van Biesta gelezen. Mijn leeservaringen zijn gebaseerd op lezing van:

  •  Goed onderwijs en de cultuur van het meten. Ethiek, politiek en democratie,
  • ;Het prachtige risico van onderwijs;
  •  het interview met Biesta in Het alternatief. Weg met de afrekencultuur in het onderwijs;
  •  het themanummer van De Nieuwe Meso over Biesta (september 2015);
  •  en zo nog wat artikelen.

Ik ga in het vervolg in korte tekstblokken in op mijn uiteenlopende leeservaringen.

1. Pedagoog of filosoof?

Biesta noemt zichzelf onderwijspedagoog en hij is dat ongetwijfeld. Maar hij is ook opgeleid als filosoof en veel van wat ik las, beschouw ik eerder als een bijdrage aan onderwijsfilosofie dan aan onderwijspedagogiek.

Doet dat ertoe? Ja, ik denk van wel, al was het maar omdat het me helpt om te begrijpen waar hij mee bezig is. Filosofen hebben in de regel een wat andere manier van werken dan beoefenaren van andere wetenschappelijke disciplines. Waar anderen zich bekommeren om wetmatigheden in hun veld van onderzoek, reflecteren filosofen op enig afstand van de realiteit over die realiteit.

Zij doen dat net als andere wetenschappers door te kijken naar wie hier eerder iets over gezegd heeft, alleen ziet dat er bij filosofen anders uit. In de regel gaan filosofen staan op de schouders van de reuzen vóór hen en doen zij een poging die reuzen goed te verstaan en er zelf iets aan toe te voegen, gegeven het thema waarover zij schrijven.

Dit is ook de methode die Biesta veelal volgt als hij filosofen als Dewey, Derrida, Rancière, Levinas en anderen gebruikt als een referentie voor zijn eigen kijk op de dingen. Hij is daarin heel transparant. Maar het resultaat leest anders dan het maakt niet uit welk boek met een onderwijskundig onderwerp.

2. Wat is onderwijs meer dan meten?

Het is vanuit een filosofische optiek dat Biesta een kritische reflectie geeft op de huidige, overspannen cultuur van meten. Waar anderen steeds roepen: ‘onderwijs is meer dan meten’ en dan stilvallen, maakt Biesta de zin af door precies aan te geven wat dat meer is en waar de risico’s van het meetcultuur zitten. Knap werk.

3. Dialoog op niveau

Mooi is ook dat Biesta de dialoog over onderwijs op een plan tilt waar het maatschappelijk debat over onderwijs maar moeilijk naar reikt. De dingen die hij zegt, zijn niet nieuw maar komen wel beter door. Ik noem een paar voorbeelden.

Biesta merkt op dat veel gesprekken en ook veel wetenschappelijk onderzoek over onderwijs gaan over de effectiviteit en efficiency van onderwijsprocessen. Over het waartoe van die processen, over de doelen, wordt eigenlijk nooit gesproken. Terecht vestigt hij de aandacht hierop. Een paar jaar geleden ging de Commissie Halsema hem op dit punt trouwens voor, (zie rapport 'Een lastig gesprek'. Advies Commissie Behoorlijk Bestuur, september 2013).

Deze commissie roept toezichthouders op kritische vragen te stellen en door te vragen om daarmee te voorkomen dat processen een ongewenste dynamiek gaan vertonen.

Ander voorbeeld. Biesta vestigt opnieuw de aandacht op het gegeven dat het in onderwijs altijd gaat om drie zaken: socialisatie, persoonsvorming (subject wording) en kwalificatie. Biesta noemt deze drie graag ‘doeldomeinen’ van onderwijs en niet ‘functies’, omdat ze alle drie altijd aan de orde zijn, in welke onderlinge weging dan ook.

Toen ik Biesta las, trof de helderheid van het verhaal me. Het rare was dat ik dezelfde onderscheidingen later opnieuw tegen kwam toen ik de oratie van Edith Hooge (Besturing van autonomie. Over de mythe van bestuurbare onderwijsorganisaties) herlas. Waarom pikte ik dit niet eerder op als relevant?

4. Professionele ruimte

Ieder zijn voorkeur, maar voor mij is Gert Biesta op zijn best als hij het heeft over de professionele ruimte die een professional nodig heeft om zijn eigen afwegingen te maken. Hier hetzelfde als bij de meetcultuur: iedereen heeft het tegenwoordig over professionele autonomie en professionele ruimte maar vervolgens valt het stil.

Biesta weet heel goed aan te geven wat de kern is van die autonomie. Ik vat die kern samen als ‘de discretionaire bevoegdheid’ van de professional om in individuele gevallen een individuele beslissing te nemen die anders kan zijn dan het protocol voorschrijft. Ik kan het alleen maar beamen met een dikke streep eronder.

In 'Goed onderwijs en de cultuur van het meten' en vooral in 'Het prachtige risico van onderwijs' zegt Biesta hier leerzame dingen over. Was iedere docent zich maar bewust van deze eigenheid van zijn professie. Ik smolt toen ik mooie passages hierover las.

5. Bronnen

Nog even terug naar de bronnen die Biesta gebruikt. Biesta is een echte ‘Europäer’ met een brede blik. Hij citeert Franse filosofen maar is, mede door zijn dissertatie, ook kenner van Dewey en het pragmatisme. Ook blijkt hij goed bekend met het werk van Kant en van iemand als Hannah Arendt. Anders gezegd, hij is van vele markten thuis.

Ook als ik kijk naar de bronnen die hij gebruikt voor zijn visie op de ontwikkeling van onze cultuur dan zie ik dat hij niet ‘nationaal’ denkt maar Europees, of beter: mondiaal. Hij gebruikt bronnen uit verschillende landen en verschillende continenten. Aan de ene kant is dat mooi om te zien, aan de andere kant roept het wel vragen op.

Ik geef een voorbeeld. In 'Het prachtige risico van onderwijs' gaat Biesta in op publicaties van de OECD en geeft hij feilloos aan wanneer de sprong gemaakt wordt van ‘het recht op onderwijs’ naar ‘de plicht tot permanente educatie’. Wat mij betreft een onthullende analyse. 

Ik moest bij lezing van die passage denken aan begin mei 1988 toen de toenmalige minister van Onderwijs, drs. Wim Deetman, de notitie ‘De school op weg naar 2000’ uitbracht, die voor Nederland onmiskenbaar het begin vormde van de manier van kijken naar onderwijs waartegen Biesta zich in zijn publicaties verzet.

Nederland moest sterk staan in een Europa zonder economische grenzen, moest kennisland worden met hoge onderwijsopbrengsten. Een economisch gedreven verhaal, heel competitief ook. Hoewel die doelstellingen alle jaren nadien centraal zijn blijven staan in het overheidsbeleid, heeft diezelfde overheid wel nuanceringen aangebracht.

Ik denk aan de herdefiniëring van de kerntaken van de overheid ten aanzien van onderwijs, zoals verwoord in de toelichtingen op de Onderwijsbegrotingen van 1991 en 1993. Maar goed, die nuanceringen kwamen er niet vanzelf. Daar was wel tegenkracht voor nodig.

Tegen de achtergrond van deze ervaring plaats ik een kanttekening bij de analyses van Biesta die ik tegelijkertijd lastig vind te onderbouwen. Ik bedoel dit: Biesta schetst een beeld van de ontwikkeling van onderwijs op basis van bronnen die betrekking hebben op ontwikkelingen in allerlei landen. Er zit een zeker globaal karakter in die bronnen.

Mijn aarzeling bestaat hierin dat ik me afvraag of het beeld dat Biesta schetst niet erg is ingegeven door de bronnen die hij gebruikt terwijl daar, wat preciezer kijkend, ook andere bronnen tegenover kunnen worden gesteld. Zie mijn voorbeeld hierboven. Ook bedoel ik bronnen die niet alleen kijken naar wat overheden als wenselijk beschouwen, maar die tegengeluiden laten horen en door dat geluid de feitelijke onderwijspraktijk mede beïnvloeden.

En om bij die onderwijspraktijk te blijven: vertoont de feitelijke praktijk, het onderwijs zoals dat zich dagdagelijks afspeelt op vele scholen te onzent, niet een veel genuanceerder beeld van de werkelijkheid? Anders gezegd, Eurocommissarissen, Europese organisaties (OECD), ministers en staatssecretarissen van Onderwijs kunnen wel van alles ‘roepen’ maar het onderwijs heeft zijn eigen dynamiek.

En dat is maar goed ook! Ik herinner hier aan de oratie van Edith Hooge over de ingewikkelde bestuurbaarheid van onderwijs. Er zit heel wat tegenkracht in de sector zelf. De conclusie die ik hieraan verbind, is deze: we moeten Biesta in zijn analyses zeer serieus nemen en tegelijkertijd er niet in geloven. Want zodra we erin geloven dat het waar is, denken we dat de werkelijk zo in elkaar zit en gaan we daar naar handelen. Dat moeten we niet doen.

Neem het mooie voorbeeld dat Biesta geeft over de rol van de ouder. Die wordt in het neoliberale klimaat van deze tijd vooral gepositioneerd als consument die eisen stelt. Het is een variant van een breed fenomeen. Is het niet NRC-columnist Bas Heijne die met regelmaat ageert tegen deze reductie door de overheid van de burger tot consument? (Gek, ook gemeenten doen daar hard aan mee. Die labelen hun diensten ook steeds vaker als ‘producten’) 

En inderdaad, scholen krijgen in toenemende mate te maken met mondige ouders. Ik hoor met enige regelmaat schoolleiders en bestuurders over ouders en leerlingen spreken als ‘klanten’. Helaas. Een school is geen winkel en ouders en leerlingen zijn geen klanten. Schoolleiders en bestuurders moeten ouders daarom niet in die rol bevestigen door deze taal te gebruiken.

Als diezelfde schoolleiders en bestuurders naar het ziekenhuis gaan, gedragen ze zich toch ook niet als consument of klant maar zijn ze toch gewoon (mondige) patiënt? Nou dan. Ik hoop dat er voldoende tegenkrachten zijn in scholen die kiezen voor partnerschap van ouders.

6. Vlaamse (ortho)pedagogen

Over bronnen gesproken: ik miste er wel een paar in het werk van Biesta. Ik denk daarmee aan drie Vlaamse (ortho-)pedagogen: Willy Wielemans, Roger Standaert en Juliaan van Acker, alle drie scherpzinnige en kritische volgers van overheidsbemoeienis met onderwijs.

7. Duidelijk?

Biesta reflecteert op onderwijs op een eigen en originele manier. Hij relateert de opgaven van onderwijs aan zaken als:

  • democratie;
  • emancipatie;
  • politiek;
  • ethiek;
  • en zo nog meer.

Hij is daarin goed te volgen, maar roept tegelijk bij mij wel de vraag op: vertel, wat is de bedoeling? Vaak heb ik last van het achterwege blijven van een duidelijke omschrijving van bijvoorbeeld ‘democratie’ of ‘politiek’ waardoor het betoog wat blijft zweven. Bovendien, vaak zit er een polemische ondertoon in zijn publicaties en dat is prettig en duidelijk.

Maar soms roept dit ook de vraag op.

  • Tegen wie verzet je je nu eigenlijk?
  • Is dat tegen de feitelijke praktijk in/van het onderwijs zoals je dat ergens concreet aantreft?
  • Is dat tegen een (door politici/bewindspersonen) gepropageerde realiteit?
  • Is het tegen een filosofisch discutabele ideologie?

8. Reflectie op concrete initiatieven

In het verlengde van het voorgaande: ik zou het wel interessant vinden als Biesta reflecteert op heel concrete documenten zoals het Onderwijsakkoord PO 2014, de brief aan de Tweede Kamer over ‘Toezicht in transitie’  en de beleidsbrief ‘Versterking bestuurskracht’. Om maar eens wat te noemen.

Ik bedoel niet te beweren dat Biesta onzin schrijft als je naar de praktijk kijkt, maar omgekeerd: zijn betoog zou aan kracht winnen als het herkenbaar wordt gemaakt aan de hand van heel concrete beleidsimpulsen. Het zou het bereik van zijn inzichten aanzienlijk vergroten, denk ik.

Klifman, H. (2015) Lezend in Biesta.
Geraadpleegd op 23-05-2017,
van http://wij-leren.nl/gert-biesta-onderwijs-filosofie.php

Gerelateerd

Introductieworkshop Model voor Effectief Lesgeven
Introductieworkshop Model voor Effectief Lesgeven
Praktische actiestappen voor een goede les
Bazalt 
Overtuigend leiderschap
Overtuigend leiderschap
Werken aan uw persoonlijke overtuigingskracht
Medilex Onderwijs 
Herregistratie door informeel leren
Herregistratie door informeel leren
Je eigen praktijk verbeteren čn herregistreren schoolleidersregister
De lerende school 
Professionele vrijheid
Professionele vrijheid in het onderwijs
Machiel Karels
Subjectificatie
Persoonsvorming of subjectificatie? Een poging tot verdere verheldering
Gert Biesta
Onderzoekende leraar
Op weg naar opbrengstveroorzakend onderwijs?
Dolf Janson
Citoscore misverstanden
Meten is niet ŕlles weten
Teije de Vos
Biesta reflectie
Reflecties bij Het prachtige risico van onderwijs van Gert Biesta
Harm Klifman
Leraarschap waarderen
Waarom je als leraar trots op je vak zou moeten zijn
Dolf Janson
Wereldgericht onderwijs
Wereld-gericht onderwijs: vorming tot volwassenheid
Gert Biesta
3000 jaar denkers over onderwijs
3000 jaar denkers over onderwijs
Machiel Karels
Het prachtige risico van onderwijs
Het prachtige risico van onderwijs – Gert Biesta
Machiel Karels
Het Alternatief
Het Alternatief - weg met de afrekencultuur in het onderwijs!
Machiel Karels
Doel van onderwijs
Luc Stevens: Neutraal onderwijs is een illusie
Machiel Karels

Duobanen
Wat is bekend over duobanen in het onderwijs?
Integratie vluchtelingen
Welk onderwijs leidt tot werk op niveau voor hoger opgeleide vluchtelingen?
Nakijken en feedback
Heeft het nakijken van schriften zin?
Strategieën voor zelfregulering
Hoe kunnen leerlingen de regie over hun eigen leerproces voeren?
Ouderbetrokkenheid en leerresultaten
Wat is de relatie tussen ouderbetrokkenheid en leerresultaten?
Ouderportalen
Welke voor- en nadelen zien scholen, ouders en besturen in ouderportalen?
Sturen kwaliteit po
Ongemak van Autonomie: Sturen van onderwijskwaliteit in het primair onderwijs
Nurture of nature
Invloed van gezin, school en docent op ontwikkeling natuurlijke talenten in het basisonderwijs
Welwillend tegenover zorgleerlingen
Ouders welwillend tegenover ‘zorgleerlingen’ in de klas
Digitaal oefenen taal rekenen vo
Digitaal oefenen en ouderbetrokkenheid bij taal- en rekenprestaties in het voortgezet onderwijs
Veranderaanpak leerKRACHT 2013 2014
Evaluatieonderzoek veranderaanpak leerKRACHT 2013-2014
Leraren en ouderbetrokkenheid
De rol van leraren in de effectiviteit van ouderbetrokkenheid
Educational governance
Het ongemak van autonomie, onderwijsbeleid tussen vrijheid en verantwoording
Onderwijskwaliteit po 2009 2012
Onderwijskwaliteit in het basisonderwijs in de periode 2009-2012
Kwaliteitsbeleid
Educational governance: strategie, ontwikkeling en effecten
HRM schoolprestaties
Human Resource Management (HRM) en schoolprestaties
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
Schrijf in voor de nieuwsbrief
[extra-breed-algemeen-kolom2]

Lezend in Biesta



Inschrijven nieuwsbrief

Volg wij-leren.nl

Volg ons op LinkedIn Volg ons op twitter Volg ons op facebook

Mis geen bijdragen.